Archief 745
Inventaris 745-358
Pagina 383
Dossier 100
Jaar 1941
Stadsarchief

Getypte conceptbrief met uitgebreide handgeschreven correcties en kanttekeningen.

26 september 1941. Van: Vermoedelijk een hoge ambtenaar of directeur van de Dienst der Voedselvoorziening (gezien de adressering aan de Wethouder).

Origineel

Getypte conceptbrief met uitgebreide handgeschreven correcties en kanttekeningen. 26 september 1941. Vermoedelijk een hoge ambtenaar of directeur van de Dienst der Voedselvoorziening (gezien de adressering aan de Wethouder). [Koptekst links:]
Regeling afzet van mosselen in Amsterdam.

[Midden:]
Concept.

[Rechts:]
Amsterdam, 26 September 1941.
den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier.

Hiermede heb ik de eer het volgende te Uwer kennis te brengen.

Op 29 Augustus jl. ~~vervoegden zich te mijnen kantore~~ heb ik met de directeur der Nederlandsche Visscherijcentrale te Den Haag en de directeur van het Centraal verkoopkantoor van Mosselen te Bergen op Zoom ~~om te spreken~~ bespreking gevoerd omtrent een regeling voor den aanvoer en afzet van mosselen te Amsterdam in het aanstaande winterseizoen.

[In de linkermarge geschreven tekst ter vervanging van het doorgehaalde tekstblok:]
Teneinde een regelmatigen afvoer naar deze gemeente als gevolg der scherpe controle op de kwantiteit door verschillende instanties te verzekeren.
Genoemde directeuren wezen op de noodzakelijkheid van het tot stand brengen van een goed sluitende afzetorganisatie voor de mosselen opdat niet door het optreden van individueele handelaren of door handelen van enkele handelaren de risico’s van de verkoop zoodanig zouden worden vergroot dat deze de aanvoer zouden kunnen schaden. De kans bestaat nl dat mosselen waarvoor geen voldoende afzet is voor den export naar Duitschland zouden moeten worden bestemd.
Bovendien is daarnaast gebleken dat het wenschelijk is een sluitende organisatie niet alleen voor de verkoop in de steden in een verband zou moeten worden gebracht maar dat ook de leveringen door de mosselkweekers moeten worden gecontroleerd. Uit mededeelingen van de directie van het Centraal Verkoopkantoor bleek, dat in Zeeland reeds de noodige maatregelen daarvoor waren getroffen.

[Doorgehaald tekstblok in de hoofdtekst:]
~~De directeur van het Centraal Verkoopkantoor deelde mede, dat zijn kantoor alle Zeeuwsche mosselen van de kweekers opkoopt, die verplicht zijn alle mosselen aan het Centraal Verkoopkantoor te leveren; het Centraal Verkoopkantoor wijst deze mosselen toe aan de Zeeuwsche groothandelaren, die deze op aanwijzing van het Verkoopkantoor moeten leveren aan de in de stede te vormen verkoopcombinaties. Een en ander geschiedt onder toezicht en goedkeuring van Visscherijcentrale.~~

[Vervolg hoofdtekst:]
De moeilijkheid in Amsterdam bleek echter te zijn, dat daar geen bona fide groothandel in mosselen, wien de verkoop kon worden opgedragen, bestond. ~~Wel zijn te Amsterdam enkele groothandelaren in visch gevestigd, doch~~ de reputatien van dezen handel is, naar bovengenoemde directeur volgens door hem verkregen inlichtingen mededeelden, zoodanig, dat de Zeeuwsche handelaren met een uit een te Amsterdam te vormen combinatie van groothandelaren niet in contact wenschten te treden. Bedoelde directeuren richtten derhalve tot mij het verzoek, te willen bevorderen, dat te Amsterdam een gezonde organisatie in het leven zou worden geroepen, aan wie de verkoop der mosselen zou kunnen worden opgedragen. Men wees er met nadruk op, dat het dringend noodzakelijk was, dat een goede afzet der mosselen werd verzekerd, daar bij gebreke daarvan, de kans groot was, dat de bezettende autoriteiten beslag op de voor Amsterdam bestemde mosselen zou leggen.

Aangezien het naar mijn meening vaststaat, dat het artikel mosselen als een belangrijk volksvoedsel [tekst breekt hier af] Dit document is een ambtelijk concept waarin de problematische mosselvoorziening in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog wordt besproken. De kern van het probleem is tweeledig:
1. Organisatorisch: Er is behoefte aan een centrale, betrouwbare inkoopcombinatie om de distributie te stroomlijnen. De bestaande Amsterdamse vishandelaren worden door de Zeeuwse leveranciers als onbetrouwbaar ("geen bona fide groothandel") beschouwd, waardoor men weigert met hen samen te werken.
2. Strategisch/Politiek: Er is een constante dreiging van de Duitse bezetter. Als de Nederlandse autoriteiten de afzet niet strak organiseren, dreigen de mosselen geconfisqueerd te worden voor export naar Duitsland ("beslag op de voor Amsterdam bestemde mosselen").

De handgeschreven wijzigingen tonen een verschuiving van een louter beschrijvende toon naar een meer dwingende, beleidsmatige toon waarbij de noodzaak van controle op zowel de kweekers als de handelaren wordt benadrukt om de voedselvoorziening voor de stad veilig te stellen. In september 1941 was Nederland ruim een jaar bezet. De voedselvoorziening werd steeds schaarser en stond onder strikt toezicht van zowel de Nederlandse distributiediensten als de Duitse bezetter. Mosselen werden beschouwd als een belangrijk "volksvoedsel" omdat ze relatief goedkoop waren en konden dienen als vervanger voor vlees, dat al op de bon was.

De oprichting van centrale verkoopkantoren en gedwongen samenwerkingen (combinaties) was een typisch kenmerk van de oorlogseconomie. Dit werd gedaan om de zwarte handel te bestrijden, maar ook om te voorkomen dat de Wehrmacht goederen zou opeisen onder het mom dat de lokale distributie niet efficiënt was. De brief illustreert de wantrouwige sfeer tussen de Zeeuwse producenten en de Amsterdamse handelaren, en de druk waaronder het stadsbestuur stond om de bevolking te voeden.

Samenvatting

Dit document is een ambtelijk concept waarin de problematische mosselvoorziening in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog wordt besproken. De kern van het probleem is tweeledig:
1. Organisatorisch: Er is behoefte aan een centrale, betrouwbare inkoopcombinatie om de distributie te stroomlijnen. De bestaande Amsterdamse vishandelaren worden door de Zeeuwse leveranciers als onbetrouwbaar ("geen bona fide groothandel") beschouwd, waardoor men weigert met hen samen te werken.
2. Strategisch/Politiek: Er is een constante dreiging van de Duitse bezetter. Als de Nederlandse autoriteiten de afzet niet strak organiseren, dreigen de mosselen geconfisqueerd te worden voor export naar Duitsland ("beslag op de voor Amsterdam bestemde mosselen").

De handgeschreven wijzigingen tonen een verschuiving van een louter beschrijvende toon naar een meer dwingende, beleidsmatige toon waarbij de noodzaak van controle op zowel de kweekers als de handelaren wordt benadrukt om de voedselvoorziening voor de stad veilig te stellen.

Historische Context

In september 1941 was Nederland ruim een jaar bezet. De voedselvoorziening werd steeds schaarser en stond onder strikt toezicht van zowel de Nederlandse distributiediensten als de Duitse bezetter. Mosselen werden beschouwd als een belangrijk "volksvoedsel" omdat ze relatief goedkoop waren en konden dienen als vervanger voor vlees, dat al op de bon was.

De oprichting van centrale verkoopkantoren en gedwongen samenwerkingen (combinaties) was een typisch kenmerk van de oorlogseconomie. Dit werd gedaan om de zwarte handel te bestrijden, maar ook om te voorkomen dat de Wehrmacht goederen zou opeisen onder het mom dat de lokale distributie niet efficiënt was. De brief illustreert de wantrouwige sfeer tussen de Zeeuwse producenten en de Amsterdamse handelaren, en de druk waaronder het stadsbestuur stond om de bevolking te voeden.

Locaties

Amsterdam.

Kooplieden in dit dossier 100

Aal en paling boven de 250 gram ƒ 2,44
Aal en paling tot 70 gram „ 1,04
Aal en paling van 125—250 gram „ 2,23
Aal en paling van 70—125 gram „ 1,78
As. v. Wygert.
Blei boven 1 pond en kroeskarper ........ ,, 0,34
Blei, meun, sneep en winde boven ½ kg. en kroeskarper 0,34
Alle 100 kooplieden →