Dienstbrief / Rapportage
Origineel
Dienstbrief / Rapportage 3 april 1944 Politiepresident te Amsterdam, Bestuursdienst, Bureau Algemeene Dienstzaken Directeur van het Marktwezen te Amsterdam Politiepresident te Amsterdam
Bestuursdienst
Bureau Algemeene Dienstzaken.
Amsterdam, 3 April 1944.
Dict.Bo/Zw.
Lr.S.No.2171/1944.
Dossier S.I.
Verzoeke bij beantwoording datum, letter en nummer van dit schrijven aan te halen.
Aan den Heer
Directeur van het Marktwezen
te A m s t e r d a m.
Onderwerp: venten.
Ik heb de eer UEdelGestrenge te berichten, dat door het Politiepersoneel in de maand Februari 1944 8 processen-verbaal werden opgemaakt terzake overtreding van de Verordening op het venten.
Coll.: [paraaf]
DE WND. POLITIEPRESIDENT
namens dezen
DE KAPITEIN DER STAATSPOLITIE,
[Handtekening]
W. J. F. v. d. Meer
[Stempel onderaan:]
№ 18/1/4 M.1944 4/4
[Handgeschreven rechtsboven:]
920
Gezien.
5-4-44
[onleesbaar]
[Kleine lettertjes onderaan:]
K 9665 M 72 - 4000-1-44 * Administratieve structuur: De brief toont de formele communicatielijnen tussen de politie en de gemeentelijke diensten (Marktwezen) in Amsterdam. Het gebruik van de aanspreekvorm "UEdelGestrenge" wijst op de strikte hiërarchische en formele verhoudingen van die tijd.
* Handhaving: Het document is een maandelijkse rapportage over de handhaving van de ventverordening. In februari 1944 zijn er 8 bekeuringen uitgedeeld. Dit lijkt een relatief laag aantal voor een grote stad als Amsterdam, wat kan duiden op een prioriteitstelling van de politie of een afname van legale straathandel door schaarste.
* Ondertekening: De brief is ondertekend door W.J.F. van der Meer, Kapitein der Staatspolitie, namens de waarnemend Politiepresident. Het gebruik van de term "Staatspolitie" is kenmerkend voor de periode na de reorganisatie van de Nederlandse politie onder Duits toezicht.
* Inkomende verwerking: De handgeschreven notitie rechtsboven ("Gezien. 5-4-44") geeft aan dat de brief twee dagen na verzending is ontvangen en verwerkt door de ontvangende instantie (het Marktwezen). * Oorlogstijd en Bezetting: Het document dateert uit april 1944, de late fase van de Duitse bezetting van Nederland. De maatschappij was toen sterk ontregeld door schaarste en de zwarte markt.
* Regulering van de handel: De "Verordening op het venten" was een belangrijk instrument om de handel op straat te controleren. Tijdens de bezetting werd dit extra streng gecontroleerd om illegale handel (zwarte markt) en prijsopdrijving tegen te gaan, maar ook om de controle op de bevolking te behouden.
* Reorganisatie van de Politie: Sinds 1943 was de Nederlandse politie gecentraliseerd in de "Staatspolitie" onder direct toezicht van de SS en de Duitse bezetter. Functionarissen zoals de Politiepresident van Amsterdam werden vaak direct aangestuurd of waren collaborateurs. Dit document is een voorbeeld van hoe het ambtelijke apparaat "gewoon" bleef doorfunctioneren onder de bezettingsmacht, waarbij alledaagse zaken zoals marktzaken en ventvergunningen werden afgehandeld binnen de nieuwe totalitaire structuur.