Archief 745
Inventaris 745-422
Pagina 273
Dossier 100
Jaar 1944
Stadsarchief

Dienstmededeling/Circulaire van de Gemeente Amsterdam.

7 februari 1944. Van: De Burgemeester van Amsterdam (Edward Voûte). Aan: Hoofden van Diensten, Bedrijven en Administratiën.

Origineel

Dienstmededeling/Circulaire van de Gemeente Amsterdam. 7 februari 1944. De Burgemeester van Amsterdam (Edward Voûte). Hoofden van Diensten, Bedrijven en Administratiën. GEMEENTE AMSTERDAM

No. 47 Bur.G.1944.

Amsterdam, 7 Februari 1944.

Hierbij breng ik te Uwer kennis, dat aanvragen voor behoud van dienstaansluitingen van ambtenaren op het telefoonnet, in verband met eventueele sperring, uitsluitend schriftelijk gericht dienen te worden aan mij, Raadhuis, Kamer 26.

Een uniforme behandeling van deze aangelegenheid laat niet toe dat Uwerzijds rechtstreeks contact gezocht wordt met den Plaatselijken Telefoondienst.

De Burgemeester van Amsterdam,
[Signatuur: Voûte]

Aan Hoofden van Diensten, Bedrijven en Administratiën.

[Stempel onderaan:]
Nº 8^A / 21 / 1 M. 1944 d/2
C.S. Stadhuis
A'dam 2-'44 No. 28.

[Handgeschreven kanttekeningen:]
* Linkermarge (rood): Reeds uittreksel gezonden? 14-2-'44
* Linkermarge (verticaal, potlood/inkt): omtrent regeling kan ik geen uitsluitsel geven 28/2 '44 [gevolgd door onleesbare paraaf]
* Rechtsboven (rood/potlood): md. bij [onleesbaar] * Onderwerp: De centralisatie van aanvragen voor het behouden van telefoonaansluitingen voor ambtenaren.
* Kernboodschap: Vanwege de dreigende "sperring" (het afsluiten van telefoonlijnen door de bezetter of op last van de autoriteiten) mogen afdelingshoofden niet meer zelfstandig communiceren met de Telefoondienst. Alle verzoeken moeten centraal via de burgemeester (Kamer 26 van het Raadhuis) lopen.
* Terminologie: De term "sperring" is kenmerkend voor de bezettingstijd, waarbij schaarse middelen zoals telefoonverbindingen streng werden gerantsoeneerd of om veiligheidsredenen werden afgesloten voor niet-essentieel personeel.
* Administratieve sporen: De stempels en handgeschreven notities tonen de ambtelijke verwerking aan. De vraag "Reeds uittreksel gezonden?" duidt op de verdere distributie van deze instructie binnen de gemeentelijke apparaten. Dit document stamt uit februari 1944, een periode waarin de Duitse bezettingsmacht de controle over de infrastructuur in Nederland steeds verder aanscherpte. Telecommunicatie was van strategisch belang. Edward Voûte, de ondertekenaar, was de door de Duitsers benoemde (NSB-)burgemeester van Amsterdam.

De "sperring" van telefoonlijnen werd vaak ingezet om capaciteit vrij te maken voor militair gebruik of om de communicatiemogelijkheden van de burgerbevolking en het ambtenarenapparaat te beperken. Door de aanvragen voor behoud van lijnen te centraliseren, hield de burgemeester (en daarmee de bezetter) direct toezicht op wie wel en wie geen toegang had tot het telefoonnetwerk. Het verbod op rechtstreeks contact met de 'Plaatselijken Telefoondienst' diende om informele afspraken of 'vriendendiensten' buiten de officiële kanalen om te voorkomen.

Samenvatting

  • Onderwerp: De centralisatie van aanvragen voor het behouden van telefoonaansluitingen voor ambtenaren.
  • Kernboodschap: Vanwege de dreigende "sperring" (het afsluiten van telefoonlijnen door de bezetter of op last van de autoriteiten) mogen afdelingshoofden niet meer zelfstandig communiceren met de Telefoondienst. Alle verzoeken moeten centraal via de burgemeester (Kamer 26 van het Raadhuis) lopen.
  • Terminologie: De term "sperring" is kenmerkend voor de bezettingstijd, waarbij schaarse middelen zoals telefoonverbindingen streng werden gerantsoeneerd of om veiligheidsredenen werden afgesloten voor niet-essentieel personeel.
  • Administratieve sporen: De stempels en handgeschreven notities tonen de ambtelijke verwerking aan. De vraag "Reeds uittreksel gezonden?" duidt op de verdere distributie van deze instructie binnen de gemeentelijke apparaten.

Historische Context

Dit document stamt uit februari 1944, een periode waarin de Duitse bezettingsmacht de controle over de infrastructuur in Nederland steeds verder aanscherpte. Telecommunicatie was van strategisch belang. Edward Voûte, de ondertekenaar, was de door de Duitsers benoemde (NSB-)burgemeester van Amsterdam.

De "sperring" van telefoonlijnen werd vaak ingezet om capaciteit vrij te maken voor militair gebruik of om de communicatiemogelijkheden van de burgerbevolking en het ambtenarenapparaat te beperken. Door de aanvragen voor behoud van lijnen te centraliseren, hield de burgemeester (en daarmee de bezetter) direct toezicht op wie wel en wie geen toegang had tot het telefoonnetwerk. Het verbod op rechtstreeks contact met de 'Plaatselijken Telefoondienst' diende om informele afspraken of 'vriendendiensten' buiten de officiële kanalen om te voorkomen.

Kooplieden in dit dossier 100

A.C. Cobussen Waterlooplein 499,42 6)
A.H. Bijland Waterlooplein 1664,98 5)
A.H. Bijland Waterlooplein 42
A.H. de Haer Waterlooplein 41
A.H. de Haer Waterlooplein 2690,20
A.H. Klaassens Waterlooplein 2046,82
A.H. Klaassens Waterlooplein 46
A.J.J. Barbiers Waterlooplein 46
A.J.I. Barbiers Waterlooplein 2353,76 5)
M. Burg Waterlooplein
W. Rijbrodt Waterlooplein
A.W. Rijvordt Waterlooplein 42
B. Felthuis Waterlooplein 1815,44
B. Felthuis Waterlooplein 45
C. Bakker Waterlooplein 1656.--
C. Bakker Waterlooplein 44
C. Blom Waterlooplein 44
C.F. Eggelte Waterlooplein 2175,15
C.F. Eggelte Waterlooplein 42
C.J.v. Moerkerken Waterlooplein 43
C.L.J. Lek Waterlooplein 42
C. Veerman Waterlooplein 45
D.H. Schiermeier Waterlooplein 45
E.A. Engelen Waterlooplein 1904,16
A. Littelugt Waterlooplein
F.A. Uitvlugt Waterlooplein 42
F. Koning Waterlooplein 43
F. Reinen Waterlooplein 43
F.W. Stroer Waterlooplein 47
G.A. Oosterhoff Waterlooplein
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6