Dienstbrief / Betalingsherinnering (aanmaning).
Origineel
Dienstbrief / Betalingsherinnering (aanmaning). 25 januari 1940. De Directeur van het Marktwezen Amsterdam, Jan van Galenstraat 14. Den Heer M. Ephraim, Swammerdamstraat 33 II, Amsterdam-Oost (Wijk 11). [Briefhoofd met logo Gemeente Amsterdam]
MARKTWEZEN
AMSTERDAM DV.
TELEFOONNUMMER 85151
VERZOEKE BIJ BEANTWOORDING DATUM EN NUMMER TE VERMELDEN
No. 31/8/3 M.
BIJLAGE _
ONDERWERP: _
Verzonden 25/1-'40 [handgeschreven]
AMSTERDAM (W.) 25 Januari 1940.
JAN VAN GALENSTRAAT 14
AAN
den Heer M. Ephraim,
Swammerdamstraat 33 II,
Amsterdam-Oost.
Wijk 11.
Aangezien U gedurende langer dan drie weken in gebreke is gebleven, om het marktgeld, verschuldigd voor Uw plaats op de markt Uilenburg te betalen, waarschuw ik U hierbij, dat U alsnog ~~vóór~~ op 28 Januari a.s. aan Uw verplichting moet voldoen.
Ik wijs U er met nadruk op, dat, indien U langer in gebreke blijft, de U verleende vaste plaats, ingevolge artikel 11 van het Reglement op de Markten, met ingang van 4 Februari a.s. onherroepelijk wordt ingetrokken.
Indien een geldige reden U verhindert, om aan Uw verplichtingen te voldoen (bijvoorbeeld omdat U steun geniet; in een ziekenhuis wordt verpleegd, enz.) dient U onmiddellijk mijn dienst hiervan in kennis te stellen, omdat dan kan worden voorkomen, dat de intrekking plaatsvindt.
De Directeur,
[Onderaan de pagina:]
A.Z. MODEL NO. 8. 10.000-8-'38-1633. * Inhoud: Het document is een formele laatste waarschuwing aan een marktkoopman, de heer M. Ephraim. Hij heeft een betalingsachterstand van meer dan drie weken voor zijn standplaats op de markt Uilenburg. De brief stelt een strikte deadline: betaling moet geschieden op 28 januari 1940, anders wordt de vergunning per 4 februari ingetrokken.
* Toon en taalgebruik: De toon is ambtelijk en dwingend ("met nadruk", "onherroepelijk"), maar biedt ook een ontsnappingsclausule. De directeur wijst op uitzonderingssituaties zoals ziekte of het ontvangen van "steun" (sociale bijstand), wat duidt op een bewustzijn van de precaire economische situatie van sommige marktkooplieden.
* Administratieve details: Het gebruik van een voorgedrukt model (A.Z. Model No. 8) wijst op een gestandaardiseerde procedure voor wanbetalers binnen het Amsterdamse marktwezen. De handgeschreven aantekening "Verzonden 25/1-'40" diende voor de interne dossiervorming. * Locatie: De markt op Uilenburg bevond zich in het hart van de oude Amsterdamse Jodenbuurt. Het was een levendige maar ook arme buurt waar veel Joodse straathandelaren hun brood verdienden.
* Tijdsgewricht: De brief is gedateerd op 25 januari 1940. Dit is slechts vier maanden voor de Duitse inval in Nederland (mei 1940). De ontvanger, de heer Ephraim, draagt een typisch Joodse achternaam. Gezien de locatie van zijn marktplaats en zijn woonadres in Oost (waar veel Joden woonden na de sanering van de oude buurt), is het zeer aannemelijk dat hij deel uitmaakte van de Joodse gemeenschap.
* Historisch belang: Dit document illustreert het dagelijks leven en de bureaucratische realiteit vlak voor de oorlog. Voor veel kleine handelaren in de Jodenbuurt was het marktgeld een zware last. Na de bezetting zouden de regels voor Joodse marktkooplieden drastisch veranderen en zouden zij uiteindelijk geheel van de markten worden verbannen, wat deze 'gewone' aanmaning uit januari 1940 een wrange historische lading geeft. A.Z. Model M. Ephraim Gemeente Amsterdam Marktwezen