Officiële brief / Kennisgeving van sanctie
Origineel
Officiële brief / Kennisgeving van sanctie 22 januari 1943 De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt te Amsterdam) Den Heer H. Bras, Papiermolenstraat 4, Alkmaar (NH) [Bovenaan gecentreerd, handgeschreven:] Bedi Chef
[Bovenaan links, handgeschreven:] Verzonden 22/1
[Bovenaan rechts:] SV
[Links:] 77/2/90a M. [Handgeschreven in rood:] 22
[Rechts:] den Heer H. Bras
Papieremolenstraat 4
ALKMAAR (NH)
22 Januari 1943.
[In linker marge, handgeschreven in blauw:] thby
Ten vervolge op mijn brief d.d. 7 October 1942
no. 77/2/76 M '42 deel ik U mede, dat mij thans
door den Inspecteur voor de Prijsbeheersching
is bericht, dat U wegens overtreding van de
maximumprijzen onder andere is gestraft met
sluiting van Uw bedrijf voor den tijd van 6 maanden,
ingaande 19 October 1942.
Op grond van het bepaalde in artikel 35 lid
3 van het Reglement op de Centrale Markt wordt U
gedurende die sluiting geen toegang tot de Centrale
Markt verleend.
De Directeur, De brief is een formele mededeling van een strafmaatregel aan de heer H. Bras uit Alkmaar. Uit de tekst blijkt dat Bras de wettelijk vastgestelde maximumprijzen heeft overtreden. Als gevolg hiervan heeft de "Inspecteur voor de Prijsbeheersching" een bedrijfssluiting van zes maanden opgelegd, die met terugwerkende kracht is ingegaan op 19 oktober 1942. De directeur van de Centrale Markt voegt hieraan toe dat de heer Bras gedurende deze periode ook niet welkom is op het marktterrein, gebaseerd op het marktreglement. De handgeschreven aantekeningen wijzen op de administratieve verwerking van het document binnen de verzendende instantie. Dit document is opgesteld tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Vanwege de enorme schaarste aan goederen en voedsel voerde de overheid (onder toezicht van de bezetter) een streng beleid van prijsbeheersing en distributie. De "Inspectie voor de Prijsbeheersching" was de instantie die toezag op het naleven van de maximumprijzen om woekerprijzen en de zwarte markt tegen te gaan. Overtredingen werden zwaar bestraft, omdat prijsopdrijving werd beschouwd als een ondermijning van de nationale economie en voedselvoorziening. De ontzegging van toegang tot de Centrale Markt (waarschijnlijk de Centrale Markthallen in Amsterdam) was voor een handelaar een zeer ingrijpende sanctie, omdat dit de plek was waar de handel in primaire levensmiddelen was geconcentreerd. H. Bras
Samenvatting
De brief is een formele mededeling van een strafmaatregel aan de heer H. Bras uit Alkmaar. Uit de tekst blijkt dat Bras de wettelijk vastgestelde maximumprijzen heeft overtreden. Als gevolg hiervan heeft de "Inspecteur voor de Prijsbeheersching" een bedrijfssluiting van zes maanden opgelegd, die met terugwerkende kracht is ingegaan op 19 oktober 1942. De directeur van de Centrale Markt voegt hieraan toe dat de heer Bras gedurende deze periode ook niet welkom is op het marktterrein, gebaseerd op het marktreglement. De handgeschreven aantekeningen wijzen op de administratieve verwerking van het document binnen de verzendende instantie.
Historische Context
Dit document is opgesteld tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Vanwege de enorme schaarste aan goederen en voedsel voerde de overheid (onder toezicht van de bezetter) een streng beleid van prijsbeheersing en distributie. De "Inspectie voor de Prijsbeheersching" was de instantie die toezag op het naleven van de maximumprijzen om woekerprijzen en de zwarte markt tegen te gaan. Overtredingen werden zwaar bestraft, omdat prijsopdrijving werd beschouwd als een ondermijning van de nationale economie en voedselvoorziening. De ontzegging van toegang tot de Centrale Markt (waarschijnlijk de Centrale Markthallen in Amsterdam) was voor een handelaar een zeer ingrijpende sanctie, omdat dit de plek was waar de handel in primaire levensmiddelen was geconcentreerd.