Handgeschreven conceptbrief of afschrift op briefpapier van de Nederlandsche Visscherijcentrale.
Origineel
Handgeschreven conceptbrief of afschrift op briefpapier van de Nederlandsche Visscherijcentrale. Amsterdam, 16 februari 1943. Waarschijnlijk een functionaris van de N.V.C. (Nederlandsche Visscherij Centrale). Een niet bij naam genoemde instantie (verwezen wordt naar hun brief met kenmerk Nº 2258/A7/We). A'dam, 16/2 43
N.V.C.
Naar aanleiding van Uw
brief d.d. 29 Januari 1943 Nº 2258/A7/We
bericht ik U, dat de toewijzing J. v.
Schaik zeker te gering is om een winkel
te openen. Er bestaat dezerzijds geen enkele
aanleiding om deze toewijzing te verhoogen
om daardoor Van Schaik in staat te stellen
een winkel te beginnen. (onder de huidige omstandigheden)
Er bestaat te A'dam geen enkele
behoefte aan uitbreiding van het aantal
visschzaken en pogingen van straathande-
laren om hun zaak om te schakelen
kunnen slechts worden opgevat als een
streven om aan de, op de markten
uiteraard strengere, contrôle te ontkomen.
Ik geef U dan ook in overweging
op het verzoek afwijzend te beschikken. [initialen] * Kernboodschap: De N.V.C. adviseert negatief over het verzoek van een zekere J. van Schaik om een viswinkel te openen. De huidige toewijzing (visquota) is te laag voor een winkel en de N.V.C. weigert deze te verhogen.
* Argumentatie: Er wordt gesteld dat er in Amsterdam geen behoefte is aan meer viswinkels. Bovendien spreekt de schrijver een expliciet wantrouwen uit naar straathandelaren: hij vermoedt dat de wens om een vaste winkel te beginnen louter een poging is om de strengere controles op de markten te ontduiken.
* Toon en Stijl: De brief is opgesteld in een zakelijke, ambtelijke stijl die typerend is voor de oorlogsperiode ("dezerzijds", "afwijzend te beschikken"). De toon is streng en onbuigzaam, passend bij een autoritaire bestuursstructuur. * Historische periode: Geschreven tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In 1943 was de schaarste aan voedsel, waaronder vis, groot en was alles strikt gerantsoeneerd.
* De Nederlandsche Visscherij Centrale (N.V.C.): Dit was een door de bezetter ingestelde of gecontroleerde organisatie die de gehele visketen reguleerde, van vangst tot distributie. Het doel was om de voedselvoorziening te beheersen en zwarte handel tegen te gaan.
* Controle en Distributie: De brief illustreert de bureaucratische hindernissen voor kleine ondernemers in die tijd. Het openen van een nieuwe zaak was vrijwel onmogelijk zonder extra toewijzingen van de centrale organen. De angst voor controle-ontwijking door handelaren was een constant aandachtspunt voor de autoriteiten, die probeerden de handel zo veel mogelijk in overzichtelijke, vaste kanalen (winkels) te dwingen, mits zij de controle daarover konden behouden. In dit specifieke geval wordt echter de voorkeur gegeven aan het beperken van het aantal verkooppunten. J. van Schaik N.V.C.
Samenvatting
- Kernboodschap: De N.V.C. adviseert negatief over het verzoek van een zekere J. van Schaik om een viswinkel te openen. De huidige toewijzing (visquota) is te laag voor een winkel en de N.V.C. weigert deze te verhogen.
- Argumentatie: Er wordt gesteld dat er in Amsterdam geen behoefte is aan meer viswinkels. Bovendien spreekt de schrijver een expliciet wantrouwen uit naar straathandelaren: hij vermoedt dat de wens om een vaste winkel te beginnen louter een poging is om de strengere controles op de markten te ontduiken.
- Toon en Stijl: De brief is opgesteld in een zakelijke, ambtelijke stijl die typerend is voor de oorlogsperiode ("dezerzijds", "afwijzend te beschikken"). De toon is streng en onbuigzaam, passend bij een autoritaire bestuursstructuur.
Historische Context
- Historische periode: Geschreven tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In 1943 was de schaarste aan voedsel, waaronder vis, groot en was alles strikt gerantsoeneerd.
- De Nederlandsche Visscherij Centrale (N.V.C.): Dit was een door de bezetter ingestelde of gecontroleerde organisatie die de gehele visketen reguleerde, van vangst tot distributie. Het doel was om de voedselvoorziening te beheersen en zwarte handel tegen te gaan.
- Controle en Distributie: De brief illustreert de bureaucratische hindernissen voor kleine ondernemers in die tijd. Het openen van een nieuwe zaak was vrijwel onmogelijk zonder extra toewijzingen van de centrale organen. De angst voor controle-ontwijking door handelaren was een constant aandachtspunt voor de autoriteiten, die probeerden de handel zo veel mogelijk in overzichtelijke, vaste kanalen (winkels) te dwingen, mits zij de controle daarover konden behouden. In dit specifieke geval wordt echter de voorkeur gegeven aan het beperken van het aantal verkooppunten.