Ambtelijke notitie of conceptbrief betreffende marktvergunningen.
Origineel
Ambtelijke notitie of conceptbrief betreffende marktvergunningen. 7 en 9 februari 1940. [Stempel linksboven:]
BIJ BLAD VAN:
M. No. 31/10/1 1940
7/2-40
DOORGEZONDEN:
[Midden boven, in rood:]
31/10/2 M
[Rechtsboven, in inkt:]
N. Cohen, Waterlooplein 96,
9/2/40 148
[Hoofdtekst:]
Naar aanl. v. Uw desbetr. verzoek deel ik U mede, dat
~~ik,~~ ~~regeling~~ Rekening houdende met
de weersgesteldheid gedurende de af-
geloopen week, bestaat er bij mij
geen bezwaar om de intrek-
king van de plaats van N. Cohen
op de Markt Uilenburg ongedaan
te maken, mits het
verschuldigde marktgeld
per omgaande te betalen.
[Onderkant:]
9-2-40 [paraaf]
7-2-40
[Handtekening: de Haas]
[Linksonder voorgedrukte tekst:]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Dit document is een ambtelijke beslissing over het behoud van een marktstandplaats. De heer N. Cohen had blijkbaar zijn standplaats op de Markt Uilenburg verloren (of dreigde deze te verliezen) door de "intrekking" ervan. De ambtenaar (mogelijk de heer De Haas) besluit deze intrekking ongedaan te maken.
De reden hiervoor is opmerkelijk menselijk: er wordt rekening gehouden met de slechte weersomstandigheden van de voorgaande week, waardoor de koopman zijn verplichtingen waarschijnlijk niet kon nakomen. Er wordt echter wel een harde voorwaarde gesteld: het achterstallige marktgeld moet onmiddellijk ("per omgaande") worden voldaan. De vele doorhalingen en correcties wijzen erop dat dit een kladversie of een intern besluitstuk is dat als basis diende voor de officiële correspondentie. De datum van het document, februari 1940, is historisch beladen. Het bevindt zich in de laatste maanden voor de Duitse inval in Nederland. De locaties die in het document worden genoemd — het Waterlooplein en Uilenburg — vormden het epicentrum van de Joodse buurt in Amsterdam.
De Markt Uilenburg was een belangrijke plek voor de Joodse gemeenschap; veel bewoners van de omliggende, vaak armoedige straten waren voor hun inkomen afhankelijk van de handel op deze markt. Dit document getuigt van de alledaagse bureaucratie en de strijd om het bestaan van een Joodse marktkoopman in Amsterdam, vlak voordat de nazi-bezetting het leven in deze wijk definitief zou ontwrichten en vernietigen. M. No N. Cohen
Samenvatting
Dit document is een ambtelijke beslissing over het behoud van een marktstandplaats. De heer N. Cohen had blijkbaar zijn standplaats op de Markt Uilenburg verloren (of dreigde deze te verliezen) door de "intrekking" ervan. De ambtenaar (mogelijk de heer De Haas) besluit deze intrekking ongedaan te maken.
De reden hiervoor is opmerkelijk menselijk: er wordt rekening gehouden met de slechte weersomstandigheden van de voorgaande week, waardoor de koopman zijn verplichtingen waarschijnlijk niet kon nakomen. Er wordt echter wel een harde voorwaarde gesteld: het achterstallige marktgeld moet onmiddellijk ("per omgaande") worden voldaan. De vele doorhalingen en correcties wijzen erop dat dit een kladversie of een intern besluitstuk is dat als basis diende voor de officiële correspondentie.
Historische Context
De datum van het document, februari 1940, is historisch beladen. Het bevindt zich in de laatste maanden voor de Duitse inval in Nederland. De locaties die in het document worden genoemd — het Waterlooplein en Uilenburg — vormden het epicentrum van de Joodse buurt in Amsterdam.
De Markt Uilenburg was een belangrijke plek voor de Joodse gemeenschap; veel bewoners van de omliggende, vaak armoedige straten waren voor hun inkomen afhankelijk van de handel op deze markt. Dit document getuigt van de alledaagse bureaucratie en de strijd om het bestaan van een Joodse marktkoopman in Amsterdam, vlak voordat de nazi-bezetting het leven in deze wijk definitief zou ontwrichten en vernietigen.