Dienstbrief / Begeleidend schrijven
Origineel
Dienstbrief / Begeleidend schrijven 29 maart 1944 De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke dienst) Den Heer Administrateur, Hoofd van den Accountantsdienst, Raadhuis, Alhier. [Links boven:]
G.U.
8a/312 M
[Midden boven, handgeschreven:]
Verzonden 31/3 HMuller [?]
[Rechts boven:]
29 Maart 1944
[Adresblok:]
Den Heer Administrateur,
Hoofd van den Accountantsdienst,
Raadhuis. A l h i e r .
[Inhoud:]
Naar aanleiding van de circulaires van
den heer Wethouder voor de Financiën dld.11
Februari en 19 December 1938, No.206 Fin.1938
heb ik de eer U in bijlage dezes een recapitula-
tie te doen toekomen, zooals bedoeld in boven-
genoemde circulaire van 11 Februari 1938 onder
3e.
[Ondertekening:]
De Directeur, * Taalgebruik: Het document is opgesteld in formeel, ambtelijk Nederlands ("heb ik de eer U... te doen toekomen"). Het hanteert de spelling van vóór de wijziging van 1947 (bijv. "Maart", "zooals", "Financiën").
* Inhoud: De brief dient als begeleidend schrijven voor een bijgevoegde 'recapitulatie' (een financieel overzicht of samenvatting). Er wordt expliciet verwezen naar instructies uit 1938, wat duidt op een voortzetting van administratieve procedures die al vóór de oorlog waren vastgelegd.
* Administratieve sporen: De afkorting "G.U." linksboven staat hoogstwaarschijnlijk voor "Gemeente Utrecht". De handgeschreven aantekening bovenin geeft aan dat het document daadwerkelijk is verzonden op 31 maart, twee dagen na de datering van de brief.
* Contextuele details: Het kenmerk "8a/312 M" lijkt naderhand aangepast of overgetypt (de '2' en 'M' vallen buiten de oorspronkelijke uitlijning). Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Ondanks de oorlogsomstandigheden blef het lokale ambtenarenapparaat grotendeels functioneren volgens de bestaande bureaucratische regels. De verwijzing naar circulaires uit 1938 onderstreept deze administratieve continuïteit.
De brief is gericht aan de Accountantsdienst van de gemeente, gevestigd in het Raadhuis. Dit type correspondentie is typerend voor de interne verantwoording van gemeentelijke diensten aan de centrale financiële controle-organen van een stad. De term "Alhier" in het adres bevestigt dat zowel de afzender als de ontvanger zich binnen dezelfde gemeente bevonden.
Samenvatting
- Taalgebruik: Het document is opgesteld in formeel, ambtelijk Nederlands ("heb ik de eer U... te doen toekomen"). Het hanteert de spelling van vóór de wijziging van 1947 (bijv. "Maart", "zooals", "Financiën").
- Inhoud: De brief dient als begeleidend schrijven voor een bijgevoegde 'recapitulatie' (een financieel overzicht of samenvatting). Er wordt expliciet verwezen naar instructies uit 1938, wat duidt op een voortzetting van administratieve procedures die al vóór de oorlog waren vastgelegd.
- Administratieve sporen: De afkorting "G.U." linksboven staat hoogstwaarschijnlijk voor "Gemeente Utrecht". De handgeschreven aantekening bovenin geeft aan dat het document daadwerkelijk is verzonden op 31 maart, twee dagen na de datering van de brief.
- Contextuele details: Het kenmerk "8a/312 M" lijkt naderhand aangepast of overgetypt (de '2' en 'M' vallen buiten de oorspronkelijke uitlijning).
Historische Context
Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Ondanks de oorlogsomstandigheden blef het lokale ambtenarenapparaat grotendeels functioneren volgens de bestaande bureaucratische regels. De verwijzing naar circulaires uit 1938 onderstreept deze administratieve continuïteit.
De brief is gericht aan de Accountantsdienst van de gemeente, gevestigd in het Raadhuis. Dit type correspondentie is typerend voor de interne verantwoording van gemeentelijke diensten aan de centrale financiële controle-organen van een stad. De term "Alhier" in het adres bevestigt dat zowel de afzender als de ontvanger zich binnen dezelfde gemeente bevonden.