Uittreksel uit het 'Boek der Besluiten' van de burgemeester van Amsterdam.
Origineel
Uittreksel uit het 'Boek der Besluiten' van de burgemeester van Amsterdam. 17 maart 1944. Marktw.
Nº 10/8/1 M.1944 11/4
No. 203/21.7 Fin.1944.
324 L.M. 1944.
Nadere vaststelling van het percentage rente in rekening-courant voor de takken van dienst.
E x t r a c t
uit het Boek der Besluiten
van den Burgemeester van Amsterdam.
Vrijdag, 17 Maart 1944.
[Paraaf]
Th. Müller
Op voorstel van den Wethouder voor de Financiën wordt door den
Burgemeester het volgende besluit genomen:
De Burgemeester van Amsterdam,
B e s l u i t :
te bepalen, dat gerekend te zijn ingegaan 1 Januari 1943 de rente in
rekening-courant voor de gemeentelijke takken van dienst, met uitzondering van het Gemeentelijk Assurantiefonds, indien deze rente ten
gunste van deze takken van dienst komt, zal worden berekend tegen 1%.
Afschrift van dit besluit zal worden gegeven aan de afdeelingen
Financiën (4 stuks), Gemeentebedrijven (8 stuks), Handelsinrichtingen
(3 stuks), Volkshuisvesting (2 stuks), Levensmiddelen, Wasch- en
schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen (8 stuks), Sociale Zaken (2 stuks)
Burgerlijke Stand (2 stuks), alsmede aan het Bureau Gemeentesecretaris, en den Gemeenteontvanger.
MT.
C.S.Stadhuis,
A'dam, 3-'44.
Voor eensluidend extract,
de Gemeentesecretaris,
(get.) J. F. FRANKEN
No. 653 Het document is een formeel besluit van de (door de bezetter aangestelde) burgemeester van Amsterdam over een financieel-administratieve kwestie. Het besluit bepaalt dat de rente op de rekening-courant verhoudingen tussen verschillende gemeentelijke afdelingen met terugwerkende kracht (vanaf 1 januari 1943) op 1% wordt vastgesteld. Dit gold niet voor het Gemeentelijk Assurantiefonds.
Het uittreksel is ondertekend door de gemeentesecretaris J.F. Franken. Interessant zijn de handgeschreven toevoegingen en nummers bovenin, die duiden op de administratieve verwerking binnen het archiefsysteem. Rechtsboven staat de naam "Th. Müller", wat zeer waarschijnlijk verwijst naar de Duitse Regierungsrat die toezicht hield op het Amsterdamse stadsbestuur tijdens de bezetting. Dit document stamt uit maart 1944, de late fase van de Tweede Wereldoorlog in Nederland. Amsterdam stond destijds onder direct gezag van een pro-Duitse burgemeester (Edward Voûte), aangezien de gemeenteraad in 1941 door de bezetter was ontbonden. De burgemeester nam besluiten "op voorstel van" wethouders, maar onder streng toezicht van Duitse functionarissen zoals de genoemde Müller.
Ondanks de oorlogssituatie en de bezetting bleef de bureaucratische machine van de stad doordraaien. Dit document illustreert de voortzetting van het reguliere financiële beheer van de stad, waarbij complexe interne verrekeningen tussen tal van afdelingen (van Levensmiddelen tot de Burgerlijke Stand) noodzakelijk bleven. De lijst met afdelingen die een afschrift ontvingen, geeft een goed beeld van de omvang van de toenmalige gemeentelijke organisatie.