Officieel rondschrijven (circulaire) van de Gemeente Amsterdam.
Origineel
Officieel rondschrijven (circulaire) van de Gemeente Amsterdam. 18 juli 1944. De Burgemeester van Amsterdam / De Gemeentesecretaris. AM. GEMEENTE AMSTERDAM.
No. 1039 g Arb. 1944
onderwerp: salaris- of loonvoorschot.
Amsterdam, 18 Juli 1944.
Ten vervolge op mijn rondschrijven No. 1039e Arb. 1944, dd. 17 Juni 1944, betreffende het bovengenoemde onderwerp, deel ik U mede, dat gebleken is, dat bij een groot aantal takken van dienst gebruik is gemaakt van de mogelijkheid om de geldzakjes met het salaris- of loonvoorschot, dat in verband met de buitengewone omstandigheden aanvankelijk aan het gemeentepersoneel zou zijn gegeven, bij den dienst te bewaren.
Daar het gewenscht is, dat met betrekking tot dergelijke maatregelen uniformiteit wordt betracht, noodig ik U uit, voorzover zulks bij Uw diensttak nog niet mocht zijn geschied, gesloten geldzakjes te doen gereedmaken, welke zijn gevuld overeenkomstig het bepaalde in mijn rondschrijven No. 1039c Arb. 1944, dd. 10 Juni 1944.
Deze zakjes worden bij den dienst bewaard en mogen slechts, nadat U daartoe mijnerzijds gemachtigd bent, aan het personeel worden uitgereikt.
De Burgemeester van Amsterdam,
de Gemeentesecretaris,
[Handtekening: J.P. van Huizen]
Aan Heeren Hoofden van Administratiën, Diensten en Bedrijven.
Arb. Z. Stadhuis
A’dam, Juli 1944
Volgno. 125
[Handgeschreven annotaties bovenin:] "oude stukken", "18/7", diverse initialen.
[Stempel/Annotatie onderaan:] Nº 8A/62/y M.1944 20/7 Dit document is een administratieve instructie die betrekking heeft op de uitbetaling van noodvoorschotten aan gemeentepersoneel. De kern van de instructie is de overgang naar een gecentraliseerd beheer van deze voorschotten: in plaats van het geld direct uit te keren, moeten diensten "gesloten geldzakjes" voorbereiden en in bewaring houden.
Opvallende elementen:
* Uniformiteit: De burgemeester streeft naar een gelijke werkwijze over alle gemeentelijke diensten heen.
* Controle: De uitreiking van het geld mag pas plaatsvinden na expliciete machtiging van de burgemeester/secretaris. Dit duidt op een streng beheer van de liquiditeiten.
* Logistiek: Het gebruik van fysieke "geldzakjes" herinnert aan een tijdperk waarin loonbetalingen nog grotendeels in contanten plaatsvonden. Het document dateert van 18 juli 1944, een kritieke fase tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De term "buitengewone omstandigheden" is een eufemisme voor de oorlogssituatie en de naderende geallieerde opmars na D-Day (juni 1944).
In deze periode hield de overheid rekening met grote ontregelingen van het openbare leven, zoals het uitvallen van postverkeer, bankverkeer of vervoer (wat later dat jaar zou leiden tot de Spoorwegstaking en de Hongerwinter). De "geldzakjes" waren een noodmaatregel om te garanderen dat gemeentepersoneel over contant geld kon beschikken als het normale betalingsverkeer zou instorten.
Het feit dat de burgemeester (destijds de pro-Duitse Edward Voute) de controle over de uitreiking strikt in handen hield, kan ook gezien worden als een middel om grip te houden op het ambtenarenapparaat in tijden van toenemende onrust en verzet. De handgeschreven notitie "oude stukken" wijst erop dat dit document later door een archivaris is geclassificeerd als historisch materiaal.