Brief (doorslag/archiefexemplaar)
Origineel
Brief (doorslag/archiefexemplaar) 13 januari 1944 De Directeur (van een gemeentelijke dienst, waarschijnlijk de Reinigingsdienst of Openbare Werken gezien de context van "werklieden") [Handgeschreven, bovenaan midden:]
Verzonden 13/1
[Handgeschreven, rechtsboven:]
M. Büller
te herinnering
V. Beun
[Getypte tekst:]
8b/1/1M. 1 13 Januari 1944. SV.
Den Heer Wethouder voor
de Levensmiddelen,
A l h i e r.
============
Naar aanleiding van de circulaire van Uw Ambtgenoot voor de Pensioenen d.d. 24 December jl. no. 2714 P.B./1078 L.M.1943 heb ik de eer U beleefd te verzoeken wel te willen bevorderen, dat bij Besluit van den Burgemeester, gerekend te zijn ingegaan de eerste loonweek van Januari 1944 de pensioengrondslagen over de op bijgaande staat vermelde werklieden van mijn dienst, ingevolge artikel 8 lid 2 van het Koninklyk Besluit van 11 Juli 1922 (S.444), zooals dit Besluit laatstelijk is gewijzigd, worden vastgesteld zooals onder het hoofd "Nieuwe Toestand" is aangegeven.
De Directeur,
[Handgeschreven onderaan:]
494
[Handtekening: Bullekens] In deze zakelijke brief verzoekt de directeur van een niet nader genoemde gemeentelijke dienst aan de Wethouder voor de Levensmiddelen om een formeel besluit van de burgemeester te bewerkstelligen. Dit besluit betreft de vaststelling van nieuwe pensioengrondslagen voor de werklieden die onder zijn dienst vallen.
De aanpassing is gebaseerd op een circulaire van de "Ambtgenoot voor de Pensioenen" van eind 1943 en moet met terugwerkende kracht ingaan vanaf de eerste loonweek van januari 1944. Er wordt specifiek verwezen naar de wettelijke basis in het Koninklijk Besluit van 11 juli 1922. De term "Nieuwe Toestand" suggereert een herstructurering of indexering van de pensioenbijdragen of -uitkeringen voor de betreffende groep werknemers. Het document dateert van januari 1944, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Ondanks de oorlogssituatie bleef de gemeentelijke bureaucratie en de uitvoering van sociale wetgeving (zoals pensioenen) grotendeels functioneren volgens bestaande structuren, zij het onder toezicht van de bezetter.
De vermelding van de "Wethouder voor de Levensmiddelen" is interessant; tijdens de bezetting was de distributie van voedsel een cruciale en complexe taak. Dat de directeur zich tot deze specifieke wethouder wendt voor pensioenzaken van werklieden, kan erop duiden dat deze werklieden verbonden waren aan diensten die essentieel waren voor de voedselvoorziening of dat de wethouder deze specifieke administratieve portefeuille beheerde. De archaïsche spelling (zoals "Koninklyk" met een y) was destijds nog gangbaar in officiële stukken. V. Beun