Ambtelijke brief/memorandum.
Origineel
Ambtelijke brief/memorandum. 24 december 1941. De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke dienst, mogelijk de Distributiedienst gezien de referentie naar de Wethouder voor de Levensmiddelen). [Handgeschreven rechtsboven:]
Hr. Müller
Verzonden 29/12
[Getypt:]
VD/HG.
8A/136/1 M.
24 December 1941.
Aanstelling
jeugdig schrijver.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Door een andere indeeling der werkzaamheden op het Hoofdkantoor van mijn dienst, als gevolg van het ontslag van de Joodsche ambtenaren (vide hieromtrent ook mijn rapport d.d. 12 December jl. No. 8A/131/1 M.), verricht de schrijver H.J. van Greuningen, die tevens als eerste typist optrad, sedert geruimen tijd uitsluitend administratieve werkzaamheden; de schrijver, tevens tweede typist, H. Groeneveld, verricht in verband hiermede alle typewerkzaamheden, doet boodschappen en treedt ook overigens als jongste bediende op. Een en ander belemmert echter het goed functionneeren van de administratie op het Hoofdkantoor, terwijl bij ziekte of vacantie hierdoor moeilijkheden ontstaan. Ik acht het derhalve noodzakelijk, dat een jeugdig schrijver, die als jongste bediende dienst zal doen en als tweede typist moet worden opgeleid, bij mijn dienst wordt aangesteld.
Eischen: leeftijd van 17 – 18 jaar; goede ontwikke-ling (M.U.L.O.-school); goede kennis der Nederlandsche taal; vaardigheid in het typen strekt tot aanbeveling.
Ik verzoek U beleefd mij machtiging te verleenen tot het aanstellen van een jeugdig schrijver in tijdelijken dienst en het Bureau der Gemeentelijke Personeelsvoorziening te verzoeken mij voor deze functie geschikte candidaten te zenden.
De Directeur,
[Handgeschreven linksonder:]
Gez. Afd. C.P. [Gezien Afdeling Centrale Personeelszaken]
Ter behandeling bij Arbeidszaken
12/1 '42
[Paraaf] * Kernboodschap: De directeur van de betreffende dienst verzoekt toestemming om een nieuwe, jonge administratieve kracht (schrijver) aan te nemen.
* Aanleiding: De personele bezetting is verstoord geraakt. De directe oorzaak die wordt genoemd, is de gedwongen uitdiensttreding van Joodse ambtenaren. Hierdoor zijn taken verschoven, waardoor de huidige 'schrijvers' (Van Greuningen en Groeneveld) werkzaamheden doen die niet meer aansluiten bij hun oorspronkelijke rang of werklast, wat de efficiëntie van het kantoor schaadt.
* Functie-eisen: Men zoekt een jongere (17-18 jaar) met een MULO-diploma en goede beheersing van de taal. De nadruk ligt op de rol van 'jongste bediende' die kan worden opgeleid tot typist.
* Bureaucratische gang van zaken: De brief toont de formele weg: van de directeur naar de wethouder, met vervolgens een aantekening dat de zaak is doorgeleid naar de afdeling Arbeidszaken voor verdere afhandeling in januari 1942. Dit document is een direct bewijsstuk van de gevolgen van de bezettingspolitiek in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog.
- Antisemitische maatregelen: In november 1940 werden Joodse ambtenaren eerst geschorst en vervolgens begin 1941 ontslagen als gevolg van de Ariërverklaring. Deze brief uit december 1941 laat de praktische, bureaucratische nasleep hiervan zien: de gaten die vielen in het ambtelijk apparaat moesten worden opgevuld door 'niet-Joods' personeel.
- Dagelijks bestuur onder bezetting: Ondanks de oorlog en de discriminerende maatregelen draaide de gemeentelijke bureaucratie gewoon door. Er werd gerapporteerd over efficiëntie, vakantiedagen en ziektemeldingen, terwijl de fundamentele reden voor het personeelstekort (de uitsluiting en vervolging van een bevolkingsgroep) feitelijk en zonder emotie wordt geconstateerd als een administratief gegeven.
- Schaarste en distributie: De brief is gericht aan de "Wethouder voor de Levensmiddelen". Dit suggereert dat de betreffende dienst te maken had met de distributie van voedsel, een cruciale en groeiende taak tijdens de oorlogsjaren door de toenemende schaarste. H. Groeneveld H.J. van Greuningen