Getypt uittreksel/eensluidend afschrift op doorslagpapier.
Origineel
Getypt uittreksel/eensluidend afschrift op doorslagpapier. 9 april 1943. [Links boven, vaag getypt:]
P. Morees - R'dam
[Midden sectie:]
"Leko", Electr. stofzuigers enz.
Abstederdijk 151 - Utrecht 119 kg
Ned. Dokmaatschappij, Noorder Y-
polder 8 te Amsterdam 37 kg
Wolff & Beneyn, 1e v.d. Kunstraat 5
te 's-Gravenhage 23 kg
[Onder sectie, paarse stempel:]
NEDERLANDSCHE VISSCHERIJCENTRALE,
w.g. A. J. VELTKAMP
[Getypt:]
voor eensluidend afschrift
NEDERLANDSCHE VISSCHERIJCENTRALE,
[Handgeschreven handtekening/paraf in paarse inkt over de getypte tekst]
[Rechts onder, handgeschreven in donkere inkt:]
Gezien
[Handtekening]
9 - 4 - 43.
[Links onder, vaag:]
Rxy
Opmerking: De tekst die in spiegelbeeld zichtbaar is, hoort bij de achterzijde van het document en is niet getranscribeerd. Het document is een officieel gecertificeerd afschrift van een lijst met gewichten (totaal 179 kg) toegewezen aan of afkomstig van drie verschillende bedrijven in drie verschillende steden.
- "Leko", Electr. stofzuigers enz. te Utrecht (119 kg).
- Nederlandsche Dokmaatschappij (onderdeel van wat later de NDSM werd) in Amsterdam-Noord (37 kg).
- Wolff & Beneyn in Den Haag (23 kg).
Het betreft een "eensluidend afschrift", wat betekent dat dit een officiële kopie is die door de uitvaardigende instantie (de Nederlandsche Visscherijcentrale) als identiek aan het origineel is gewaarmerkt. De oorspronkelijke ondertekenaar was A.J. Veltkamp. De kopie is op 9 april 1943 gecontroleerd ("Gezien") en afgetekend. Dit document dateert uit april 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland.
De Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC) was een overheidsorgaan dat tijdens de bezetting de regie voerde over de visserijsector. Vanwege de voedselschaarste en de strategische belangen van de bezetter was de visserij streng gereguleerd.
Hoewel de lijst bedrijven bevat die niet direct met visserij te maken lijken te hebben (zoals een stofzuigerfabrikant en een scheepsdok), wijst de betrokkenheid van de Visscherijcentrale op de distributie of vordering van schaarse goederen. Het zou kunnen gaan om de toewijzing van industriële vetten, metalen, of wellicht bijproducten van de visverwerking (zoals visolie) die voor industriële doeleinden door deze bedrijven werden gebruikt. In een tijd van strikte distributie en schaarste moest elke kilo grondstof officieel worden verantwoord en gedocumenteerd door centrale instanties. A.J. Veltkamp P. Morees