Tuchtbeschikking (economisch strafrecht/bestuursrecht).
Origineel
Tuchtbeschikking (economisch strafrecht/bestuursrecht). Gerechtelijk schrijven No. 6249 | Dossier 10852 HK/HA * Overtreding: De verdachte wordt beschuldigd van het overschrijden van de toegestane winstmarge (prijsopdrijving) bij de verkoop van witte kool.
* Berekening van het delict: De overheid stelt dat de inkoopprijs (f 2,50) plus onkosten (f 0,80) uitkwam op een totale kostprijs van f 3,30 per 100 kg. Door f 4,80 in rekening te brengen, nam de handelaar een marge van f 1,50. Volgens de tekst is dit een ongeoorloofde verhoging van "meer dan f 1,00" aan winst.
* Status van de verdachte: Jacob Cotjers wordt aangemerkt als recidivist; hij is reeds eerder veroordeeld voor soortgelijke economische feiten.
* Procedure: De zaak is schriftelijk afgedaan ("schriftelijke verantwoording"). De mondelinge behandeling is doorgehaald, wat duidt op een administratieve afhandeling van de tuchtzaak. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). Vanwege de oorlogsschaarste voerde de bezetter, via de Nederlandse departementen, een strikte prijsbeheersing in om inflatie en zwarte handel tegen te gaan. De Inspectie voor de Prijsbeheersing controleerde handelaren scherp op hun marges.
De verdachte, Jacob Cotjers, was afkomstig uit Zuid-Scharwoude, een dorp in de regio Langedijk dat destijds bekendstond als de 'kooltuin' van Nederland. Hij verhandelde dit product in Amsterdam. Het document illustreert de bureaucratische controle op de voedselvoorziening en de economische repressie waarmee handelaren in die tijd te maken kregen wanneer zij buiten de vastgestelde prijzen traden. De verwijzing naar "Gerechtelijk schrijven" en een specifiek dossiernummer duidt op de formele juridische structuur van de tuchtrechtspraak in die jaren. A. Bosse
Samenvatting
- Overtreding: De verdachte wordt beschuldigd van het overschrijden van de toegestane winstmarge (prijsopdrijving) bij de verkoop van witte kool.
- Berekening van het delict: De overheid stelt dat de inkoopprijs (f 2,50) plus onkosten (f 0,80) uitkwam op een totale kostprijs van f 3,30 per 100 kg. Door f 4,80 in rekening te brengen, nam de handelaar een marge van f 1,50. Volgens de tekst is dit een ongeoorloofde verhoging van "meer dan f 1,00" aan winst.
- Status van de verdachte: Jacob Cotjers wordt aangemerkt als recidivist; hij is reeds eerder veroordeeld voor soortgelijke economische feiten.
- Procedure: De zaak is schriftelijk afgedaan ("schriftelijke verantwoording"). De mondelinge behandeling is doorgehaald, wat duidt op een administratieve afhandeling van de tuchtzaak.
Historische Context
Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). Vanwege de oorlogsschaarste voerde de bezetter, via de Nederlandse departementen, een strikte prijsbeheersing in om inflatie en zwarte handel tegen te gaan. De Inspectie voor de Prijsbeheersing controleerde handelaren scherp op hun marges.
De verdachte, Jacob Cotjers, was afkomstig uit Zuid-Scharwoude, een dorp in de regio Langedijk dat destijds bekendstond als de 'kooltuin' van Nederland. Hij verhandelde dit product in Amsterdam. Het document illustreert de bureaucratische controle op de voedselvoorziening en de economische repressie waarmee handelaren in die tijd te maken kregen wanneer zij buiten de vastgestelde prijzen traden. De verwijzing naar "Gerechtelijk schrijven" en een specifiek dossiernummer duidt op de formele juridische structuur van de tuchtrechtspraak in die jaren.