Archief 745
Inventaris 745-358
Pagina 310
Dossier 100
Jaar 1941
Stadsarchief

Getypte brief (pagina 2).

5 juli 1941. Van: De Directeur van het Marktwezen (Amsterdam). Aan: De Wethouder voor de Levensmiddelen.

Origineel

Getypte brief (pagina 2). 5 juli 1941. De Directeur van het Marktwezen (Amsterdam). De Wethouder voor de Levensmiddelen. Bladzijde 2 van brief No.46A/30/2 M. d.d. 5 Juli 1941 aan den
Heer Wethouder voor de Levensmiddelen van den Directeur van
het Marktwezen.

achten, dat de hoeveelheid visch, die, indien het voorstel van
den Inspecteur der Visscherijen door het Gemeentebestuur zou
worden overgenomen, extra ten goede zou komen aan de Amster-
damsche bevolking, door de Visscherijcentrale in haar nieuwe
stelsel in mindering zou worden gebracht van het kwantum visch
waarvoor Amsterdam bij de algeheele verdeeling in aanmerking
zou komen. In verband hiermede lijkt het mij gewenscht, dat
eventueel ook ten aanzien van de andere wateren in Nederland
maatregelen worden getroffen om de bevisshhing uit te breiden.
Op grond van het bovenstaande geef ik U beleefd in
overweging, alvorens ter zake een beslissing te nemen, omtrent
de onderhavige aangelegenheid het advies in te winnen van de
Nederlandsche Visscherijcentrale te 's-Gravenhage.

                                 De Directeur, *   **Kern van het document:** De Directeur van het Marktwezen waarschuwt de Wethouder voor een bureaucratisch risico. Hij vreest dat als Amsterdam erin slaagt om via een lokaal voorstel extra vis te bemachtigen, de nationale distributieorganisatie (Visscherijcentrale) dit extraatje simpelweg zal aftrekken van het reguliere Amsterdamse quotum.
  • Advies: Hij stelt voor om de visserij in heel Nederland uit te breiden en adviseert de wethouder om eerst af te stemmen met de Nederlandse Visscherijcentrale in Den Haag voordat er een besluit wordt genomen.
  • Taalgebruik: Formeel ambtelijk Nederlands met de destijds gangbare spelling (visch, algeheele, 's-Gravenhage). Opmerkelijk is de typefout "bevisshhing" (met dubbel 'h') in de tiende regel. * Historische context: Het document dateert uit juli 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland.
  • Voedselvoorziening: Tijdens de bezetting werd de voedselvoorziening steeds schaarser en strikter gereguleerd. Distributie vond plaats via centrale organen om te voorkomen dat bepaalde steden of regio's bevoordeeld werden ten koste van anderen (of de Duitse bezetter).
  • Bureaucratie: Het document illustreert de complexe verhoudingen tussen gemeentelijke instellingen (zoals het Amsterdamse Marktwezen) en de gecentraliseerde landelijke crisisorganisaties die onder toezicht van de bezetter stonden. Er was een constante angst dat lokale initiatieven om de voedselnood te lenigen door centrale kortingen tenietgedaan zouden worden.

Samenvatting

  • Kern van het document: De Directeur van het Marktwezen waarschuwt de Wethouder voor een bureaucratisch risico. Hij vreest dat als Amsterdam erin slaagt om via een lokaal voorstel extra vis te bemachtigen, de nationale distributieorganisatie (Visscherijcentrale) dit extraatje simpelweg zal aftrekken van het reguliere Amsterdamse quotum.
  • Advies: Hij stelt voor om de visserij in heel Nederland uit te breiden en adviseert de wethouder om eerst af te stemmen met de Nederlandse Visscherijcentrale in Den Haag voordat er een besluit wordt genomen.
  • Taalgebruik: Formeel ambtelijk Nederlands met de destijds gangbare spelling (visch, algeheele, 's-Gravenhage). Opmerkelijk is de typefout "bevisshhing" (met dubbel 'h') in de tiende regel.

Historische Context

  • Historische context: Het document dateert uit juli 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland.
  • Voedselvoorziening: Tijdens de bezetting werd de voedselvoorziening steeds schaarser en strikter gereguleerd. Distributie vond plaats via centrale organen om te voorkomen dat bepaalde steden of regio's bevoordeeld werden ten koste van anderen (of de Duitse bezetter).
  • Bureaucratie: Het document illustreert de complexe verhoudingen tussen gemeentelijke instellingen (zoals het Amsterdamse Marktwezen) en de gecentraliseerde landelijke crisisorganisaties die onder toezicht van de bezetter stonden. Er was een constante angst dat lokale initiatieven om de voedselnood te lenigen door centrale kortingen tenietgedaan zouden worden.

Kooplieden in dit dossier 100

Aal en paling boven de 250 gram ƒ 2,44
Aal en paling tot 70 gram „ 1,04
Aal en paling van 125—250 gram „ 2,23
Aal en paling van 70—125 gram „ 1,78
As. v. Wygert.
Blei boven 1 pond en kroeskarper ........ ,, 0,34
Blei, meun, sneep en winde boven ½ kg. en kroeskarper 0,34
Alle 100 kooplieden →