Zakelijke correspondentie (brief)
Origineel
Zakelijke correspondentie (brief) 10 november 1943 Centraal Verkoopkantoor van Mosselen, Bergen op Zoom Het Marktwezen van de Gemeente Amsterdam [Briefhoofd]
~~AAN- EN VERKOOPKANTOOR VOOR MOSSELEN.~~
CENTRAAL VERKOOPKANTOOR VAN MOSSELEN
BERGEN OP ZOOM
Telef. 674 Postrek. 261192
Telegram-adres : „CEVEMOS”
Briefadres : „CEVEMOS”
Bankiers :
Rotterd. Bankvereeniging N. V.
Bergen op Zoom
Ned. Middenstandsbank N. V.
’s-Gravenhage
10 November 1943.
het Marktwezen van de Gemeente
Amsterdam,
Jan van Galenstr.14,
AMSTERDAM-W.
L/As.
[Stempel:] No. 76A/32/4 M. 1943
De Heer H.Marinus, Buiten Dommerstr.11 II te A'dam-C, verzoekt in aanmerking te komen voor een vischconservenkleinhandelsvergunning en geeft U als referentie op.
Gaarne vernemen wij van U of genoemde Marinus in aanmerking kan komen voor een vergunning voor het verduurzamen van mosselen uitsluitend ten behoeve van den directen verkoop in het klein het eigen bedrijf.
Aan- en Verkoopkantoor
voor mosselen
[Handtekening]
Directeur
[Handgeschreven annotaties linkerzijde:]
geen bezwaar.
reeds vorig gekookt.
22-11-43
[onleesbaar/paraf]
[Handgeschreven concept-antwoord onderzijde in rood/potlood:]
46 a/32/4 a
Naar aanleiding van Uw brief dd. 10 Nov. jl. L/As bericht ik U, dat dezerzijds tegen inwilliging van het verzoek van H. Marinus geen bezwaar bestaat, aangezien deze ook in vorige jaren reeds mosselen heeft gekookt. * Vorm: Getypte brief op officieel briefpapier van het Centraal Verkoopkantoor van Mosselen. Het oude briefhoofd ("Aan- en Verkoopkantoor") is doorgestreept en vervangen door "Centraal Verkoopkantoor", wat duidt op een centralisatie van de mosselhandel tijdens de bezettingsjaren.
* Inhoud: De brief is een referentiecheck. Een vishandelaar uit Amsterdam (H. Marinus) wil een vergunning voor het "verduurzamen" (conserveren/koken) en in het klein verkopen van mosselen. Het Verkoopkantoor vraagt de gemeente Amsterdam of zij akkoord gaan.
* Annotaties: De handgeschreven tekst onderaan is een kladversie van het antwoord van de gemeente Amsterdam. Hieruit blijkt dat de gemeente geen bezwaar heeft omdat de aanvrager in voorgaande jaren ook al mosselen kookte. Dit duidt op een beleid waarbij bestaande rechten of ervaring zwaar wogen bij het verlenen van schaarse vergunningen. Dit document stamt uit november 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de economie strak gereguleerd via een systeem van vergunningen en distributie. Het "Centraal Verkoopkantoor van Mosselen" fungeerde waarschijnlijk als een door de overheid (of de bezetter) aangestuurd orgaan om de voedselvoorziening en handel te controleren.
De locatie van de ontvanger, Jan van Galenstraat 14 in Amsterdam, was (en is deels nog steeds) de locatie van de Centrale Markthallen. Het "Marktwezen" hield toezicht op de handel en kwaliteit van levensmiddelen in de stad. De visserijsector was in deze periode cruciaal voor de voedselvoorziening, maar ook onderhevig aan beperkingen door brandstoftekorten en militaire zones langs de kust.