Archiefdocument
Origineel
15 juni 1935. De Wethouder voor de Levensmiddelen (getekend door Kropman). [Stempel/Handgeschreven bovenaan rechts:] Marktw 70
GEMEENTE AMSTERDAM
[Links:]
No 20/153 M. 1935 (4/6)
AFD. L.M.
No. 501 (1935).
BIJLAGEN
[Midden:]
Gezien
[Paraaf/Handtekening]
[Rechts:]
Afschrift. [Onderstreept]
AMSTERDAM, 15 Juni 1935.
MEN WORDT VERZOCHT BIJ HET ANTWOORD
NAUWKEURIG HET NUMMER EN DE AFDEELING
VAN DIT SCHRIJVEN TE VERMELDEN.
[Handtekening/Paraaf, mogelijk 'M de Haer']
Naar aanleiding van Uw dd. 8 Mei tot de Commissie voor Schoeisel gericht schryven deel ik U mede, dat den desbetreffenden kooplieden is aangezegd, dat zy, indien zy het opplakken van rubberzolen en het repareeren van schoenen op de markt niet nalaten, van de markt zullen worden verwyderd. Aan de marktopzichters is opgedragen hieraan streng de hand te houden.
Br.
[Symbool/Paraaf]
De Wethouder voor de Levensmiddelen,
(get.) Kropman. [Onderstreept]
Aan den heer C.de Jong,
Ferdinand Bolstraat 164,
Amsterdam-Zuid. [Onderstreept]
[Onderaan links:]
Model G.A. 6
25.000—4—'35 Dit document is een officieel afschrift van een besluit van de Gemeente Amsterdam uit 1935. Het is een reactie op een brief van 8 mei van de heer C. de Jong aan de 'Commissie voor Schoeisel'. De kern van de zaak is een verbod op bepaalde ambachtelijke werkzaamheden op de markt: het ter plekke repareren van schoenen en het opplakken van rubberzolen.
De tekst is formeel en dreigend van aard richting de marktkooplieden: bij overtreding volgt verwijdering van de markt. De marktopzichters krijgen de expliciete opdracht om hier streng op te controleren ('streng de hand te houden'). De spelling is conform de tijd, met gebruik van de 'y' in plaats van 'ij' (schryven, zy, verwyderd). De aanwezigheid van het woord "(get.)" voor de naam Kropman bevestigt dat dit een getypt kopie-exemplaar is voor de administratie of de geadresseerde, niet het origineel met de 'natte' handtekening van de wethouder zelf. In de jaren '30, de crisisjaren, was er veel concurrentie tussen gevestigde winkeliers (zoals schoenmakers met een vast pand) en ambulante handelaren op de markt. Marktkooplieden boden vaak goedkopere diensten aan, zoals het snel plakken van rubberen zolen, wat door de gevestigde branche als oneerlijke concurrentie werd gezien.
De 'Commissie voor Schoeisel' was waarschijnlijk een adviesorgaan of een belangenorganisatie die toezag op de kwaliteit en regulering binnen de sector. De geadresseerde, de heer C. de Jong, woonde aan de Ferdinand Bolstraat. Gezien de nabijheid van de Albert Cuypmarkt is het aannemelijk dat de klacht of de kwestie betrekking had op die specifieke markt. De wethouder van Levensmiddelen was in die tijd verantwoordelijk voor het marktwezen. Wethouder Kropman (waarschijnlijk de katholieke politicus Bernard Kropman) was in deze periode inderdaad actief in het Amsterdamse college. C. de Jong Kropman (Wethouder) Gemeente Amsterdam Marktwezen