Archief 745
Inventaris 745-422
Pagina 280
Dossier 55
Jaar 1944
Stadsarchief

Officiële circulaire/brief van de Gemeente Amsterdam.

Februari 1944. Van: De Burgemeester van Amsterdam (E.J. Voûte) en de Gemeentesecretaris (J.F. Franken).

Origineel

Officiële circulaire/brief van de Gemeente Amsterdam. Februari 1944. De Burgemeester van Amsterdam (E.J. Voûte) en de Gemeentesecretaris (J.F. Franken). GEMEENTE AMSTERDAM

No. 1/8 B.P.P.V. 1944
Onderwerp : Museumcursussen Kol. Instituut.

AMSTERDAM, Februari 1944.

Door het Koloniaal Instituut, Linnaeusstraat 2a, worden museumcursussen georganiseerd, welke ten doel hebben, de rijke schatten van het museum beter te leeren kennen dan door een eenvoudig bezoek aan het museum mogelijk is.
Zulk een museumcursus bestaat uit vier lessen, d.w.z. rondgangen door het museum in kleine groepjes (maximaal 20 personen), welke staan onder leiding van deskundigen, die de overzeesche gewesten uit jarenlange ervaring kennen. Bij elken rondgang wordt een deel van het museum behandeld en wel :
1 Dans en lijkverbranding op Bali ; hoe onze voorouders in Indië woonden (prachtig gebeeldhouwde meubels) ; Javaansche Wajang, kleederdracht, sierkunst en huisraad ; oud- en nieuw-Balineesch beeldsnijwerk ; kunst en magie der Bataks ;
2 Menschen in het steenen tijdperk (Papooea’s), sieraden, „kleeding”, huisraad, gereedschappen, vooroudervereering, koppensnellen ; het weven, ikatten en boombastkleeding ; Dajaks, Niassers ;
3 Klimaat en begroeiing ; groote cultures (suiker, tabak, rubber, thee enz.) ; proefstations en veredeling van gewassen ; bereiding en toepassing ; inheemsche landbouw (rijst, tabak, sago enz.) ;
4 Tinwinning ; aardolie ; inheemsche industrie (strootjes, sigaretten, weven, batikken) ; Indische panorama’s ; Suriname („op de markt” met de verschillende bevolkingstypen, Indianen, Boschnegers, Javanen, Kottamiessies enz.) statistisch allerlei ; de Indische warong (stalletje langs den weg).
De kosten van den geheelen cursus van 4 lessen (rondgangen) bedragen 40 cent per persoon. Na afloop van den cursus wordt aan de deelnemers een gratis bewijs van toegang, geldig gedurende één jaar, verstrekt, met dien verstande, dat betrokkenen steeds van ten minste één betalend bezoeker vergezeld moeten zijn.
Ik stel er prijs op, wanneer U deze museumcursussen zooveel mogelijk bij Uw personeel bekend zoudt willen maken en het Uwe doen, om, voor zoover de dienst het toelaat, het bijwonen van zulk een cursus te bevorderen. Ten einde te komen tot een geregeld bezoek aan den cursus, die in overleg met het Koloniaal Museum op elken gewenschten tijd kan worden gehouden, verzoek ik U het Bureau voor P.P.V. te willen opgeven, wie van het onder Uw werkende personeel den cursus wenscht bij te wonen.

De Burgemeester van Amsterdam,
Voûte
De Gemeentesecretaris,
J. F. Franken

Aan Heeren Hoofden van Diensten,
Bedrijven en Administratiën
AMSTERDAM.

Stadsdrukkerij Amsterdam 3828-2-44-180 * Inhoud: De brief is een uitnodiging aan gemeentelijk personeel om deel te nemen aan een educatief programma over de Nederlandse koloniën. De cursus is opgedeeld in vier thema's: cultuur/religie, antropologie/volkenkunde, landbouw/biologie en economie/industrie.
* Terminologie: Het document bevat tal van koloniale en inmiddels verouderde of als aanstootgevend beschouwde termen, zoals "Boschnegers" (tegenwoordig Marrons), "Kottamiessies" (Kotomisi's), "Indianen" (Inheemsen) en "koppensnellen". Dit weerspiegelt de toenmalige tijdsgeest en het eurocentrische perspectief op de koloniën.
* Toon: De toon is formeel-ambtelijk en autoritair, kenmerkend voor de overheidscommunicatie in de jaren '40. De burgemeester "stelt er prijs op" dat hoofden van diensten het personeel stimuleren om deel te nemen.
* Fysieke kenmerken: Bovenaan zijn handgeschreven aantekeningen en parafen in rood en blauw potlood/inkt zichtbaar, waarschijnlijk archiefcodes of behandelingsnotities van de ontvangende dienst. * Oorlogstijd: De brief dateert uit februari 1944, de late fase van de Duitse bezetting van Nederland. Edward Voûte, die de brief ondertekent, was een door de Duitsers benoemde burgemeester.
* Koloniale situatie: Terwijl Nederland bezet was, waren ook Nederlands-Indië en Suriname ver verwijderd of zelf bezet (Indië door Japan). Desondanks bleef het Koloniaal Instituut (het huidige Tropenmuseum) fungeren als een centrum voor kennisoverdracht, deels om de nationale band met de overzeese gebiedsdelen levend te houden.
* P.P.V.: De afkorting staat voor de gemeentelijke afdeling "Personeel, Pensioenen en Verzekeringen", die de aanmeldingen moest coördineren.
* Vrije tijd en educatie: Ondanks de barre oorlogsomstandigheden (hongerwinter was aanstaande, tekorten overal) werd er door de collaborerende overheid nog ingezet op culturele en educatieve "verheffing" van het personeel, mogelijk ook als vorm van afleiding of propaganda.

Samenvatting

  • Inhoud: De brief is een uitnodiging aan gemeentelijk personeel om deel te nemen aan een educatief programma over de Nederlandse koloniën. De cursus is opgedeeld in vier thema's: cultuur/religie, antropologie/volkenkunde, landbouw/biologie en economie/industrie.
  • Terminologie: Het document bevat tal van koloniale en inmiddels verouderde of als aanstootgevend beschouwde termen, zoals "Boschnegers" (tegenwoordig Marrons), "Kottamiessies" (Kotomisi's), "Indianen" (Inheemsen) en "koppensnellen". Dit weerspiegelt de toenmalige tijdsgeest en het eurocentrische perspectief op de koloniën.
  • Toon: De toon is formeel-ambtelijk en autoritair, kenmerkend voor de overheidscommunicatie in de jaren '40. De burgemeester "stelt er prijs op" dat hoofden van diensten het personeel stimuleren om deel te nemen.
  • Fysieke kenmerken: Bovenaan zijn handgeschreven aantekeningen en parafen in rood en blauw potlood/inkt zichtbaar, waarschijnlijk archiefcodes of behandelingsnotities van de ontvangende dienst.

Historische Context

  • Oorlogstijd: De brief dateert uit februari 1944, de late fase van de Duitse bezetting van Nederland. Edward Voûte, die de brief ondertekent, was een door de Duitsers benoemde burgemeester.
  • Koloniale situatie: Terwijl Nederland bezet was, waren ook Nederlands-Indië en Suriname ver verwijderd of zelf bezet (Indië door Japan). Desondanks bleef het Koloniaal Instituut (het huidige Tropenmuseum) fungeren als een centrum voor kennisoverdracht, deels om de nationale band met de overzeese gebiedsdelen levend te houden.
  • P.P.V.: De afkorting staat voor de gemeentelijke afdeling "Personeel, Pensioenen en Verzekeringen", die de aanmeldingen moest coördineren.
  • Vrije tijd en educatie: Ondanks de barre oorlogsomstandigheden (hongerwinter was aanstaande, tekorten overal) werd er door de collaborerende overheid nog ingezet op culturele en educatieve "verheffing" van het personeel, mogelijk ook als vorm van afleiding of propaganda.

Kooplieden in dit dossier 100

A.C. Cobussen Waterlooplein 499,42 6)
A.H. Bijland Waterlooplein 1664,98 5)
A.H. Bijland Waterlooplein 42
A.H. de Haer Waterlooplein 41
A.H. de Haer Waterlooplein 2690,20
A.H. Klaassens Waterlooplein 2046,82
A.H. Klaassens Waterlooplein 46
A.J.J. Barbiers Waterlooplein 46
A.J.I. Barbiers Waterlooplein 2353,76 5)
M. Burg Waterlooplein
W. Rijbrodt Waterlooplein
A.W. Rijvordt Waterlooplein 42
B. Felthuis Waterlooplein 1815,44
B. Felthuis Waterlooplein 45
C. Bakker Waterlooplein 1656.--
C. Bakker Waterlooplein 44
C. Blom Waterlooplein 44
C.F. Eggelte Waterlooplein 2175,15
C.F. Eggelte Waterlooplein 42
C.J.v. Moerkerken Waterlooplein 43
C.L.J. Lek Waterlooplein 42
C. Veerman Waterlooplein 45
D.H. Schiermeier Waterlooplein 45
E.A. Engelen Waterlooplein 1904,16
A. Littelugt Waterlooplein
F.A. Uitvlugt Waterlooplein 42
F. Koning Waterlooplein 43
F. Reinen Waterlooplein 43
F.W. Stroer Waterlooplein 47
G.A. Oosterhoff Waterlooplein
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6