Archiefdocument
Origineel
8 juli 1944. De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke dienst in Amsterdam). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier (Amsterdam). [Handgeschreven in blauw potlood:]
Verzonden 8/7
[Linksboven:]
8A/47/4M.
uitzending personeel
naar het buitenland.
[Rechtsboven:]
8 Juli 1944.
Den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
==============
[Inhoud:]
In aansluiting op mijn brief d.d. 3 Juli '44
no.8A/47/3M., heb ik deeeer U, onder verwij-
zing naar de ter zake gevoerde besprekingen,
te berichten, dat mijn opgave moet worden
gewijzigd in:
J.C.N.Helsloot, geb.8.1.'98, wonende 1e Oos-
terparkstraat 4 I(kinderen
zijn gehuwd).
P.Smit.
[Rechtsonder:]
De Directeur, Dit document is een administratief bewijsstuk van de uitvoering van de Arbeitseinsatz (gedwongen tewerkstelling) in bezet Nederland. De term "uitzending personeel naar het buitenland" is een eufemisme voor het sturen van Nederlandse mannen naar Duitsland om daar in de oorlogsindustrie te werken.
De brief is een correctie op een eerdere lijst van 3 juli 1944. Er worden twee specifieke personen genoemd die blijkbaar voor deze uitzending in aanmerking komen:
* J.C.N. Helsloot: Geboren op 8 januari 1898. Zijn adres, 1e Oosterparkstraat 4 I, plaatst dit document in Amsterdam. Zeer opmerkelijk is de toevoeging tussen haakjes: "kinderen zijn gehuwd". Dit duidt op een bureaucratische selectieprocedure waarbij de gezinssituatie werd meegewogen; iemand wiens kinderen de deur uit zijn, werd blijkbaar als makkelijker 'misbaar' beschouwd.
* P. Smit: Wordt als tweede naam toegevoegd.
In de tekst staat een typfout: "deeeer", wat vermoedelijk "de eer" had moeten zijn ("heb ik de eer U... te berichten"). De droge, zakelijke toon van het document illustreert hoe de deportatie van burgers voor dwangarbeid een routinematige administratieve handeling was geworden voor de gemeentelijke diensten. In juli 1944, kort na D-Day, nam de druk op de Duitse oorlogsmachine toe. De behoefte aan arbeiders in Duitsland was nijpend, waardoor de Arbeitseinsatz in de bezette gebieden werd geïntensiveerd. Nederlandse gemeentebesturen, die onder strikt toezicht van de bezetter stonden, moesten lijsten aanleveren van hun eigen personeel of van burgers uit de stad voor tewerkstelling.
De "Wethouder voor de Levensmiddelen" hield zich bezig met de distributie en voedselvoorziening, een cruciaal departement in een tijd van schaarste. Dat personeel vanuit dit departement of via deze weg werd aangewezen voor tewerkstelling, toont aan hoe diep de bezettingsmaatregelen ingrepen in alle lagen van het stedelijk apparaat. De Oosterparkbuurt, waar Helsloot woonde, was een Amsterdamse volksbuurt die zwaar getroffen werd door de maatregelen van de bezetter.