Handgeschreven brief (verzoekschrift).
Origineel
Handgeschreven brief (verzoekschrift). 3 februari 1943. A. Roodveldt, Pretoriusplein 21, Amsterdam. No. 20/3/1 M. 1943 4/2 [stempel/inkt]
537 [potlood/inkt]
Amsterdam 3 Feb. 1943.
WelEdel Heer.
M.i. Insp. [notitie in de marge]
Ondergeteekende, is reeds verscheijnede
jaren, als assistent bij de Firma
de Wilde, thans Winnik, in
het levensmiddele bedrijf
werkzaam. Gaarne wou ik thans,
zelf een vaste staanplaats op de
Joodsche markt, willen hebben, om
in mijn eigen levensonderhoud te
voorzien.
Hopende aan dit verzoek te willen
voldoen, blijf ik u hoogstdankbaar.
A. Roodveldt
Pretoriusplein 21 hsl oost
Amsterdam. * Inhoud: De schrijver, A. Roodveldt, verzoekt om een vaste staanplaats op de "Joodsche markt". Als motivatie voert hij aan dat hij al jarenlang ervaring heeft in de levensmiddelenbranche (bij firma De Wilde/Winnik) en dat hij op deze manier in zijn eigen levensonderhoud wil voorzien.
* Taal en toon: De brief is geschreven in een formele, beleefde stijl, zoals gebruikelijk in die tijd ("WelEdel Heer", "hoogstdankbaar"). Er zijn enkele archaïsche spellingen en kleine foutjes aanwezig, zoals "verscheijnede" (verscheidene) en "levensmiddele bedrijf".
* Administratieve sporen: De aantekening "M.i. Insp." boven de tekst verwijst waarschijnlijk naar een inspecteur (mogelijk van de marktpolitie of een gemeentelijke instantie) die het verzoek moest beoordelen. De nummers bovenaan duiden op een registratie in een archief- of administratief systeem. * Historische achtergrond: De brief dateert uit februari 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog.
* De Joodsche markt: Vanaf 1941 voerden de nazi's steeds meer beperkende maatregelen in voor Joden. Zij mochten op den duur alleen nog kopen en verkopen op speciaal aangewezen "Joodsche markten" (zoals op het Waterlooplein, de Gaaspstraat en de Joubertstraat). Voor een staanplaats was een officiële vergunning nodig.
* Locatie: Het Pretoriusplein ligt in de Transvaalbuurt in Amsterdam-Oost. Dit was een buurt waar tijdens de oorlog veel Joodse Amsterdammers woonden, mede omdat het door de bezetter was aangewezen als onderdeel van de "Joodse wijken".
* Betekenis: Dit document is een direct bewijs van de pogingen van Joodse burgers om onder de extreem moeilijke omstandigheden van de bezetting en uitsluiting een legaal inkomen te behouden. De datum is wrang: begin 1943 waren de grootschalige deportaties naar de vernietigingskampen al in volle gang. A. Roodveldt
Samenvatting
- Inhoud: De schrijver, A. Roodveldt, verzoekt om een vaste staanplaats op de "Joodsche markt". Als motivatie voert hij aan dat hij al jarenlang ervaring heeft in de levensmiddelenbranche (bij firma De Wilde/Winnik) en dat hij op deze manier in zijn eigen levensonderhoud wil voorzien.
- Taal en toon: De brief is geschreven in een formele, beleefde stijl, zoals gebruikelijk in die tijd ("WelEdel Heer", "hoogstdankbaar"). Er zijn enkele archaïsche spellingen en kleine foutjes aanwezig, zoals "verscheijnede" (verscheidene) en "levensmiddele bedrijf".
- Administratieve sporen: De aantekening "M.i. Insp." boven de tekst verwijst waarschijnlijk naar een inspecteur (mogelijk van de marktpolitie of een gemeentelijke instantie) die het verzoek moest beoordelen. De nummers bovenaan duiden op een registratie in een archief- of administratief systeem.
Historische Context
- Historische achtergrond: De brief dateert uit februari 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog.
- De Joodsche markt: Vanaf 1941 voerden de nazi's steeds meer beperkende maatregelen in voor Joden. Zij mochten op den duur alleen nog kopen en verkopen op speciaal aangewezen "Joodsche markten" (zoals op het Waterlooplein, de Gaaspstraat en de Joubertstraat). Voor een staanplaats was een officiële vergunning nodig.
- Locatie: Het Pretoriusplein ligt in de Transvaalbuurt in Amsterdam-Oost. Dit was een buurt waar tijdens de oorlog veel Joodse Amsterdammers woonden, mede omdat het door de bezetter was aangewezen als onderdeel van de "Joodse wijken".
- Betekenis: Dit document is een direct bewijs van de pogingen van Joodse burgers om onder de extreem moeilijke omstandigheden van de bezetting en uitsluiting een legaal inkomen te behouden. De datum is wrang: begin 1943 waren de grootschalige deportaties naar de vernietigingskampen al in volle gang.