Getypte ambtelijke verklaring/rapportage (pagina 2).
Origineel
Getypte ambtelijke verklaring/rapportage (pagina 2). 24 mei 1944. J.P.N. Boon, controleur bij de gemeente Amsterdam. (2)
Gezien de verklaringen van de Marktambtenaren, staat voor mij
niet vast, dat Schilder ~~niet~~ de bedoeling heeft gehad, de toewijzing
buiten de aangegeven markt om te verkoopen.
Amsterdam 24 Mei 1944
Den Heer Inspecteur controleur,
van het Marktwezen. [Handtekening: J.P.N. Boon]
J.P.N. Boon. Dit document betreft een formeel oordeel van een marktcontroleur over een vermeende overtreding door een persoon genaamd Schilder. De kern van de zaak is of Schilder de intentie had om goederen te verkopen buiten de hem toegewezen marktplaats.
Opvallend is de tekstuele correctie. Oorspronkelijk stond er getypt dat het "vast staat dat Schilder niet de bedoeling had", wat een vrijspraak van opzet zou betekenen. Door de correctie (het woord "niet" in de getypte zin is doorgehaald en voor "vast" ingevoegd) verandert de strekking naar: "het staat voor mij niet vast dat Schilder de bedoeling heeft gehad". Dit is een juridisch-administratieve nuance: de controleur verklaart hiermee niet dat Schilder onschuldig is, maar dat de kwade opzet op basis van de verklaringen niet onomstotelijk bewezen kan worden. Het document is gedateerd op 24 mei 1944, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was het Marktwezen (een gemeentelijke dienst) belast met de strenge handhaving van marktregels. Door de enorme schaarste aan goederen en de bloeiende zwarte handel was de controle op waar, wanneer en door wie er verkocht mocht worden van groot belang voor de autoriteiten. Overtredingen van de marktverordeningen konden in die tijd leiden tot zware straffen of intrekking van de vergunning. Dit document toont de ambtelijke zorgvuldigheid waarmee dergelijke zaken, zelfs in oorlogstijd, werden afgehandeld. J.P.N. Boon Gemeente Amsterdam Marktwezen
Samenvatting
Dit document betreft een formeel oordeel van een marktcontroleur over een vermeende overtreding door een persoon genaamd Schilder. De kern van de zaak is of Schilder de intentie had om goederen te verkopen buiten de hem toegewezen marktplaats.
Opvallend is de tekstuele correctie. Oorspronkelijk stond er getypt dat het "vast staat dat Schilder niet de bedoeling had", wat een vrijspraak van opzet zou betekenen. Door de correctie (het woord "niet" in de getypte zin is doorgehaald en voor "vast" ingevoegd) verandert de strekking naar: "het staat voor mij niet vast dat Schilder de bedoeling heeft gehad". Dit is een juridisch-administratieve nuance: de controleur verklaart hiermee niet dat Schilder onschuldig is, maar dat de kwade opzet op basis van de verklaringen niet onomstotelijk bewezen kan worden.
Historische Context
Het document is gedateerd op 24 mei 1944, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was het Marktwezen (een gemeentelijke dienst) belast met de strenge handhaving van marktregels. Door de enorme schaarste aan goederen en de bloeiende zwarte handel was de controle op waar, wanneer en door wie er verkocht mocht worden van groot belang voor de autoriteiten. Overtredingen van de marktverordeningen konden in die tijd leiden tot zware straffen of intrekking van de vergunning. Dit document toont de ambtelijke zorgvuldigheid waarmee dergelijke zaken, zelfs in oorlogstijd, werden afgehandeld.