Archief 745
Inventaris 745-358
Pagina 269
Dossier 5
Jaar 1941
Stadsarchief

Getypte rapportage of ambtelijke correspondentie (pagina 3).

Origineel

Getypte rapportage of ambtelijke correspondentie (pagina 3). -3-

nen, dat door een procentsgewijze heffing van den omzet, deze heffing thans zwaarder drukt per gewichtseenheid, dan in normale jaren. Ik moet echter ~~met beslistheid~~ tegenspreken, dat als gevolg hiervan de prijs voor den consument ook maar in vrij belangrijke mate zou stijgen, hetgeen ik hieronder zal aantoonen. De gemiddelde prijs van de zeevisch over de periode van 1 Mei 1936 - 30 April 1937 bedraagt rond 0,15 per kg. (f 197.227,97 : 1.261.977); de gemiddelde prijs over de periode van 1 Mei 1940 - 30 April 1941 bedraagt rond f 0,35 per kg. (f 59.432,18 : 172.746). De heffing ad 5%, die de Gemeente Amsterdam op den Vischafslag krachtens Verordening toepast, heeft derhalve voor eerstgenoemd jaar gemiddeld bedragen 5% van 0,15 = 3/4 cent per kg.; voor laatstgenoemd jaar zijn deze cijfers 5% van 0,35 = ~~xxx~~ 1 3/4 cent per kg. De zwaardere belasting in het laatste jaar beloopt dus per gewichtseenheid een bedrag van f 0,01 per kg. of een halve cent per pond zeevisch. Terwijl derhalve de gemiddelde prijs per kg. ~~van~~ zeevisch in vergelijking met een normaal jaar ~~is~~ gestegen van f 0,15 tot f 0,35, zou een herziening van de heffing op den afslag in den vorm van een heffing per gewichtseenheid, gebaseerd op den toestand vóór ~~9~~ 9 Mei 1940 beteekenen, dat deze heffing per kg. zeevisch slechts met f 0,01 zou worden verlaagd. In vergelijking met de sterke stijging van de zeevischprijzen zinkt het voordeel van een dergelijke tariefsverlaging geheel in het niet. Ik ben dan ook van meening, dat een verlaging van de belastingheffing, gelet op het bovenstaande, [handgeschreven: practisch vrijwel] geen ~~enkelen~~ invloed op den prijs, die de consument uiteindelijk voor de zeevisch moet betalen, zal hebben.

Nog daargelaten de overige bezwaren, die tegen de ~~xxx~~ door de Gemachtigde voor de Prijzen voorgestelde heffing per gewichtseenheid zijn aan te voeren (ik noem bijvoorbeeld slechts het bezwaar, dat men, ook bij een heffing per gewichtseenheid, een gedifferentieerd tarief zal moeten toepassen, omdat, wanneer men één tarief voor In dit document voert een ambtenaar of bestuurder een argumentatie over de gemeentelijke heffing op de visafslag in Amsterdam. De kern van het betoog is dat de stijging van de visprijzen voor de consument niet wordt veroorzaakt door de gemeentelijke belasting (een percentage van 5% op de omzet), maar door de algemene marktwerking/schaarste.

Belangrijke observaties uit de cijfers:
* Prijsstijging: De prijs van zeevis is gestegen van f 0,15 (1936/37) naar f 0,35 (1940/41) per kilo.
* Volume-afname: Uit de berekening tussen haakjes blijkt de enorme schaarste door de oorlog. In 1936/37 werd er nog ruim 1,2 miljoen kg vis verhandeld; in 1940/41 was dit geslonken tot slechts 172.746 kg.
* De conclusie van de auteur: De belastingdruk is weliswaar gestegen van 0,75 cent naar 1,75 cent per kilo (een verschil van 1 cent), maar dit valt in het niet bij de totale prijsstijging van 20 cent per kilo. Een aanpassing van de belasting naar een vast bedrag per kilo zou daarom nauwelijks effect hebben op de winkelprijs. Het document dateert uit de vroege jaren van de Duitse bezetting van Nederland (Tweede Wereldoorlog). De verwijzing naar de "Gemachtigde voor de Prijzen" is cruciaal; dit ambt werd door de bezetter ingesteld om de inflatie en de prijzen van levensmiddelen te beheersen. Er was een voortdurende discussie tussen lokale overheden (die hun inkomsten uit belastingen wilden behouden) en de centrale prijsbeheersing van de bezetter. De tekst toont de bureaucratische realiteit van die tijd: het rekenen met centen terwijl de aanvoer van vis door de oorlogsvoering op de Noordzee nagenoeg tot stilstand was gekomen. Gemeente Amsterdam

Samenvatting

In dit document voert een ambtenaar of bestuurder een argumentatie over de gemeentelijke heffing op de visafslag in Amsterdam. De kern van het betoog is dat de stijging van de visprijzen voor de consument niet wordt veroorzaakt door de gemeentelijke belasting (een percentage van 5% op de omzet), maar door de algemene marktwerking/schaarste.

Belangrijke observaties uit de cijfers:
* Prijsstijging: De prijs van zeevis is gestegen van f 0,15 (1936/37) naar f 0,35 (1940/41) per kilo.
* Volume-afname: Uit de berekening tussen haakjes blijkt de enorme schaarste door de oorlog. In 1936/37 werd er nog ruim 1,2 miljoen kg vis verhandeld; in 1940/41 was dit geslonken tot slechts 172.746 kg.
* De conclusie van de auteur: De belastingdruk is weliswaar gestegen van 0,75 cent naar 1,75 cent per kilo (een verschil van 1 cent), maar dit valt in het niet bij de totale prijsstijging van 20 cent per kilo. Een aanpassing van de belasting naar een vast bedrag per kilo zou daarom nauwelijks effect hebben op de winkelprijs.

Historische Context

Het document dateert uit de vroege jaren van de Duitse bezetting van Nederland (Tweede Wereldoorlog). De verwijzing naar de "Gemachtigde voor de Prijzen" is cruciaal; dit ambt werd door de bezetter ingesteld om de inflatie en de prijzen van levensmiddelen te beheersen. Er was een voortdurende discussie tussen lokale overheden (die hun inkomsten uit belastingen wilden behouden) en de centrale prijsbeheersing van de bezetter. De tekst toont de bureaucratische realiteit van die tijd: het rekenen met centen terwijl de aanvoer van vis door de oorlogsvoering op de Noordzee nagenoeg tot stilstand was gekomen.

Producten

A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Olie & Techniek: Olie Olie & Techniek: Zink Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vis & Zee: Visch Vis & Zee: Zeevis Vleeswaren: Vlees Vleeswaren: Wild

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Gemeente Amsterdam

Kooplieden in dit dossier 100

Aal en paling boven de 250 gram ƒ 2,44
Aal en paling tot 70 gram „ 1,04
Aal en paling van 125—250 gram „ 2,23
Aal en paling van 70—125 gram „ 1,78
As. v. Wygert.
Blei boven 1 pond en kroeskarper ........ ,, 0,34
Blei, meun, sneep en winde boven ½ kg. en kroeskarper 0,34
Alle 100 kooplieden →