Archief 745
Inventaris 745-358
Pagina 456
Dossier 104
Jaar 1941
Stadsarchief

Doorslag van een ambtelijke kennisgeving/brief.

22 oktober 1941. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Gemeentelijke Visafslag Amsterdam).

Origineel

Doorslag van een ambtelijke kennisgeving/brief. 22 oktober 1941. De Directeur (vermoedelijk van de Gemeentelijke Visafslag Amsterdam). [Handgeschreven aantekening in de rechterbovenhoek, deels onleesbaar:]
v d Hoen(?)
C v d Meijde(?)

Gezonden aan:
No. 46A/46/2 M J.A. Westhoff - 1e J.v.d.Heydenstraat 70 hs
No. 46A/46/3 M JF. Jansen - Reinwardtstraat 92 I

No. 46A/47/2 M J. Wynschenk - Vrolikstraat 50 II
No. 46A/47/3 M J. Vischjager - Joubertstraat 5 II
No. 46A/47/4 M D. Wynschenk - Blasiusstraat 73 III
No. 46A/47/5 M L. Vrachtdoender - Blasiusstraat 109 I

22 October 1941.

Mij is gerapporteerd, dat U zich op 21 dezer niet hebt gehouden aan de bepalingen van het door de Nederlandsche Visscherycentrale uitgevaardigde Reglement voor de verdeeling van visch in den Gemeentelyken afslag, alhier.

Op grond van het bepaalde in artikel 7 van voornoemd Reglement sluit ik U mitsdien tot nader order van deze verdeeling uit.

De Directeur, Dit document is een formele kennisgeving aan zes individuen die werkzaam waren in de vishandel. De kern van de brief is een strafmaatregel: de geadresseerden worden per direct ("tot nader order") uitgesloten van de visverdeling bij de gemeentelijke afslag.

Opvallende kenmerken:
* Administratieve precisie: De ontvangers worden geïdentificeerd met een dossiernummer, naam en exact adres. De adressen (De Pijp, Dapperbuurt, Oosterparkbuurt en Transvaalbuurt) duiden op Amsterdamse handelaren.
* Juridische grondslag: Er wordt expliciet verwezen naar "artikel 7" van het reglement van de "Nederlandsche Visscherycentrale".
* Collectieve verzending: Hoewel het individuele handelaren betreft, is dit een verzamelblad voor de administratie, waarop de namen van alle gestraften van die dag onder elkaar staan. Het document dateert van oktober 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode werd de voedselvoorziening steeds schaarser en werd de distributie strikt gereguleerd door centrale instanties zoals de Nederlandsche Visscherycentrale.

Historische duiding:
1. Distributiesysteem: Tijdens de oorlog moesten handelaren zich aan strikte regels houden wat betreft inkoop, prijzen en hoeveelheden. Overtreding hiervan (bijvoorbeeld door handel op de zwarte markt of het niet naleven van administratieve voorschriften) leidde tot uitsluiting.
2. De Joodse context: Een opvallend detail is dat meerdere namen op de lijst (Wynschenk, Vischjager, Vrachtdoender) en de bijbehorende adressen in de Transvaalbuurt en Oosterparkbuurt sterk wijzen op Amsterdams-Joodse vishandelaren. In 1941 namen de anti-Joodse maatregelen in hevigheid toe. Hoewel de brief een algemene administratieve reden opgeeft, was het bemoeilijken van de beroepsuitoefening voor Joodse ondernemers een centraal onderdeel van het bezettingsbeleid.
3. Economische controle: De "Nederlandsche Visscherycentrale" was een orgaan dat door de bezetter werd gebruikt om de gehele visketen onder controle te krijgen, zowel voor de eigen voedselvoorziening als voor export naar Duitsland.

Samenvatting

Dit document is een formele kennisgeving aan zes individuen die werkzaam waren in de vishandel. De kern van de brief is een strafmaatregel: de geadresseerden worden per direct ("tot nader order") uitgesloten van de visverdeling bij de gemeentelijke afslag.

Opvallende kenmerken:
* Administratieve precisie: De ontvangers worden geïdentificeerd met een dossiernummer, naam en exact adres. De adressen (De Pijp, Dapperbuurt, Oosterparkbuurt en Transvaalbuurt) duiden op Amsterdamse handelaren.
* Juridische grondslag: Er wordt expliciet verwezen naar "artikel 7" van het reglement van de "Nederlandsche Visscherycentrale".
* Collectieve verzending: Hoewel het individuele handelaren betreft, is dit een verzamelblad voor de administratie, waarop de namen van alle gestraften van die dag onder elkaar staan.

Historische Context

Het document dateert van oktober 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode werd de voedselvoorziening steeds schaarser en werd de distributie strikt gereguleerd door centrale instanties zoals de Nederlandsche Visscherycentrale.

Historische duiding:
1. Distributiesysteem: Tijdens de oorlog moesten handelaren zich aan strikte regels houden wat betreft inkoop, prijzen en hoeveelheden. Overtreding hiervan (bijvoorbeeld door handel op de zwarte markt of het niet naleven van administratieve voorschriften) leidde tot uitsluiting.
2. De Joodse context: Een opvallend detail is dat meerdere namen op de lijst (Wynschenk, Vischjager, Vrachtdoender) en de bijbehorende adressen in de Transvaalbuurt en Oosterparkbuurt sterk wijzen op Amsterdams-Joodse vishandelaren. In 1941 namen de anti-Joodse maatregelen in hevigheid toe. Hoewel de brief een algemene administratieve reden opgeeft, was het bemoeilijken van de beroepsuitoefening voor Joodse ondernemers een centraal onderdeel van het bezettingsbeleid.
3. Economische controle: De "Nederlandsche Visscherycentrale" was een orgaan dat door de bezetter werd gebruikt om de gehele visketen onder controle te krijgen, zowel voor de eigen voedselvoorziening als voor export naar Duitsland.

Kooplieden in dit dossier 100

Aal en paling boven de 250 gram ƒ 2,44
Aal en paling tot 70 gram „ 1,04
Aal en paling van 125—250 gram „ 2,23
Aal en paling van 70—125 gram „ 1,78
As. v. Wygert.
Blei boven 1 pond en kroeskarper ........ ,, 0,34
Blei, meun, sneep en winde boven ½ kg. en kroeskarper 0,34
Alle 100 kooplieden →