Getypte brief (doorslag) met handgeschreven aantekening.
Origineel
Getypte brief (doorslag) met handgeschreven aantekening. 7 december 1939. De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke instantie of politieafdeling te Amsterdam). Den Heer I. de Magtige, Joden Breestraat 47 II, Amsterdam-C. vP/DV.
18/55/6 M.
1
[Handgeschreven, diagonaal:] Verzonden 7/12-’39.
7 December 1939.
den Heer I. de Magtige,
Joden Breestraat 47 II,
AMSTERDAM-C.
Wijk 2.
Onder terugzending van de met Uw brief d.d. 5 de-
zer ontvangen oude opkoopersvergunning deel ik U mede, dat ik
in de door U verstrekte gegevens geen aanleiding vind om
te Uwen behoeve verdere stappen te doen.
De Directeur, De brief is een formele, zakelijke afwijzing. De ontvanger, de heer I. de Magtige, heeft op 5 december 1939 een verzoek ingediend (waarschijnlijk voor verlenging of wijziging van een vergunning) en daarbij zijn oude "opkoopersvergunning" (een vergunning voor het opkopen van tweedehands goederen) meegestuurd.
De directeur van de betreffende instantie stuurt de oude vergunning terug en deelt mede dat er op basis van de verstrekte gegevens geen aanleiding is om "verdere stappen te doen". Dit impliceert dat een aanvraag is afgewezen of dat de instantie geen mogelijkheden ziet om de heer De Magtige verder te helpen in zijn dossier. De toon is kort en ambtelijk. Het document dateert van vlak voor de Duitse inval in Nederland (mei 1940). De locatie van de ontvanger, de Jodenbreestraat 47 in Amsterdam, bevond zich in het hart van de Joodse buurt.
Uit archiefonderzoek (o.a. Joods Monument) blijkt dat op dit adres Isaac de Magtige woonde, die van beroep lompen- en metaalhandelaar was. Voor dergelijke beroepen was een opkopersvergunning essentieel. Het feit dat deze vergunning of een verzoek daaromtrent eind 1939 werd afgehandeld (en hier schijnbaar gestokt is), geeft een inkijkje in de bureaucratische processen waar Joodse kleine ondernemers in die tijd mee te maken hadden. Isaac de Magtige is later, in 1943, in Sobibor vermoord. Dit document vormt daarmee een tastbaar overblijfsel van zijn dagelijkse professionele leven vlak voor de Shoah. C.
Samenvatting
De brief is een formele, zakelijke afwijzing. De ontvanger, de heer I. de Magtige, heeft op 5 december 1939 een verzoek ingediend (waarschijnlijk voor verlenging of wijziging van een vergunning) en daarbij zijn oude "opkoopersvergunning" (een vergunning voor het opkopen van tweedehands goederen) meegestuurd.
De directeur van de betreffende instantie stuurt de oude vergunning terug en deelt mede dat er op basis van de verstrekte gegevens geen aanleiding is om "verdere stappen te doen". Dit impliceert dat een aanvraag is afgewezen of dat de instantie geen mogelijkheden ziet om de heer De Magtige verder te helpen in zijn dossier. De toon is kort en ambtelijk.
Historische Context
Het document dateert van vlak voor de Duitse inval in Nederland (mei 1940). De locatie van de ontvanger, de Jodenbreestraat 47 in Amsterdam, bevond zich in het hart van de Joodse buurt.
Uit archiefonderzoek (o.a. Joods Monument) blijkt dat op dit adres Isaac de Magtige woonde, die van beroep lompen- en metaalhandelaar was. Voor dergelijke beroepen was een opkopersvergunning essentieel. Het feit dat deze vergunning of een verzoek daaromtrent eind 1939 werd afgehandeld (en hier schijnbaar gestokt is), geeft een inkijkje in de bureaucratische processen waar Joodse kleine ondernemers in die tijd mee te maken hadden. Isaac de Magtige is later, in 1943, in Sobibor vermoord. Dit document vormt daarmee een tastbaar overblijfsel van zijn dagelijkse professionele leven vlak voor de Shoah.