Getypte brief (doorslag of stencil) op grijs archiefpapier.
Origineel
Getypte brief (doorslag of stencil) op grijs archiefpapier. 3 maart 1942. De Directeur van het Marktwezen. Bladzijde 2 van brief No.37/13/10 M. d.d. 3 Maart 1942 aan
den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen van den Directeur
van het Marktwezen.
Verder moge ik U herinneren aan de pogingen van
Kliffen om toegelaten te worden tot de combinatie van bieten-
kokers-grossiers der Centrale Markt, waaromtrent ik U op 20
Januari jl. onder No.20/1/3 M. rapporteerde. Ook in dit geval
bestonden er geen termen om Kliffen, die blijkbaar tegelijk
als groothandelaar en kleinhandelaar wenscht op te treden,
ter wille te zijn.
De Directeur, Dit document is de tweede pagina van een ambtelijke correspondentie binnen het gemeentelijk apparaat (zeer waarschijnlijk Amsterdam, gezien de verwijzing naar de "Centrale Markt"). De Directeur van het Marktwezen adviseert de Wethouder voor de Levensmiddelen negatief over een verzoek van een zekere heer Kliffen.
Kliffen ambieerde een plek binnen de "combinatie van bietenkokers-grossiers". De afwijzing is gebaseerd op een strikt gehanteerd principe in de toenmalige handelsordening: de scheiding tussen groot- en kleinhandel. Omdat Kliffen beide functies tegelijkertijd wilde uitoefenen, werd zijn verzoek niet gehonoreerd. De zinsnede "geen termen bestaan om ter wille te zijn" is formele ambtelijke taal voor het feit dat er geen juridische of beleidsmatige grondslag is om aan het verzoek te voldoen. Het document dateert uit maart 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de voedselvoorziening en de distributie daarvan aan zeer strenge regels gebonden. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" en de "Directeur van het Marktwezen" speelden een cruciale rol in het beheersen van de goederenstromen in de stad.
De Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) was de spil van de voedseldistributie. Bieten (zowel rode bieten als suikerbieten) waren een belangrijk volksvoedsel. "Bietenkokers" waren gespecialiseerde verwerkers die de bieten kookten voor de verkoop aan winkeliers of direct aan het publiek. Het feit dat de overheid streng toezag op de scheiding tussen groothandel en detailhandel was bedoeld om prijsopdrijving, marktverstoring en ongecontroleerde handel (zwarte markt) tegen te gaan. Marktwezen
Samenvatting
Dit document is de tweede pagina van een ambtelijke correspondentie binnen het gemeentelijk apparaat (zeer waarschijnlijk Amsterdam, gezien de verwijzing naar de "Centrale Markt"). De Directeur van het Marktwezen adviseert de Wethouder voor de Levensmiddelen negatief over een verzoek van een zekere heer Kliffen.
Kliffen ambieerde een plek binnen de "combinatie van bietenkokers-grossiers". De afwijzing is gebaseerd op een strikt gehanteerd principe in de toenmalige handelsordening: de scheiding tussen groot- en kleinhandel. Omdat Kliffen beide functies tegelijkertijd wilde uitoefenen, werd zijn verzoek niet gehonoreerd. De zinsnede "geen termen bestaan om ter wille te zijn" is formele ambtelijke taal voor het feit dat er geen juridische of beleidsmatige grondslag is om aan het verzoek te voldoen.
Historische Context
Het document dateert uit maart 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de voedselvoorziening en de distributie daarvan aan zeer strenge regels gebonden. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" en de "Directeur van het Marktwezen" speelden een cruciale rol in het beheersen van de goederenstromen in de stad.
De Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) was de spil van de voedseldistributie. Bieten (zowel rode bieten als suikerbieten) waren een belangrijk volksvoedsel. "Bietenkokers" waren gespecialiseerde verwerkers die de bieten kookten voor de verkoop aan winkeliers of direct aan het publiek. Het feit dat de overheid streng toezag op de scheiding tussen groothandel en detailhandel was bedoeld om prijsopdrijving, marktverstoring en ongecontroleerde handel (zwarte markt) tegen te gaan.