Handgeschreven conceptbrief/memo.
Origineel
Handgeschreven conceptbrief/memo. 23 juni 1942. Kennisgeving i.z. marktverkoop
A’dam, 23/6 1942
W. L. M.
20/117/1
Naar aanleiding van de bespreking, welke ~~ik met U~~ gehad i.z. den verkoop van broodjes, koek e.d. op de markten heb ik de eer U in bijlage dezes een concept-kennisgeving te doen toekomen, welke ik aan het marktpersoneel, ter vervolge op mijn kennisgeving van 1 dezer No 152, welke ik U eveneens hierbij voor de goede orde doe toekomen, zal zenden.
Wanneer U ~~zich met den~~ naar inhoud van deze kennisgeving Uw goedkeuring kunt hechten, gelieve U haar, voorzien van Uw paraaf, weer aan mij te doen toekomen.
[Paraaf rechtsonder, mogelijk 'AW' of 'DW', met rode markering] Het document is een ambtelijk kladconcept waarin wordt verwezen naar een eerdere bespreking over de regulering van de verkoop van etenswaren (broodjes, koek) op Amsterdamse markten. De schrijver legt een nieuwe instructie (kennisgeving) voor aan een superieur ter fiattering. Er wordt specifiek gerefereerd aan een eerdere kennisgeving (No. 152) van 1 juni 1942 ("1 dezer").
De tekst bevat correcties (doorhalingen), wat gebruikelijk is bij een concepttekst die nog definitief moet worden getypt of verzonden. Het rode nummer bovenaan duidt op een latere archivering of administratieve verwerking. Dit document is geschreven tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode (zomer 1942) was de voedseldistributie in Nederland volledig onderworpen aan strikte regelgeving en rantsoenering. De verkoop van goederen op openbare markten werd nauwgezet gecontroleerd door zowel de gemeentelijke autoriteiten als de bezetter om zwarte handel te voorkomen en te zorgen dat de officiële rantsoenen werden nageleefd.
Dergelijke administratieve stukken tonen de bureaucratische realiteit van de voedselvoorziening in oorlogstijd, waarbij zelfs de verkoop van kleine versnaperingen zoals koek op de markt onderhevig was aan officiële kennisgevingen en goedkeuringsprocedures.
Samenvatting
Het document is een ambtelijk kladconcept waarin wordt verwezen naar een eerdere bespreking over de regulering van de verkoop van etenswaren (broodjes, koek) op Amsterdamse markten. De schrijver legt een nieuwe instructie (kennisgeving) voor aan een superieur ter fiattering. Er wordt specifiek gerefereerd aan een eerdere kennisgeving (No. 152) van 1 juni 1942 ("1 dezer").
De tekst bevat correcties (doorhalingen), wat gebruikelijk is bij een concepttekst die nog definitief moet worden getypt of verzonden. Het rode nummer bovenaan duidt op een latere archivering of administratieve verwerking.
Historische Context
Dit document is geschreven tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode (zomer 1942) was de voedseldistributie in Nederland volledig onderworpen aan strikte regelgeving en rantsoenering. De verkoop van goederen op openbare markten werd nauwgezet gecontroleerd door zowel de gemeentelijke autoriteiten als de bezetter om zwarte handel te voorkomen en te zorgen dat de officiële rantsoenen werden nageleefd.
Dergelijke administratieve stukken tonen de bureaucratische realiteit van de voedselvoorziening in oorlogstijd, waarbij zelfs de verkoop van kleine versnaperingen zoals koek op de markt onderhevig was aan officiële kennisgevingen en goedkeuringsprocedures.