Handgeschreven ambtelijke brief of concept-brief.
Origineel
Handgeschreven ambtelijke brief of concept-brief. 24 februari 1942. Noot: Doorgehaalde tekstfragmenten zijn weergegeven tussen [[ ]].
spoed. (linksboven, rood)
A’dam, 24/2 1942.
Klijff 25/2/42
No 8 31/13/717 (rood)
Naar aanleiding van Uw
brief d.d. 9 dezer deel ik U mede, dat
het verleenen van voorrang bij het
tanken van geperst gas ~~is~~ was beperkt
tot de zaken, die zelfstandig groote partijen
aardappelen naar hun winkels in de
stad moesten vervoeren; in verband
hiermede moesten ter zake t.a.v. sommige
winkels vooraf nadere informaties worden
ingewonnen.
Inmiddels is – door de uitbreiding
van het aantal plaatsen, waar getankt
kan worden – alle verleende voorrang
ingetrokken, zooals U op Zaterdag j.l. (14
dezer reeds werd medegedeeld. Tevens
werd U toen medegedeeld, dat, wanneer
desondanks toch moeilijkheden zouden
worden ondervonden, ook te Uwen op-
zichte zoonoodig dezerzijds weer voor-
rang zou worden aangevraagd.
Indien ten opzichte van U
moeilijkheden zouden voorkomen, zijn
deze een gevolg van vraagpunten, die
rijzen t.a.v. de wijze, waarop de ver-
houding tusschen U en de Gebr. Keiser
is geregeld. [[terwijl ook overigens dat via
geen duidelijke inzicht in
den klein handel.]] De brief betreft de regulering van brandstofvoorziening voor transport tijdens de oorlogsjaren.
* Probleemstelling: Er is correspondentie geweest over het recht op "voorrang" bij het tanken van geperst gas. Deze voorrang was voorheen strikt voorbehouden aan partijen die grote voorraden aardappelen naar de stad transporteerden.
* Besluit: De voorrang is per 14 februari 1942 ingetrokken voor de algemene categorie, omdat er meer tankpunten beschikbaar zijn gekomen.
* Individuele situatie: De afzender houdt de deur open voor een nieuwe aanvraag als Klijff in de problemen komt, maar hint op onduidelijkheden in de zakelijke constructie tussen de geadresseerde en de "Gebroeders Keiser". Het doorgehaalde gedeelte suggereert dat men specifiek twijfels had over het inzicht in de kleinhandel-activiteiten van deze partijen. In februari 1942 bevond Nederland zich in de tweede winter van de Duitse bezetting. Brandstoffen zoals benzine en diesel waren vrijwel uitsluitend voor de Wehrmacht bestemd. Civiel transport was aangewezen op alternatieven zoals geperst gas (vaak gegenereerd uit hout of kolen in zogenaamde gasgeneratoren).
De distributie van voedsel, met name de aardappelvoorziening voor grote steden zoals Amsterdam, was een prioriteit voor de bezetter en de Nederlandse administratie om sociale onrust te voorkomen. Dit document is een direct bewijs van de fijnmazige en bureaucratische controle op schaarse middelen die nodig waren om de voedselketen draaiende te houden. De vermelding van "Gebr. Keiser" verwijst vermoedelijk naar een groothandel of transportbedrijf uit die periode. Wehrmacht
Samenvatting
De brief betreft de regulering van brandstofvoorziening voor transport tijdens de oorlogsjaren.
* Probleemstelling: Er is correspondentie geweest over het recht op "voorrang" bij het tanken van geperst gas. Deze voorrang was voorheen strikt voorbehouden aan partijen die grote voorraden aardappelen naar de stad transporteerden.
* Besluit: De voorrang is per 14 februari 1942 ingetrokken voor de algemene categorie, omdat er meer tankpunten beschikbaar zijn gekomen.
* Individuele situatie: De afzender houdt de deur open voor een nieuwe aanvraag als Klijff in de problemen komt, maar hint op onduidelijkheden in de zakelijke constructie tussen de geadresseerde en de "Gebroeders Keiser". Het doorgehaalde gedeelte suggereert dat men specifiek twijfels had over het inzicht in de kleinhandel-activiteiten van deze partijen.
Historische Context
In februari 1942 bevond Nederland zich in de tweede winter van de Duitse bezetting. Brandstoffen zoals benzine en diesel waren vrijwel uitsluitend voor de Wehrmacht bestemd. Civiel transport was aangewezen op alternatieven zoals geperst gas (vaak gegenereerd uit hout of kolen in zogenaamde gasgeneratoren).
De distributie van voedsel, met name de aardappelvoorziening voor grote steden zoals Amsterdam, was een prioriteit voor de bezetter en de Nederlandse administratie om sociale onrust te voorkomen. Dit document is een direct bewijs van de fijnmazige en bureaucratische controle op schaarse middelen die nodig waren om de voedselketen draaiende te houden. De vermelding van "Gebr. Keiser" verwijst vermoedelijk naar een groothandel of transportbedrijf uit die periode.