Handgeschreven ambtelijk concept of afschrift van een brief.
Origineel
Handgeschreven ambtelijk concept of afschrift van een brief. 23 januari 1943. Vischverdeeling A’dam, 23/1 ’43
W. b. U.
460/23/3
Onder terugzending van
het met Uw handbrief d.d. 13 dezer
om advies ontvangen stuk No 109 L.M.
1943 hebben ondergeteekenden de eer
U het volgende te berichten.
Zooals U bekend is, is
gedurende het aalseizoen, in op-
dracht van de N.V.C. een speciale regeling
ontworpen voor de handelaren,
die op afslagen in den lande een
eigen (of rechtstreeksche) toewijzing ontvingen.
Deze kleinhandelaren, waaronder
Buter, waren verplicht om hun
toewijzing op den afslag alhier aan
te voeren, zij kregen dan een ge-
leidibiljet en konden daarop hun
visch naar hun verkoopplaats ver-
voeren en aldaar verkoopen.
Toen het sprot- en sardijnenseizoen
begon is aanvankelijk op dezelfde wijze
met Buter doorgegaan, omdat
deze mededeelde, dat hij ook voor deze
vischsoorten een eigen toewijzing
had; bij informatie dezerzijds
bij de N.V.C. bleek evenwel, dat deze
mededeeling van Buter niet juist
was en dat hij voor deze vischsoorten
geen directe toewijzing op afslagen
ontving. In opdracht van vorennoem-
de Centrale is toen aan Buter mede-
gedeeld, dat hem niet langer
geleidibiljetten konden worden
verstrekt. Van een en ander is Het document is een ambtelijk schrijven over de handhaving van distributieregels tijdens de Duitse bezetting. Het centrale thema is de controle op de toewijzing van vis (aal, sprot en sardijn) aan individuele handelaren.
Een specifieke handelaar, genaamd Buter, wordt ervan beschuldigd onjuiste informatie te hebben verstrekt om in aanmerking te komen voor "geleidibiljetten" (vervoersbewijzen voor distributiegoederen). Terwijl hij voor aal wel een rechtstreekse toewijzing had, bleek dit voor sprot en sardijn niet het geval te zijn na controle bij de "Centrale" (N.V.C.). Als gevolg hiervan werd de verstrekking van de benodigde papieren stopgezet. Het document illustreert de fijnmazige bureaucratische controle op de voedselketen in oorlogstijd, waarbij elke stap van de afslag naar de winkel gedocumenteerd moest zijn. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de voedselvoorziening in Nederland strikt gereguleerd door de overheid onder toezicht van de bezetter. De distributie van vis viel onder complexe regelingen om te voorkomen dat producten op de zwarte markt belandden.
De genoemde N.V.C. staat waarschijnlijk voor een afdeling van de Rijksdienst voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd. Handelaren hadden voor het transport van hun goederen geleidibiljetten nodig; zonder deze documenten was transport illegaal en riskeerde men inbeslagname of arrestatie. Dit document toont aan dat er actieve verificatie plaatsvond tussen lokale marktautoriteiten en de centrale voedselorganisaties om fraude met toewijzingen te bestrijden. Vermelding van de N.V.C. (waarschijnlijk de Rijksdienst voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd).