Zakelijke brief / ambtelijke correspondentie.
Origineel
Zakelijke brief / ambtelijke correspondentie. 13 mei 1943. N. van Heusden, namens de Omnia Treuhandgesellschaft m.b.H. (Amsterdam/Arnhem). Directeur van het Marktwezen, Amsterdam (gevestigd aan de Jan van Galenstraat). N. VAN HEUSDEN
=======
AMSTERDAM-Z., 13. Mai 1943.
HECTORSTRAAT 37
No. 20/12/1 M. 1943 [stempel] 17 [handgeschreven]
034/W
An Herrn
Directeur van het Marktwezen,
A m s t e r d a m.
Jan van Galenstraat.
Betr.: Liquidation A. Hollander, St. Anthoniebreestraat 25 I,
Amsterdam.
Ich beziehe mich auf die Unterredung, welche ich heute mit Ihrem Herrn de Vries hatte und teile Ihnen mit, dass ich als Sachbearbeiter der Omnia Treuhandgesellschaft m.b.H., Arnhem, beauftragt worden bin mit der Liquidation obiges jüdischen Unternehmen.
In dieser Zusammenhang bitte ich Sie mir über nachstehenden Punkten Auskunft erteilen zu wollen:
1.) War genannter A. Hollander Marktkaufmann und wo hatte er seinen Standplatz?
2.) Mit welchen Waren hat A. Hollander gehandelt?
3.) Wann hat er seinen Betrieb eingestellt und aus welchem Grunde?
4.) Sind Ihnen Geburtsort und Geburtsdatum des A. Hollander bekannt?
Für eine umgehende Beantwortung meines Schreibens wäre ich Ihnen sehr zu Dank verpflichtet.
Heil Hitler!
Der Treuhänder
OMNIA
Treuhandgesellschaft M.B.H.
[handtekening: N. van Heusden] * Doel van de brief: De brief is een formeel verzoek om informatie over een Joodse marktkoopman, A. Hollander. De afzender, Van Heusden, treedt op namens de Omnia Treuhandgesellschaft, een organisatie die door de Duitse bezetter werd ingezet om Joodse bedrijven te 'aryaniseren' (onteigenen) of te liquideren.
* Inhoudelijke vragen: De vragen in de brief zijn puur administratief en bedoeld om het proces van liquidatie te voltooien. Er wordt gevraagd naar de locatie van de standplaats, het soort handel, de datum van bedrijfsbeëindiging (die op dat moment voor Joden verplicht was) en persoonsgegevens.
* Toon en taal: De brief is geschreven in het Duits, de officiële taal van de bezettingsmacht, maar is gericht aan een Nederlandse instantie (het Marktwezen). De afsluiting met "Heil Hitler!" en de term "jüdischen Unternehmen" onderstrepen de ideologische en repressieve context waarin deze zakelijke correspondentie plaatsvond.
* Opvallende details: De St. Anthoniebreestraat lag in het hart van de oude Joodse buurt van Amsterdam. Veel bewoners van deze straat waren op het moment van schrijven (mei 1943) al gedeporteerd of zaten ondergedoken. Dit document is een direct bewijsstuk van de bureaucratische roof die tijdens de Tweede Wereldoorlog plaatsvond in Nederland. De Omnia Treuhandgesellschaft speelde hierin een sleutelrol; zij beheerde en liquideerde duizenden Joodse ondernemingen, waarbij de opbrengsten meestal ten goede kwamen aan de Duitse staat.
In mei 1943 was de vervolging van de Joodse bevolking in Amsterdam in een eindfase beland. De meeste Joodse marktkooplieden hadden hun beroep al lang niet meer mogen uitoefenen vanwege de anti-Joodse verordeningen. Terwijl de eigenaar van de zaak (A. Hollander) waarschijnlijk vocht voor zijn leven of reeds gedeporteerd was, hield de bezetter zich bezig met de administratieve afwikkeling van zijn achtergebleven bezittingen en vergunningen. Het document toont de kille, ambtelijke efficiëntie waarmee de onteigening van de Joodse bevolking werd uitgevoerd.