Zakelijke correspondentie / Ambtelijk schrijven.
Origineel
Zakelijke correspondentie / Ambtelijk schrijven. 7 april 1943. De Directeur (vermoedelijk van een lokale visafslag of controle-instantie, gezien de handgeschreven notitie waarschijnlijk te IJmuiden). Den Heer Directeur der Nederlandsche Visscherij Centrale, 2e Adelheidstraat 300, Den Haag. 46a/123/1 M.
(handgeschreven: IJmuiden 7/4)
vD/HB.
7 April 1943.
Den Heer Directeur der Nederlandsche
Visscherij Centrale,
2e Adelheidstraat 300,
Den Haag.
Hiermede breng ik voor de goede orde te Uwer kennis, dat
op 2 dezer per spoor werd aangevoerd door den Ymuider grossier
C. van Pel 2 kisten zeevisch, moesten inhouden 100 kg.; hielden
in 97 kg.; van P. de Ruiter, Amsterdam, 1 kist zeevisch van 50
kg., woog 49 kg. en op 4 April jl. van de fa. Y.Rienstra 1 kist
zeevisch van 50 kg., woog 48 kg.
De kisten waren zeer goed gesloten, zoodat diefstal tijdens
het transport uitgesloten moet worden geacht. Het ligt dan ook
voor de hand, dat genoemde grossiers te weinig visch hebben in-
gepakt.
Ik verzoek U beleefd deze aangelegenheid met deze grossiers
te willen behandelen.
De Directeur, De brief betreft een formele rapportage van gewichtsverschillen bij de levering van zeevis door drie verschillende grossiers (C. van Pel, P. de Ruiter en Fa. Y. Rienstra). De afzender constateert dat de werkelijke gewichten (97 kg, 49 kg en 48 kg) lager liggen dan de opgegeven hoeveelheden op de vrachtbrieven.
Een belangrijk detail in de bewijsvoering is de opmerking dat de kisten "zeer goed gesloten" waren. Hiermee sluit de schrijver de mogelijkheid uit dat er tijdens het transport per spoor vis is ontvreemd. De conclusie is dat de fout bij de grossiers zelf ligt: zij hebben te weinig vis ingepakt. De Directeur van de Visscherij Centrale wordt verzocht hiertegen op te treden. Het document stamt uit april 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Nederlandsche Visscherij Centrale (NVC) was in die periode een cruciaal orgaan dat door de bezetter werd gebruikt om de visvangst en -distributie strak te reguleren.
Vanwege de oorlogsschaarste en de invoering van de distributiebonnen was elke kilo vis van groot belang voor de voedselvoorziening. Fraude met gewichten of onzorgvuldige verpakking werd in deze context hoog opgenomen, omdat dit de officiële voedseldistributie ondermijnde en mogelijk wees op achterhouding van voorraden voor de zwarte markt. Het transport per spoor was destijds de standaard voor de aanvoer vanuit havensteden als IJmuiden naar het achterland. C. van Pel P. de Ruiter Y. Rienstra