Ambtsbrief / Bekendmaking op typschrift.
Origineel
Ambtsbrief / Bekendmaking op typschrift. J.J. Sieburgh, waarnemend (wnd.) Directeur van het Marktwezen. MARKTWEZEN-AMSTERDAM.
Aan de Grossiers in groente, gevestigd
op de Centrale Markt.
De laatste weken is bij mij de indruk gewekt, dat
niet alle grossiers volledig medewerken aan de uitvoering
van de " Regeling beschikbaarstelling groenten voor de
Joodsche bevolking ".
Ik wil hierbij nog een laatste, ernstige waarschu-
wing tot U richten om volledig aan Uw verplichtingen ten
aanzien van bovenbedoelde leveringen te voldoen, aangezien
anders tot ernstige maatregelen(eventueel schorsing voor
langen tijd van de Centrale Markt) moet worden overgegaan)
De Directeur,
wnd.
J.J.Sieburgh. * Inhoud: Het document is een officiële waarschuwing aan groothandelaren op de Centrale Markt in Amsterdam. De waarnemend directeur stelt vast dat de medewerking aan de levering van groenten voor de Joodse bevolking tekortschiet. Hij dreigt met zware sancties, met name de ontzegging van toegang tot de markt voor langere tijd, indien de medewerking niet verbetert.
* Toon en taalgebruik: De toon is dwingend en bureaucratisch ("laatste, ernstige waarschuwing"). Het gebruik van aanhalingstekens rond de specifieke regeling benadrukt het officiële, door de bezetter opgelegde karakter ervan.
* Administratieve context: Het document toont de actieve rol van de gemeentelijke bureaucratie in de uitvoering van discriminerende wetgeving. Ambtenaren zoals Sieburgh fungeerden als doorgeefluik en handhaver van de maatregelen van de bezetter. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). Vanaf 1941 werden er steeds meer beperkende maatregelen opgelegd aan de Joodse bevolking, ook wat betreft de voedselvoorziening. Joden mochten vaak alleen op specifieke tijden en bij specifieke winkels hun boodschappen doen.
De "Regeling beschikbaarstelling groenten voor de Joodsche bevolking" was bedoeld om de toevoer naar Joodse verkooppunten te isoleren en te controleren. Uit de tekst blijkt dat er onder de grossiers (groothandelaren) op de Centrale Markt sprake was van onwil, obstructie of "niet volledig medewerken". Dit kon voortkomen uit principiële bezwaren tegen de anti-Joodse politiek, maar ook uit praktische of economische motieven (bijvoorbeeld het liever verkopen aan reguliere klanten buiten de restrictieve regeling om).
Het dreigement met schorsing was een zeer zware straf, omdat grossiers voor hun bedrijfsvoering volledig afhankelijk waren van de toegang tot de Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam). J.J. Sieburgh werd in 1941 door de bezetter aangesteld als waarnemend directeur van het Marktwezen nadat zijn voorganger was ontslagen. J.J. Sieburgh Marktwezen
Samenvatting
- Inhoud: Het document is een officiële waarschuwing aan groothandelaren op de Centrale Markt in Amsterdam. De waarnemend directeur stelt vast dat de medewerking aan de levering van groenten voor de Joodse bevolking tekortschiet. Hij dreigt met zware sancties, met name de ontzegging van toegang tot de markt voor langere tijd, indien de medewerking niet verbetert.
- Toon en taalgebruik: De toon is dwingend en bureaucratisch ("laatste, ernstige waarschuwing"). Het gebruik van aanhalingstekens rond de specifieke regeling benadrukt het officiële, door de bezetter opgelegde karakter ervan.
- Administratieve context: Het document toont de actieve rol van de gemeentelijke bureaucratie in de uitvoering van discriminerende wetgeving. Ambtenaren zoals Sieburgh fungeerden als doorgeefluik en handhaver van de maatregelen van de bezetter.
Historische Context
Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). Vanaf 1941 werden er steeds meer beperkende maatregelen opgelegd aan de Joodse bevolking, ook wat betreft de voedselvoorziening. Joden mochten vaak alleen op specifieke tijden en bij specifieke winkels hun boodschappen doen.
De "Regeling beschikbaarstelling groenten voor de Joodsche bevolking" was bedoeld om de toevoer naar Joodse verkooppunten te isoleren en te controleren. Uit de tekst blijkt dat er onder de grossiers (groothandelaren) op de Centrale Markt sprake was van onwil, obstructie of "niet volledig medewerken". Dit kon voortkomen uit principiële bezwaren tegen de anti-Joodse politiek, maar ook uit praktische of economische motieven (bijvoorbeeld het liever verkopen aan reguliere klanten buiten de restrictieve regeling om).
Het dreigement met schorsing was een zeer zware straf, omdat grossiers voor hun bedrijfsvoering volledig afhankelijk waren van de toegang tot de Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam). J.J. Sieburgh werd in 1941 door de bezetter aangesteld als waarnemend directeur van het Marktwezen nadat zijn voorganger was ontslagen.