Archiefdocument
Origineel
22 juni 1942 De Directeur van de Centrale Markt, C.F. Sixma [Stempel bovenaan, vervaagd:] M. TOESTAND ...
[Rechtsboven:] Amsterdam, 22 Juni 1942.
Aan de grossiers gevestigd op
de Centrale Markt.
[Stempel in paars:] Nº 37/6/186 M. 1942
In aansluiting op mijn circulaire van 15 Juni j.l. geef ik U hieronder nadere richtlijnen voor de beschikbaarstelling van groenten voor de Joodsche bevolking, Van Uw totalen aanvoer (behalve de primeurs) moet het percentage, dat per dag wordt bekend gemaakt, worden geleverd aan de Nederlandsche Veiling.
Voorbeeld: Grossier A heeft op een dag aangevoerd gekregen:
8 kisten spinazie
4 " tomaten
8 " andijvie
13 " komkommers
24 " bloemkool
6 " bospeen
--
63 colli totaal
==============
Van dit totaal moet derhalve het opgegeven percentage worden getrokken, waarbij zooveel mogelijk met den aanvoer van elke soort wordt rekening gehouden en waarbij ook het totaal gewicht in het oog moet worden gehouden.
De Directeur,
C.F.Sixma. Dit document is een administratieve instructie die de logistieke uitvoering van de segregatie tijdens de Duitse bezetting illustreert. De belangrijkste aspecten zijn:
- Rationering en controle: Het document beschrijft een systeem waarbij een dagelijks wisselend percentage van de totale handelsvoorraad van groothandelaren (grossiers) moet worden afgestaan.
- Uitsluiting van kwaliteit: Specifiek wordt vermeld dat "primeurs" (vroege, vaak duurdere seizoensgroenten) buiten deze regeling vallen. Dit duidt erop dat de Joodse bevolking enkel toegang kreeg tot de meer algemene of goedkopere voorraden.
- Administratieve precisie: De directeur geeft een expliciet rekenvoorbeeld in "colli" (verpakkingseenheden) om ervoor te zorgen dat de grossiers precies weten hoeveel zij moeten inleveren bij de "Nederlandsche Veiling".
- De rol van de Centrale Markt: De Amsterdamse Centrale Markt fungeerde als een cruciaal distributiepunt waar de bezettingsmaatregelen direct konden worden opgelegd aan de handel. De datum van de brief, 22 juni 1942, is historisch zeer significant. Het markeert een dieptepunt in de vervolging van de Joden in Nederland. Slechts enkele weken eerder (mei 1942) was de Jodenster verplicht gesteld, en minder dan een maand na deze brief (juli 1942) begonnen de grootschalige deportaties vanuit Nederland naar de vernietigingskampen.
Tijdens deze periode was de bewegingsvrijheid van Joden extreem beperkt; zij mochten alleen winkelen tussen 15:00 en 17:00 uur bij specifiek aangewezen winkels. Dit document toont de "onzichtbare" kant van deze uitsluiting: hoe de toevoer naar die winkels ambtelijk werd geregeld en beperkt door de directie van de Centrale Markt onder leiding van C.F. Sixma. Het is een voorbeeld van hoe het reguliere Nederlandse bestuur werd ingezet om de discriminerende verordeningen van de Duitse bezetter uit te voeren.