Getypte brief op doorslagpapier (archiefkopie).
Origineel
Getypte brief op doorslagpapier (archiefkopie). 20 januari 1942. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen Amsterdam). VD/HG.
37/6/5 M.
1
20 Januari 1942.
Groenten- en fruithandelaar
Natan Hakker.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d. 16 dezer om spoedig advies ontvangen stuk No. 94 L.M. 1942 heb ik de eer U te berichten, dat ik toevalligerwijs op de hoogte ben gekomen van het feit, dat de firma N. Hakker, welke firma als "kooper" toegang tot de Centrale Markt is verleend, heeft moeten liquideeren. Mevr. Polak Hakker (dochter van N. Hakker) heeft dit namelijk tijdens een onderhoud te mijnen kantore medegedeeld en daarbij gevraagd of het mogelijk was, dat zij voortging met het bedienen van klanten aan huis (deze vraag heb ik U met mijn brief d.d. 31 December jl. No. 18/15/19 M. voorgelegd.)
Aangezien echter mijn dienst tot nu toe officieel nimmer bericht ontving van opdrachten tot liquidatie, zoodat het niet mogelijk was om terzake de noodzakelijke uitvoeringsmaatregelen te nemen, heb ik deze aangelegenheid op 7 dezer onder No. 37/6/1 M. onder Uw aandacht gebracht. Handelaren welke, om welke reden dan ook, hun bedrijf hebben gestaakt, kunnen namelijk geen rechten meer doen gelden tot toelating op de Centrale Markt.
Voor de goede orde herinner ik U, dat deze aangelegenheid reeds is besproken tijdens het onderhoud, waaraan ook door U werd deelgenomen met Wirtschaftsreferent Goumbault van het Bureau van den Beauftragte voor de stad Amsterdam, die heeft toegezegd in voorkomende gevallen mededeeling te zullen doen aan mijn dienst en alsnog kennis te zullen geven van de reeds verstrekte opdrachten tot liquidatie aan die zaken, waarmede den dienst van het Marktwezen bemoeiingen heeft.
De ventvergunning van N. Hakker zal te mijnen kantore worden gevoegd bij de ingehouden vergunningen der Joodsche straathandelaren. De erkenningskaart van N. Hakker zal dezerszijds worden doorgezonden naar de Nederlandsche Groenten en Fruitcentrale, daar mijns inziens deze kaart behoort te worden ingetrokken.
De Directeur, Deze brief is een bureaucratische vastlegging van de economische uitsluiting van Joodse ondernemers tijdens de Tweede Wereldoorlog. De kernpunten zijn:
- Informatievoorziening: De directeur van de marktdienst beklaagt zich erover dat hij niet officieel op de hoogte wordt gesteld van liquidaties door de Duitse instanties (de Beauftragte), waardoor hij niet snel genoeg "uitvoeringsmaatregelen" kan nemen.
- Persoonlijk drama: De dochter van Natan Hakker, Mevr. Polak-Hakker, heeft geprobeerd de klantenkring aan huis te blijven bedienen nadat de firma moest liquideren, een verzoek dat door de bureaucratie wordt afgewezen omdat de rechten op markttoegang vervallen bij staking van het bedrijf.
- Systematische uitsluiting: De brief vermeldt expliciet dat de vergunning van Hakker wordt toegevoegd aan de stapel "ingehouden vergunningen der Joodsche straathandelaren". Dit illustreert hoe de Amsterdamse ambtenarij meewerkte aan de uitvoering van de anti-Joodse maatregelen. In januari 1942 was de "Arisering" van de Nederlandse economie in volle gang. Joodse ondernemers werden gedwongen hun zaken te verkopen of te liquideren onder toezicht van de Wirtschaftsprüfstelle. In Amsterdam, waar veel Joodse handelaren actief waren in de groenten- en fruithandel, had dit een enorme impact op de Centrale Markt. De "Beauftragte voor de stad Amsterdam" (Hans Böhmcker) was de hoogste Duitse autoriteit in de stad en hield direct toezicht op het gemeentebestuur en de uitsluiting van Joden uit het openbare en economische leven. De genoemde "Wirtschaftsreferent Goumbault" was een schakel tussen het Duitse bestuur en de Nederlandse instanties om deze liquidaties administratief af te wikkelen.