Officiële getypte brief/kennisgeving van de Gemeente Amsterdam.
Origineel
Officiële getypte brief/kennisgeving van de Gemeente Amsterdam. 8 juni 1942. De Burgemeester van Amsterdam (E.J. Voûte), namens deze de Gemeentesecretaris (J. F. Franken). Den heer R. Coppenhagen, De Clercqstraat 42, Amsterdam. (Stempel linksboven, paars) № 53/57/7 M. 1942 9/6
(Handgeschreven rechtsboven) Marktw.
(Geadresseerde)
Aan
den heer R. Coppenhagen,
De Clercqstraat 42,
A_L_H_I_E_R(W).
(Handgeschreven onder adres, potlood) m. i. h Müller
(Referentie en datum)
L.M. 55/14
-1942-
8 Juni 1942.
(Inhoud)
Ik deel U mede te hebben besloten U op gronden van billijkheid teruggave te verleenen van een bedrag aan entréegeld tot de markt, groot $f$ 7.50.
vM
(Ondertekening)
De Burgemeester van Amsterdam,
(get.) V o û t e
de Gemeentesecretaris,
(get.) J. F. FRANKEN
(Handgeschreven linksonder) betaald 12/6 '42
(Handgeschreven rechtsonder) 53/57/7 * Inhoud: Het document is een formele bevestiging van de gemeente Amsterdam dat de heer R. Coppenhagen een bedrag van 7,50 gulden terugkrijgt. Dit betreft "entréegeld tot de markt" dat hij blijkbaar eerder had voldaan.
* Motivering: De teruggave wordt verleend "op gronden van billijkheid". Dit duidt op een besluit gebaseerd op redelijkheid of rechtvaardigheid, in plaats van een strikte wettelijke verplichting.
* Status: De handgeschreven notitie "betaald 12/6 '42" onderaan de brief geeft aan dat de administratieve afhandeling van de betaling slechts vier dagen na de dagtekening van de brief heeft plaatsgevonden.
* Ondertekening: De brief is ondertekend door de toenmalige burgemeester Edward Voûte en gemeentesecretaris J.F. Franken. Hoewel hun namen getypt zijn met "(get.)" (getekend), was dit de standaardmanier voor kopieën of officiële kennisgevingen uit de gemeentelijke administratie. * Historische periode: De brief dateert uit juni 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog.
* Burgemeester Voûte: Edward Voûte was de regeringscommissaris/burgemeester van Amsterdam die door de Duitse bezetter was aangesteld. Hij bleef in functie tot de bevrijding.
* Joodse context: De achternaam Coppenhagen is een bekende (Sefardisch-)Joodse naam in Amsterdam. In 1941 en 1942 voerde de bezetter steeds meer beperkende maatregelen in voor Joodse burgers. Vanaf september 1941 werden Joden uitgesloten van openbare markten en werden er specifieke "Joodse markten" ingesteld. Het is zeer waarschijnlijk dat deze teruggave van entreegeld hiermee samenhangt; wellicht had de heer Coppenhagen betaald voor een marktvergunning of toegang die hem later vanwege zijn afkomst werd ontzegd.
* Tijdslijn: De datum 8 juni 1942 is wrang: dit was slechts enkele weken voordat de grootschalige deportaties van Joden uit Amsterdam naar kamp Westerbork en de vernietigingskampen in het oosten op gang kwamen (juli 1942). Het document illustreert hoe de ambtelijke bureaucratie zelfs tijdens deze uiterst gewelddadige en onderdrukkende periode accuraat bleef functioneren op het gebied van kleine financiële correcties. E.J. Vo F. Franken J.F. Franken R. Coppenhagen Gemeente Amsterdam