Archief 745
Inventaris 745-406
Pagina 649
Jaar 1943
Stadsarchief

Gedrukt officieel reglement of uittreksel uit een rechtshandeling (arbeidsovereenkomst).

Origineel

Gedrukt officieel reglement of uittreksel uit een rechtshandeling (arbeidsovereenkomst). Arbeidsovereenkomst
137 wasch- en kassameisjes.

van toepassing is, aanspraak hebben op bijzonder verlof met behoud van
loon, heeft de jeugdige arbeidster aanspraak op verlof met behoud van loon.
(2). De in het eerste lid bedoelde aanspraak vervalt, indien en voor
zoover de daar bedoelde verrichtingen kunnen geschieden in eigen vrijen tijd.

Art. 11
De regeling in zake het tijdstip, waarop de vacantie ingaat en van het
aanvragen van vacantie en gewoon of bijzonder verlof, berust bij het hoofd
van dienst.

Art. 12
(1). In geval de jeugdige arbeidster door ziekte, zwangerschap, bevalling
of een ongeval verhinderd is haar arbeid te verrichten, gelden de bepalingen
van de Ziektewet, onderscheidenlijk van de Ongevallenwet-1921 en van de
besluiten van den Gemeenteraad van Amsterdam van 3 April 1912 en
10 Maart 1915, met dien verstande, dat :
a het ziekengeld krachtens de Ziektewet en de uitkeering krachtens de
Ongevallenwet worden aangevuld tot het volle loon ;
b in bijzondere gevallen het hoofd van dienst, indien hij hiertoe door
Burgemeester en Wethouders is gemachtigd, nadat gedurende den
maximum-termijn ziekengeld krachtens de Ziektewet is genoten, nog
gedurende ten hoogste zes en twintig weken ziekengeld kan uitbetalen
ten bedrage van twee derden van het loon ;
c gedurende het tijdvak van de uitbetaling van het ziekengeld of loon,
bedoeld onder b, en het aanvullende loon, bedoeld onder a, in geval
wegens ongeval wordt verzuimd, de jeugdige arbeidster verplicht is tot
naleving van door het hoofd van dienst vast te stellen contrôlevoor-
schriften.
(2). Indien noodig, worden door het hoofd van dienst aanvullende
voorschriften vastgesteld, in zake het kennisgeven van ziekte en ongeval.

Art. 13
Indien een jeugdige arbeidster, in verband met een in gemeentedienst
overkomen ongeval, een uitkeering of rente krachtens de Ongevallenwet-
1921 geniet, doch haar werkzaamheden volledig heeft hervat, wordt haar
loon verminderd met het bedrag dier uitkeering of rente.

Art. 14
(1). Indien de jeugdige arbeidster zich misdragen heeft, de haar opge-
legde verplichtingen niet is nagekomen of zich overigens aan plichtsverzuim
heeft schuldig gemaakt, kan zij door het hoofd van dienst worden gestraft.
(2). De straffen, welke kunnen worden opgelegd, zijn :
a schriftelijke berisping ;
b schorsing gedurende bepaalden tijd, met gemis van loon gedurende den
tijd der schorsing ;
c ontslag uit den dienst. Dit document bevat de artikelen 11 tot en met 14 van een collectieve arbeidsovereenkomst voor "jeugdige arbeidsters" werkzaam als wasmeisje of kassameisje in Amsterdamse gemeentedienst.

  • Verlofregeling (Art. 11): Geeft de leidinggevende (hoofd van dienst) volledige zeggenschap over de planning van vakanties en verlof.
  • Sociale Zekerheid (Art. 12 & 13): De regels tonen een voor die tijd relatief sociaal beleid. Waar de landelijke wetgeving (Ziektewet/Ongevallenwet) vaak slechts een deel van het loon dekte, vulde de gemeente Amsterdam dit aan tot het volle loon. Tevens is er expliciete aandacht voor zwangerschap en bevalling.
  • Discipline (Art. 14): Het tuchtrecht is streng en hiërarchisch opgebouwd, eindigend bij ontslag.
  • Terminologie: Het gebruik van de term "jeugdige arbeidster" duidt op een specifieke juridische categorie werknemers (meestal meisjes onder de 18 of 21 jaar). De spelling (bijv. "wasch", "vacantie", "contrôle") is kenmerkend voor het Nederlands van vóór de spellinghervorming van Marchant (1934). Het document illustreert de professionalisering van de arbeidsverhoudingen bij de overheid in het begin van de 20e eeuw. Na de Eerste Wereldoorlog werd de sociale wetgeving in Nederland drastisch uitgebreid (zoals de genoemde Ongevallenwet van 1921). Gemeenten zoals Amsterdam liepen vaak voorop met gunstigere arbeidsvoorwaarden dan in de private sector, maar handhaafden tegelijkertijd een strikt toezicht en disciplinair regime voor hun personeel. De focus op was- en kassameisjes herinnert aan de specifieke sekse-gebonden beroepenstructuur van die tijd, waarbij jonge vrouwen vaak werkten in de dienstverlenende en huishoudelijke sfeer van gemeentelijke instellingen (zoals badhuizen of ziekenhuizen). Gemeente Amsterdam

Samenvatting

Dit document bevat de artikelen 11 tot en met 14 van een collectieve arbeidsovereenkomst voor "jeugdige arbeidsters" werkzaam als wasmeisje of kassameisje in Amsterdamse gemeentedienst.

  • Verlofregeling (Art. 11): Geeft de leidinggevende (hoofd van dienst) volledige zeggenschap over de planning van vakanties en verlof.
  • Sociale Zekerheid (Art. 12 & 13): De regels tonen een voor die tijd relatief sociaal beleid. Waar de landelijke wetgeving (Ziektewet/Ongevallenwet) vaak slechts een deel van het loon dekte, vulde de gemeente Amsterdam dit aan tot het volle loon. Tevens is er expliciete aandacht voor zwangerschap en bevalling.
  • Discipline (Art. 14): Het tuchtrecht is streng en hiërarchisch opgebouwd, eindigend bij ontslag.
  • Terminologie: Het gebruik van de term "jeugdige arbeidster" duidt op een specifieke juridische categorie werknemers (meestal meisjes onder de 18 of 21 jaar). De spelling (bijv. "wasch", "vacantie", "contrôle") is kenmerkend voor het Nederlands van vóór de spellinghervorming van Marchant (1934).

Historische Context

Het document illustreert de professionalisering van de arbeidsverhoudingen bij de overheid in het begin van de 20e eeuw. Na de Eerste Wereldoorlog werd de sociale wetgeving in Nederland drastisch uitgebreid (zoals de genoemde Ongevallenwet van 1921). Gemeenten zoals Amsterdam liepen vaak voorop met gunstigere arbeidsvoorwaarden dan in de private sector, maar handhaafden tegelijkertijd een strikt toezicht en disciplinair regime voor hun personeel. De focus op was- en kassameisjes herinnert aan de specifieke sekse-gebonden beroepenstructuur van die tijd, waarbij jonge vrouwen vaak werkten in de dienstverlenende en huishoudelijke sfeer van gemeentelijke instellingen (zoals badhuizen of ziekenhuizen).

Producten

A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Textiel & Kleding: Band Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Paling Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Gemeente Amsterdam

Kooplieden in dit dossier 100

A. Goldbohm Waterlooplein
V. Barbiers Uilenburg centrale markt
W. van Beeren Uilenburg hoofdkantoor
Bekkering Uilenburg dagmarkt
I.J. Velleman Uilenburg dagmarkt
H. Bijland Uilenburg centrale markt
Blom Zwanenburgwal "
I.J. Velleman Uilenburg "
I.J. Velleman Waterlooplein "
Broerse Nieuwmarkt thans aangesteld als Gemt. Gevolmachtigde voor grossierszaken in groente en fruit op de Centrale Markt.
W. van Burg Uilenburg "
C. Markt Waterlooplein betreft 32 ambtenaren; 1 ambtenaar valt onder rubriek bijzondere gevallen.
C. Markt Waterlooplein betreft 32 ambtenaren; 1 ambt. valt onder rubriek bijzondere gevallen.
C. Markt Waterlooplein betreft 32 ambtenaren; 1 ambtenaar valt onder rubriek bijzondere gevallen.
C.G. de Vries Uilenburg
Cobussen Uilenburg gedetacheerd van Sociale Zaken
C. Sliphorst Uilenburg Kattenb. kade 44 II / 2
C. van Zanten Uilenburg A.35 – 576251
C. van Zanten Uilenburg A.35 – 576251
C. van Hanten Uilenburg V. Hogendorpstr. 213 / 4
Dijkema Nieuwmarkt "
I.J. Velleman Uilenburg hoofdkantoor
Van Duinhoven Uilenburg hoofdkantoor
I.J. Velleman Uilenburg "
E. Engelen Uilenburg "
Felthuis Uilenburg "
F. Fleurbaay Uilenburg " **X**
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6