Vervolgblad van een circulaire (nr. 1380).
Origineel
Vervolgblad van een circulaire (nr. 1380). 9 juli 1942. [Linksboven handgeschreven:] 12/8
vervolg circ.1380, dd.9-7-42.
ontvangen (uiterlijk Maandagmorgen 13 dezer in ons bezit).
Ter verduidelijking van de invulling moge onderstaand voorbeeld dienen, terwijl als "afdeeling" is te beschouwen:
slachterij )
worstmakerij )
rookerij ) voor abattoirs en
darmwasscherij ) vleeschwarenbedrijven
koelinstallatie )
werkplaats ) )
kantoor ) )
machinekamer ) ) voor koelhuizen
verlading ) )
expeditie ) )
| arbeiders
afdeeling |------------------------------------------------| aantal
| leeftijd | werkz.als of bij |
| van-tot | (aant.& soort mach.) |
---------------|----------|-------------------------------------|--------
worstmakerij | 20-40 | 1 worststopmach. | 4
| 20-25 | 1 mengbak | 2
darmwasscherij | 25 | sorteerder en zouter | 2
BEDRIJFSORGANISATIE VOOR
VEE EN VLEESCH,
[handtekening: J. v.d. Riet] * **Administratieve controle:** Het document getuigt van een strikte administratieve controle op de vleesverwerkende industrie tijdens de Tweede Wereldoorlog. Bedrijven moesten zeer specifiek aangeven op welke afdeling personeel werkzaam was, wat hun leeftijd was en bij welke machines zij stonden.
- Indeling: Er wordt een duidelijk onderscheid gemaakt tussen abattoirs (slachthuizen), vleeswarenbedrijven en koelhuizen.
- Terminologie: De spelling is conform de toen geldende normen (bijv. "vleeschwaren", "afdeeling", "darmwasscherij"). De afkorting "dd." staat voor de dato (gedateerd op) en "dezer" verwijst naar de huidige maand.
- Doelgerichtheid: De nadruk op leeftijden van arbeiders (bijv. "20-40" en "20-25") is opvallend en wijst op de registratie van mankracht. Dit document is opgesteld in juli 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. De Bedrijfsorganisatie voor Vee en Vleesch was een van de zogeheten "Bedrijfschappen" of "Vakgroepen" die door de bezetter werden gecontroleerd om de economie en de voedselvoorziening te reguleren.
Dergelijke personeelsregistraties waren in deze periode vaak een voorbode of onderdeel van de Arbeidseinsatz. De bezetter wilde precies weten hoeveel gezonde mannen in welke leeftijdscategorieën in cruciale sectoren werkten, om te bepalen wie kon worden vrijgesteld en wie kon worden opgeroepen voor werk in de Duitse oorlogsindustrie. Daarnaast diende deze registratie voor de centrale planning van de voedseldistributie en productie-efficiëntie onder oorlogsomstandigheden.