Ambtelijke brief / doorslag van correspondentie.
Origineel
Ambtelijke brief / doorslag van correspondentie. 3 maart 1944. De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke dienst). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen te [Alhier]. [Handgeschreven in blauwe inkt, bovenaan:]
Verzonden 3/3 H. Mulder t.k
[Getypte tekst:]
8A/28/1M. 2 3 Maart 1944. SV.
Den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.
In bijlage dezes heb ik de eer U een staat (in duplo) te doen toekomen, houdende de namen van twee ambtenaren van mijn dienst, die in het 2e kwartaal van 1944 voor een periodieke salarisverhooging in aanmerking komen.
Ik moge U beleefd verzoeken wel te willen bevorderen, dat ten aanzien van elk dezer ambtenaren wordt besloten, zooals op vorenbedoelden staat onder "nieuwe toestand" wordt voorgesteld.
De Directeur, * Vorm: Het document is een getypte brief, waarschijnlijk een doorslag (carbon copy) voor het archief, gezien de kleur van de inkt en de eenvoud van het papier. Links zijn perforatiegaatjes zichtbaar.
* Inhoud: De directeur van een gemeentelijke afdeling rapporteert aan de wethouder over de periodieke loonstijging van twee ondergeschikten voor het tweede kwartaal van 1944. Er wordt verwezen naar een bijgevoegde lijst ("staat in duplo") die de specifieke details bevat.
* Taalgebruik: Het taalgebruik is uiterst formeel en ambtelijk ("ik moge U beleefd verzoeken", "in bijlage dezes", "in aanmerking komen"). Er wordt gebruikgemaakt van de toen geldende spelling (bijv. "salarisverhooging", "zooals").
* Administratieve sporen: De handgeschreven aantekening bovenin bevestigt dat de brief daadwerkelijk is verzonden op 3 maart. De afkorting "SV" rechtsboven kan verwijzen naar de initialen van de typist of een specifieke administratieve sectie. Dit document stamt uit maart 1944, een periode waarin Nederland bezet was door nazi-Duitsland. Ondanks de oorlogssituatie en de enorme druk op de voedselvoorziening (de geadresseerde is de Wethouder voor de Levensmiddelen), bleef de civiele bureaucratie en het personeelsbeheer van de gemeente grotendeels volgens de bestaande regels doorfunctioneren. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" was in deze periode een van de belangrijkste en zwaarst belaste posten in het lokale bestuur vanwege de distributie en de toenemende schaarste. Dit document illustreert de continuïteit van administratieve processen, zoals salarisadministraties, te midden van de maatschappelijke ontwrichting van de late oorlogsjaren.
Samenvatting
- Vorm: Het document is een getypte brief, waarschijnlijk een doorslag (carbon copy) voor het archief, gezien de kleur van de inkt en de eenvoud van het papier. Links zijn perforatiegaatjes zichtbaar.
- Inhoud: De directeur van een gemeentelijke afdeling rapporteert aan de wethouder over de periodieke loonstijging van twee ondergeschikten voor het tweede kwartaal van 1944. Er wordt verwezen naar een bijgevoegde lijst ("staat in duplo") die de specifieke details bevat.
- Taalgebruik: Het taalgebruik is uiterst formeel en ambtelijk ("ik moge U beleefd verzoeken", "in bijlage dezes", "in aanmerking komen"). Er wordt gebruikgemaakt van de toen geldende spelling (bijv. "salarisverhooging", "zooals").
- Administratieve sporen: De handgeschreven aantekening bovenin bevestigt dat de brief daadwerkelijk is verzonden op 3 maart. De afkorting "SV" rechtsboven kan verwijzen naar de initialen van de typist of een specifieke administratieve sectie.
Historische Context
Dit document stamt uit maart 1944, een periode waarin Nederland bezet was door nazi-Duitsland. Ondanks de oorlogssituatie en de enorme druk op de voedselvoorziening (de geadresseerde is de Wethouder voor de Levensmiddelen), bleef de civiele bureaucratie en het personeelsbeheer van de gemeente grotendeels volgens de bestaande regels doorfunctioneren. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" was in deze periode een van de belangrijkste en zwaarst belaste posten in het lokale bestuur vanwege de distributie en de toenemende schaarste. Dit document illustreert de continuïteit van administratieve processen, zoals salarisadministraties, te midden van de maatschappelijke ontwrichting van de late oorlogsjaren.