Brief (handgeschreven)
Origineel
Brief (handgeschreven) 13 maart 1943 [Linksboven in stempel/druk:]
No. 46ª/94/1 M. 1943 17/3
[Rechtsboven in rood potlood/krijt, deels onleesbaar:]
afschrift een pol [?]
spreek voor rond [?]
aangewezen
46ª/94/2
[Hoofdtekst:]
A’dam 13. Maart - 43.
Wel: Edelle: Heer.
Hierin neemen wij beleefd de vrijheid Uw dit schrijven
te doen toekomen, daar wij schrijven uit naam van
de vischkoopers van het Dapperplein, hoe of het
mogelijk is, dat dezen genoemde personen.
I P. Zwart. Oetewalerstraat 48. op het erf. II
Mej: Rotgers " " 48. III Postma.
Oetewalerstraat 46 Bel Etage, en de lever-
ancier van hun. H. Bertsma. te Monnikendam.
allen zijn geschorst voor een lang termijn, daar
zij allen in de zwarte handel waren, en niet
meer op de markt mochten staan en ook geen
handel meer mochten drijven; daar wij nu nog
veel meer last van boven genoemden personen
hebben, als dat zij wel mochten handelen en
op de markt stonden, nu hebben zij maar
steeds schol en bot en ander visch te koop
Clandestien tegen een woekerprijs, en het
leeveren aan klanten van ons, daar die dan
niet in een rij behoeven te staan, zoo verzoeken
wij Uw om er een eind aan te maken, daar
[onderaan rechts:] V.b.H. * Toon en taal: De brief is geschreven in een beleefde doch dringende toon ("Wel: Edelle: Heer"). Er wordt gebruikgemaakt van de destijds gangbare spelling (vischkoopers, neemen, termijn).
* Kern van de klacht: De "vischkoopers van het Dapperplein" beklagen zich bij de autoriteiten over een aantal specifiek genoemde personen (P. Zwart, Mej. Rotgers, Postma en leverancier H. Bertsma). Deze personen waren reeds geschorst wegens zwarte handel, maar blijken hun praktijken clandestien voort te zetten vanuit woningen/erven aan de Oetewalerstraat.
* Economische motieven: De schrijvers klagen dat zij "last" hebben van deze illegale handel. De illegale verkopers bieden schol en bot aan tegen "woekerprijzen". Het grote voordeel voor de klanten is dat zij bij deze clandestiene adressen "niet in een rij behoeven te staan", wat suggereert dat de officiële distributie via de markt gepaard ging met lange wachttijden en strenge controle (voedselbonnen). * Tweede Wereldoorlog: Het document dateert uit maart 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland. Voedseldistributie was strikt gereguleerd en schaarste was aan de orde van de dag.
* Zwarte Handel: Door de schaarste en de strenge prijsbeheersing door de bezetter ontstond een enorme zwarte markt. "Woekerprijzen" waren prijzen die ver boven de officieel vastgestelde prijzen lagen.
* Locatie: Het Dapperplein en de Oetewalerstraat bevinden zich in de Dapperbuurt in Amsterdam-Oost. De Dappermarkt was (en is) een centrale plek voor de voedselvoorziening in die wijk.
* Denunciatie: Dit document is een voorbeeld van een 'broodnijd-brief' of een vorm van sociale controle/verraad die tijdens de bezetting veel voorkwam. De legale handelaren voelden de oneerlijke concurrentie van degenen die buiten het systeem om werkten. De referentie aan Monnickendam als leveranciersplaats is logisch, gezien de visserijhistorie van dat dorp boven Amsterdam. H. Bertsma P. Zwart