Getypte brief / ambtelijk verzoekschrift.
Origineel
Getypte brief / ambtelijk verzoekschrift. 1 februari 1943. "De Directeur" (vermoedelijk van een gemeentelijke instantie of politieafdeling). [Rechtsboven:] vB/SV
[Linksboven, handgeschreven:] Extra
[Middenrechts:] den Heer Inspecteur voor de Prijs-
beheersching
Emmastraat 35
Amsterdam-Zuid
wijk 13a.
[Onder kenmerken:] 1 Februari 1943.
[Links:] 46a/36/1 M.
K.A.Goldstein
[Hoofdtekst:]
Hiermede verzoek ik U beleefd mij te willen
mededeelen of gedurende de laatste weken, wegens
overtreding der prijsvoorschriften, proces-verbaal
is opgemaakt tegen den marktkoopman in visch
K.A. Goldstein, geboren 15-6-1903, wonende 1e Helmer-
straat 81 ''', alhier.
[Rechtsonder:] De Directeur, In deze brief vraagt een niet nader genoemde directeur aan de Inspecteur voor de Prijsbeheersing of er onlangs proces-verbaal is opgemaakt tegen Karel Alexander Goldstein. Goldstein wordt geïdentificeerd als een vismarktkoopman, geboren op 15 juni 1903 en wonend aan de 1e Helmerstraat 81-III in Amsterdam.
De aanleiding voor de vraag is een mogelijke overtreding van de prijsvoorschriften. Tijdens de bezettingsjaren was de controle op prijzen uiterst streng om zwarte handel en prijsopdrijving van schaarse goederen tegen te gaan. De Dienst van de Prijsbeheersing speelde hierin een centrale rol. Dit document stamt uit februari 1943, een periode waarin de Duitse bezetting van Nederland een grimmige fase had bereikt. Voor Joodse burgers, zoals K.A. Goldstein, waren economische overtredingen (of zelfs maar de verdenking daarvan) levensgevaarlijk. De bureaucratische samenwerking tussen verschillende instanties, zoals in deze brief getoond, was vaak een opmaat naar zwaardere repressie.
Uit historische bronnen (zoals het Joods Monument) is bekend dat Karel Alexander Goldstein inderdaad is weggevoerd. Hij werd op 9 juli 1943 vermoord in vernietigingskamp Sobibor. Documenten als deze illustreren hoe het dagelijks leven en de beroepsuitoefening van Joodse Amsterdammers nauwgezet werden gevolgd door de autoriteiten vlak voordat zij werden gedeporteerd. K.A. Goldstein
Samenvatting
In deze brief vraagt een niet nader genoemde directeur aan de Inspecteur voor de Prijsbeheersing of er onlangs proces-verbaal is opgemaakt tegen Karel Alexander Goldstein. Goldstein wordt geïdentificeerd als een vismarktkoopman, geboren op 15 juni 1903 en wonend aan de 1e Helmerstraat 81-III in Amsterdam.
De aanleiding voor de vraag is een mogelijke overtreding van de prijsvoorschriften. Tijdens de bezettingsjaren was de controle op prijzen uiterst streng om zwarte handel en prijsopdrijving van schaarse goederen tegen te gaan. De Dienst van de Prijsbeheersing speelde hierin een centrale rol.
Historische Context
Dit document stamt uit februari 1943, een periode waarin de Duitse bezetting van Nederland een grimmige fase had bereikt. Voor Joodse burgers, zoals K.A. Goldstein, waren economische overtredingen (of zelfs maar de verdenking daarvan) levensgevaarlijk. De bureaucratische samenwerking tussen verschillende instanties, zoals in deze brief getoond, was vaak een opmaat naar zwaardere repressie.
Uit historische bronnen (zoals het Joods Monument) is bekend dat Karel Alexander Goldstein inderdaad is weggevoerd. Hij werd op 9 juli 1943 vermoord in vernietigingskamp Sobibor. Documenten als deze illustreren hoe het dagelijks leven en de beroepsuitoefening van Joodse Amsterdammers nauwgezet werden gevolgd door de autoriteiten vlak voordat zij werden gedeporteerd.