Ambtelijke notitie / Dossierstuk.
Origineel
Ambtelijke notitie / Dossierstuk. 28 september 1943 (met een aanvulling op 2 oktober). Staat eerst sedert acht dagen op de
Nieuwmarkt. Heeft daarvoor in
twee jaar niet op de markt gestaan.
Handelde daarvoor op de markten in
’s-Hertogenbosch.
[Handtekening] 28/9 '43.
Directeur
Belanghebbende van afwijzing
in kennis gesteld. Brandt 2/10.
opb
8 Het document is een korte ambtelijke rapportage over een marktkraamhouder of handelaar. De tekst stelt dat de betreffende persoon pas acht dagen op de Nieuwmarkt (Amsterdam) staat en daarvóór twee jaar lang niet op de markt actief is geweest. Vóór die onderbreking was de persoon werkzaam op de markten in 's-Hertogenbosch.
Onderaan is een administratieve opmerking toegevoegd waaruit blijkt dat de "belanghebbende" (de aanvrager of handelaar) op 2 oktober ("2/10") op de hoogte is gesteld van een afwijzing. Het lijkt hier te gaan om een verzoek voor een marktvergunning of een specifieke staanplaats die niet is toegekend. Het document dateert uit september/oktober 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was het marktwezen streng gereguleerd door de gemeente (in dit geval waarschijnlijk Amsterdam, gezien de referentie naar de Nieuwmarkt).
De Nieuwmarkt lag in het hart van de toenmalige Jodenbuurt. In 1943 was de deportatie van de Joodse bevolking in Amsterdam al in een zeer vergevorderd stadium, en de dynamiek op de markten veranderde hierdoor drastisch. Ambtenaren van de Dienst van het Marktwezen controleerden scherp op vergunningen, afkomst en het naleven van de distributieregels. De "afwijzing" kan te maken hebben met het gebrek aan recente ervaring op de Amsterdamse markten of met de strengere distributie- en vestigingswetten die door de bezetter waren opgelegd. Marktwezen
Samenvatting
Het document is een korte ambtelijke rapportage over een marktkraamhouder of handelaar. De tekst stelt dat de betreffende persoon pas acht dagen op de Nieuwmarkt (Amsterdam) staat en daarvóór twee jaar lang niet op de markt actief is geweest. Vóór die onderbreking was de persoon werkzaam op de markten in 's-Hertogenbosch.
Onderaan is een administratieve opmerking toegevoegd waaruit blijkt dat de "belanghebbende" (de aanvrager of handelaar) op 2 oktober ("2/10") op de hoogte is gesteld van een afwijzing. Het lijkt hier te gaan om een verzoek voor een marktvergunning of een specifieke staanplaats die niet is toegekend.
Historische Context
Het document dateert uit september/oktober 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was het marktwezen streng gereguleerd door de gemeente (in dit geval waarschijnlijk Amsterdam, gezien de referentie naar de Nieuwmarkt).
De Nieuwmarkt lag in het hart van de toenmalige Jodenbuurt. In 1943 was de deportatie van de Joodse bevolking in Amsterdam al in een zeer vergevorderd stadium, en de dynamiek op de markten veranderde hierdoor drastisch. Ambtenaren van de Dienst van het Marktwezen controleerden scherp op vergunningen, afkomst en het naleven van de distributieregels. De "afwijzing" kan te maken hebben met het gebrek aan recente ervaring op de Amsterdamse markten of met de strengere distributie- en vestigingswetten die door de bezetter waren opgelegd.