Officieel ambtelijk rapport.
Origineel
Officieel ambtelijk rapport. 26 april 1941. De Contrôleur (G. Huisman). Den Heer Inspecteur van het Marktwezen. Inschrijven [doorgehaald handschrift] № 46A/ 19/1 M. 1941 1/5
Amsterdam, 26 April 1941.
R A P P O R T .
Ondergeteekenden verklaart te hebben gezien, dat op Zaterdag 26 April 1941 des voormiddags 10 uur op de De Ruyterkade (achter het Centraal Station) ongeveer 10 venters aal aan het verdeelen waren. Kooper Arie Hendriks had de leiding en schreef de verdeeling in zijn boekje. Na onderzoek bleek mij, dat Cobes Visser uit Enkhuizen de aanvoerder van die aal was. Hij verklaarde mij, dat de aal, die hij aangevoerd had, per spoor besteld was.
De Contrôleur,
[handtekening: G. Huisman]
Den Heer Inspecteur
van het Marktwezen. Dit korte rapport is opgesteld door een controleur, vermoedelijk G. Huisman, ten behoeve van de Inspecteur van het Marktwezen. Het verslaat een observatie van een groep van ongeveer tien straatverkopers ("venters") die op de ochtend van 26 april 1941 bezig waren met het verdelen van een lading aal achter het Centraal Station in Amsterdam.
Er worden twee specifieke personen genoemd:
1. Arie Hendriks: De koper die de leiding had over de verdeling en de administratie bijhield.
2. Cobes Visser: De leverancier ("aanvoerder") uit Enkhuizen.
De verklaring van Visser dat de aal "per spoor besteld was", suggereert een poging om de wettigheid van het transport aan te tonen. De controleur rapporteert dit voorval waarschijnlijk omdat er mogelijk sprake was van illegale handel of een overtreding van de distributievoorschriften. Het document dateert van april 1941, bijna een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de handel in voedsel strikt gereguleerd door de bezetter om schaarste te beheersen en de Duitse oorlogsindustrie te voeden. De "Inspectie van het Marktwezen" hield toezicht op markten en handel om zwarte handel en prijsopdrijving tegen te gaan.
De verdeling van aal op de kade, buiten de officiële marktkanalen om, trok de aandacht van de autoriteiten. Enkhuizen was een belangrijk centrum voor de visserij, en de aanvoer per spoor naar Amsterdam was gebruikelijk. Echter, in oorlogstijd moest elke stap van de keten — van vangst tot verkoop — gedocumenteerd en goedgekeurd zijn. Dit rapport illustreert de nauwgezette controle op de voedselvoorziening en de informele netwerken die desondanks probeerden goederen te verhandelen. G. Huisman Marktwezen