Handgeschreven brief (verzoekschrift).
Origineel
Handgeschreven brief (verzoekschrift). 10 april 1943. Wed. C. Winthout-Robbes, 2e Nassaustraat 20-III, Amsterdam W. Gemeente Marktwezen, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam-W. No. 20/11/1 M. 1943 12/4 [stempel]
Amsterdam, 10 April 1943 743 [handgeschreven]
Gem. Marktwezen
Jan v. Galenstraat 14
Amsterdam-W.
Mijne Heeren,
Ondergeteekende Wed. C. Winthout-
Robbes verzoekt U beleefd om een bewijs, dat
zij sinds de laatste jaren een losse standplaats
met textielgoederen heeft ingenomen.
U bij voorbaat dankend verblijft
zij,
Hoogachtend,
pp. C. Winthout-Robbes
Wed. C. Winthout-Robbes
2e Nassaustraat 20 III
Amsterdam W.
[Kanttekeningen onderaan:]
Welke markt?
opgeroepen p. 16/4 '43
deHaan [handtekening]
Noordermarkt
Lindengracht
th. wolf
rapport
16-4-'43
deHaan [handtekening]
Voor beantwoording
zie rapport
marktambtenaar
5-5-'43
deHaan [handtekening] * Inhoud: Mevrouw Winthout-Robbes, een weduwe, verzoekt de gemeente Amsterdam om een officieel bewijs (een verklaring) dat zij al jarenlang als 'losse' marktkoopvrouw in textielgoederen werkzaam is.
* Administratieve afhandeling: De brief toont de bureaucratische gang van zaken binnen het Marktwezen tijdens de oorlog. Er wordt eerst gevraagd op welke markt zij stond ("Welke markt?"). Vervolgens wordt genoteerd dat ze op 16 april is opgeroepen voor gesprek. Er worden specifieke markten genoteerd (Noordermarkt en Lindengracht). Uiteindelijk wordt er op 5 mei verwezen naar een rapport van een marktambtenaar voor de definitieve afhandeling.
* Persoonsgegevens: De afzender woont in de 2e Nassaustraat in de Staatsliedenbuurt, op korte afstand van de markten die in de kantlijn worden genoemd. * Historische periode: De brief is gedateerd in april 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland.
* Regulering: Tijdens de bezetting was de handel op markten streng gereguleerd. Marktkooplieden hadden officiële papieren en vergunningen nodig om hun beroep uit te mogen oefenen. Dergelijke bewijzen van "vroegere werkzaamheid" konden essentieel zijn voor het behoud van een standplaats of het verkrijgen van distributiebescheiden voor goederen (zoals textiel, dat op de bon was).
* Lokaliteit: De genoemde locaties (Jan van Galenstraat voor het kantoor van Marktwezen, en de Noordermarkt/Lindengracht in de Jordaan) zijn iconische Amsterdamse marktlocaties. De Noordermarkt en Lindengracht waren (en zijn) bekende plekken voor de textiel- en stoffenhandel. C. Winthout W. Gemeente Amsterdam Marktwezen
Samenvatting
- Inhoud: Mevrouw Winthout-Robbes, een weduwe, verzoekt de gemeente Amsterdam om een officieel bewijs (een verklaring) dat zij al jarenlang als 'losse' marktkoopvrouw in textielgoederen werkzaam is.
- Administratieve afhandeling: De brief toont de bureaucratische gang van zaken binnen het Marktwezen tijdens de oorlog. Er wordt eerst gevraagd op welke markt zij stond ("Welke markt?"). Vervolgens wordt genoteerd dat ze op 16 april is opgeroepen voor gesprek. Er worden specifieke markten genoteerd (Noordermarkt en Lindengracht). Uiteindelijk wordt er op 5 mei verwezen naar een rapport van een marktambtenaar voor de definitieve afhandeling.
- Persoonsgegevens: De afzender woont in de 2e Nassaustraat in de Staatsliedenbuurt, op korte afstand van de markten die in de kantlijn worden genoemd.
Historische Context
- Historische periode: De brief is gedateerd in april 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland.
- Regulering: Tijdens de bezetting was de handel op markten streng gereguleerd. Marktkooplieden hadden officiële papieren en vergunningen nodig om hun beroep uit te mogen oefenen. Dergelijke bewijzen van "vroegere werkzaamheid" konden essentieel zijn voor het behoud van een standplaats of het verkrijgen van distributiebescheiden voor goederen (zoals textiel, dat op de bon was).
- Lokaliteit: De genoemde locaties (Jan van Galenstraat voor het kantoor van Marktwezen, en de Noordermarkt/Lindengracht in de Jordaan) zijn iconische Amsterdamse marktlocaties. De Noordermarkt en Lindengracht waren (en zijn) bekende plekken voor de textiel- en stoffenhandel.