Archiefdocument
Origineel
22 juni 1944 De Directeur (specifieke dienst niet vermeld). 8a/50/54. 22 Juni 1944.
verhooging ziekengeld Den Heer Wethouder
arbeidscontracten. voor de Arbeidszaken,
A l h i e r.
===========
Naar aanleiding van Uw circulaire
d.d. 16 Juni jl. no.55/15a A.V. bericht ik
U, dat bij mijn dienst geen personeelsle-
den als door U bedoeld in het tijdvak 1
Januari tot 28 April 1944 ziekengeld heb-
ben genoten.
De Directeur, Dit document is een formeel administratief antwoord van een directeur aan een wethouder. De structuur is klassiek voor die tijd: linksboven het dossiernummer en onderwerp, rechtsboven de datum en de adressering aan de wethouder "Alhier" (wat betekent dat de afzender en ontvanger zich in dezelfde stad bevinden).
De inhoud betreft een zogenaamde 'nihil-melding'. De directeur reageert op een circulaire (een rondzendbrief met instructies of vragen) van 16 juni 1944. Hij laat weten dat er binnen zijn dienst in de periode van 1 januari tot 28 april 1944 geen personeelsleden waren die aanspraak maakten op ziekengeld volgens de voorwaarden waar de wethouder naar informeerde. De toon is uiterst zakelijk en beknopt. De datum van schrijven, 22 juni 1944, is historisch saillant. Het is ruim twee weken na D-Day, terwijl Nederland nog bezet is door nazi-Duitsland. Desondanks toont dit document aan dat de gemeentelijke bureaucratie en de uitvoering van sociale regelingen (zoals ziekengeld en arbeidscontracten) onder het bezettingsbestuur gewoon doorgingen.
De term "Wethouder voor de Arbeidszaken" suggereert een communicatie binnen een groot gemeentelijk apparaat, mogelijk Amsterdam of Rotterdam. In deze late oorlogsjaren was er vaak sprake van aanpassingen in de sociale voorzieningen en lonen, deels door inflatie en deels door veranderende regelgeving onder toezicht van de bezetter. Deze brief vormt een klein puzzelstukje in de administratieve geschiedenis van de Nederlandse arbeidsverhoudingen tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Samenvatting
Dit document is een formeel administratief antwoord van een directeur aan een wethouder. De structuur is klassiek voor die tijd: linksboven het dossiernummer en onderwerp, rechtsboven de datum en de adressering aan de wethouder "Alhier" (wat betekent dat de afzender en ontvanger zich in dezelfde stad bevinden).
De inhoud betreft een zogenaamde 'nihil-melding'. De directeur reageert op een circulaire (een rondzendbrief met instructies of vragen) van 16 juni 1944. Hij laat weten dat er binnen zijn dienst in de periode van 1 januari tot 28 april 1944 geen personeelsleden waren die aanspraak maakten op ziekengeld volgens de voorwaarden waar de wethouder naar informeerde. De toon is uiterst zakelijk en beknopt.
Historische Context
De datum van schrijven, 22 juni 1944, is historisch saillant. Het is ruim twee weken na D-Day, terwijl Nederland nog bezet is door nazi-Duitsland. Desondanks toont dit document aan dat de gemeentelijke bureaucratie en de uitvoering van sociale regelingen (zoals ziekengeld en arbeidscontracten) onder het bezettingsbestuur gewoon doorgingen.
De term "Wethouder voor de Arbeidszaken" suggereert een communicatie binnen een groot gemeentelijk apparaat, mogelijk Amsterdam of Rotterdam. In deze late oorlogsjaren was er vaak sprake van aanpassingen in de sociale voorzieningen en lonen, deels door inflatie en deels door veranderende regelgeving onder toezicht van de bezetter. Deze brief vormt een klein puzzelstukje in de administratieve geschiedenis van de Nederlandse arbeidsverhoudingen tijdens de Tweede Wereldoorlog.