Officieel ambtelijk rapport (getypt met handgeschreven aantekeningen)
Origineel
Officieel ambtelijk rapport (getypt met handgeschreven aantekeningen) MARKTWEZEN AMSTERDAM
--------------------
No. 20/68/19 M. 1943 $\frac{20}{12}$ [handgeschreven toevoeging]
[Handgeschreven in de rechterbovenhoek in blauw potlood:]
ni? ops
door
p
R A P P O R T
------------------------------
In opdracht van den Heer Directeur van het Marktwezen,
heb ik, J. H. de Grebber, Controleur bij het Marktwezen,
op Zaterdag, 4 December 1943, contrôle gehouden bij den
verkoop van visch op de dagmarkt "ALBERT CUYPSTRAAT" alhier,
Tijdens mijn contrôle zijn alleen die personen bediend,
die in de rij hebben gestaan, uitgezonderd eenige houdsters
van voorrangskaarten.
De Vischhandelaar N. Posthumius heeft van den Ge-
meentelijken vischafslag 50 k.g. schol van F. 0,89 ontvangen.
Aan het publiek heeft hij 50 k.g. schol afgeleverd.
De Vischhandelaar G. S. van der Ploeg heeft van den
Gemeentelijken Vischafslag 60 k.g. schol van F. 0,89 ontvan-
gen. Aan het publiek heeft hij 60 k.g. schol afgeleverd.
Waarvan dit rapport te Amsterdam op 7 December 1943.
De Controleur voornoemd,
[Signatuur: J.H. de Grebber]
[Handgeschreven aantekening in de linker marge:]
Gezien
24-12-'43
d'Eltar [onduidelijke handtekening/paraaf]
Aan
Den Heer Directeur van het Marktwezen
A L H I E R . Het document is een verslag van een inspectie op een van de bekendste markten van Amsterdam tijdens de bezettingsjaren. De kern van het rapport is het verifiëren van een eerlijke distributie van schaarse goederen (in dit geval schol). De controleur stelt vast dat:
1. De regels omtrent wachtrijen werden nageleefd.
2. De hoeveelheid ingekochte vis bij de afslag exact overeenkomt met de hoeveelheid verkocht aan de consument (ter voorkoming van zwarte handel).
3. De prijs (89 cent per kilo) conform de voorschriften was.
De handgeschreven aantekening "Gezien" met de datum 24 december 1943 wijst op de administratieve afhandeling door de directie van het Marktwezen enkele weken na de controle. Dit rapport is opgesteld in december 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog. De Nederlandse bevolking kampte met grote tekorten en voedseldistributie was een bron van sociale spanning. Het systeem van "voorrangskaarten" (zoals vermeld in de tekst) werd gebruikt voor kwetsbare groepen, zoals zwangere vrouwen of grote gezinnen, om hen te ontzien in de lange wachtrijen.
De strikte controle op gewicht en prijs was essentieel voor de bezetter en de plaatselijke overheid om de sociale orde te bewaren en te voorkomen dat handelaren producten achterhielden voor de winstgevende zwarte markt. Het document illustreert de bureaucratische precisie waarmee zelfs kleine hoeveelheden voedsel in oorlogstijd werden gemonitord.