Memorandum (zakelijke correspondentie)
Origineel
Memorandum (zakelijke correspondentie) 2 Maart 1943 Firma JOHs. STERK, Lemmer (Vischhandel en rookerij, visscherijbenoodigdheden) [Stempel/Handschrift linksboven:]
No. 46ª/74/1 M. 1943 7/3
[Gedrukte koptekst:]
Memorandum
[Linkerkolom:]
Firma JOHs. STERK, LEMMER
Telefoon No. 4. :-: Telegram-Adres: IMEX.
VISCHHANDEL en ROOKERIJ.
VISSCHERIJBENOODIGDHEDEN.
[Rechterkolom:]
LEMMER, den 2 Maart 1943
Aan Gemeente vischhal
Amsterdam.
[Handgeschreven tekst in de linker marge, verticaal:]
Ander of maand. komt morgen aan.
vrijwel voldaan.
[onleesbaar] M. de Heer bespr.
[Getypte inhoud:]
Mijneheeren,
Hedenmorgen ontvingen wij Uwe afrekening over de 2 manden vis die wij hier 26 Febr. hebben afgezoncen [sic: afgezonden] en die dus zeker Zaterdag 27 Febr. bij U hadden moeten aankomen. De afrekening is uitgeschreven op Maandag 1 Mrt, zoodat wij veronderstellen dat de vis pas Maandag is verkocht. Wij zullen gaarne precies weten wanneer de vis is aangeleverd.
Wat het minder uitwegen van de groote brasem aangaat, kunnen wij U alleen verklaren dat wij hier de vis zuiver wegen en wanneer er te kort is komt dat niet dat wij het er niet in doen maar dat de vis uit de manden wordt gestolen. Het is wel erg gemakkelijk om het te kort maar steeds van onze rekening af te trekken maar dat is ten slotte geen oplossing. Er wordt al geen penning aan verdient. Het is o.i. niet voldoende dat de visch onder toezicht gewogen wordt, ook het transport van de boot naar de hal moet onder toezicht geschieden en wij zouden U willen verzoeken ook hierin zooveel mogelijk mee te werken.
Hoogachtend,
Fa. J. Sterk. [Handtekening: J. Sterk]
[Handgeschreven tekst linksonder:]
1 Zaterdmiddag 27/2 aangevoerd en verkocht.
op 1/3-43 [Paraaf/Initialen] In dit memorandum beklaagt de firma Johs. Sterk uit Lemmer zich bij de Amsterdamse visafslag over twee zaken: de timing van de verkoop en structurele diefstal van vis.
- Vertraging: De firma heeft op vrijdag 26 februari 1943 twee manden vis verzonden. Omdat de afrekening pas op maandag 1 maart is gedateerd, vreest de verzender dat de vis pas na het weekend is verkocht, wat de versheid en prijs negatief kan beïnvloeden. Uit de handgeschreven notitie onderaan (waarschijnlijk van een ambtenaar van de visafslag) blijkt echter dat de vis wel degelijk op zaterdagmiddag de 27e is aangevoerd en direct is verkocht.
- Diefstal en Gewicht: Er is een geschil over het gewicht van de "groote brasem". De afnemer trekt gewichtstekorten af van de rekening. De firma Sterk stelt dat zij correct wegen en dat de vis onderweg (tijdens transport) uit de manden wordt gestolen.
- Economische druk: De schrijver merkt op dat er "geen penning aan verdient" wordt, wat wijst op de krappe marges in de visserijsector tijdens de oorlogsjaren.
- Verzoek: De firma eist niet alleen toezicht bij het wegen, maar ook tijdens het transport van de boot naar de visafslag om de diefstal tegen te gaan. Het document dateert uit maart 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog. Deze context verklaart een aantal zaken:
- Voedselschaarste: In 1943 was er sprake van toenemende tekorten. Diefstal van voedsel tijdens transport kwam veelvuldig voor, zowel door burgers uit nood als voor de zwarte markt.
- Transport over water: Lemmer was een belangrijke Zuiderzeehaven (toen al IJsselmeer). Vis werd per boot naar Amsterdam getransporteerd. De kwetsbaarheid van dit transporttraject (van boot naar visafslag) wordt hier expliciet benoemd.
- Economische controle: De handel stond onder streng toezicht van de bezetter. De opmerking over het gebrek aan winst kan te maken hebben met de vastgestelde maximumprijzen en de stijgende kosten voor bedrijfsvoering (brandstof, materialen) in oorlogstijd. J. Sterk M. de Heer