Handgeschreven kwitantie of administratieve notitie (reçu/bon).
Origineel
Handgeschreven kwitantie of administratieve notitie (reçu/bon). [Regel 1:] Hoofdbureau [?]
[Regel 2:] [Onduidelijke handtekening, mogelijk beginnend met 'M' of 'N']
[Regel 3:] bon f 1.- C. 54 * Handschrift: De tekst is geschreven in een typisch laat-19e-eeuws of vroeg-20e-eeuws cursief schrift. De handtekening in het midden is zeer zwierig en expressief, wat duidt op een persoon met een zekere autoriteit of een geoefende hand.
* Inhoud: De kern van het document is de onderste regel: "bon f 1.- C. 54".
* "bon" duidt op een tegoed of een bewijs van betaling.
* "f 1.-" staat voor 1 gulden (Florijn).
* "C. 54" is waarschijnlijk een referentienummer, een categorisering of een volgnummer in een grootboek.
* Datering: Op basis van de gebruikte inkt (paars/blauw was populair vanaf circa 1880) en de schrijfwijze van het guldenteken, is het document vermoedelijk te dateren tussen 1880 en 1930. Dergelijke documenten fungeren vaak als 'snippers' in een administratief archief. Ze werden gebruikt voor kleine kasuitgaven bij overheidsinstanties (zoals gesuggereerd door de mogelijke term "Hoofdbureau") of commerciële instellingen. Het briefje diende als bewijsstuk voor de kassier om een uitgave van één gulden te verantwoorden. De vage letters linksonder suggereren dat dit papier mogelijk hergebruikt is of uit een gebonden boekje komt waar de inkt van de tegenoverliggende pagina is afgegeven. Hoofdbureau
Samenvatting
- Handschrift: De tekst is geschreven in een typisch laat-19e-eeuws of vroeg-20e-eeuws cursief schrift. De handtekening in het midden is zeer zwierig en expressief, wat duidt op een persoon met een zekere autoriteit of een geoefende hand.
- Inhoud: De kern van het document is de onderste regel: "bon f 1.- C. 54".
- "bon" duidt op een tegoed of een bewijs van betaling.
- "f 1.-" staat voor 1 gulden (Florijn).
- "C. 54" is waarschijnlijk een referentienummer, een categorisering of een volgnummer in een grootboek.
- Datering: Op basis van de gebruikte inkt (paars/blauw was populair vanaf circa 1880) en de schrijfwijze van het guldenteken, is het document vermoedelijk te dateren tussen 1880 en 1930.
Historische Context
Dergelijke documenten fungeren vaak als 'snippers' in een administratief archief. Ze werden gebruikt voor kleine kasuitgaven bij overheidsinstanties (zoals gesuggereerd door de mogelijke term "Hoofdbureau") of commerciële instellingen. Het briefje diende als bewijsstuk voor de kassier om een uitgave van één gulden te verantwoorden. De vage letters linksonder suggereren dat dit papier mogelijk hergebruikt is of uit een gebonden boekje komt waar de inkt van de tegenoverliggende pagina is afgegeven.