Archief 745
Inventaris 745-401
Pagina 172
Dossier 104
Jaar 1943
Stadsarchief

Zakelijke correspondentie (brief).

16 juli 1943. Van: F. v. Daelen namens "den Heer Gombault" (Omnia). Aan: Directeur van het Marktwezen, Amsterdam (Jan van Galenstraat).

Origineel

Zakelijke correspondentie (brief). 16 juli 1943. F. v. Daelen namens "den Heer Gombault" (Omnia). Directeur van het Marktwezen, Amsterdam (Jan van Galenstraat). [Linksboven, briefhoofd]
OMNIA
TREUHANDGESELLSCHAFT M. B. H
No. 20/28/2 M. 1943 ^21/7^

[Rechtsboven, locatie en datum]
Amsterdam
~~ARNHEIM~~, den 16.Juli 1943.
~~UTRECHTSCHESTR.~~ Heerengr 503
~~TELEFON No. 22955-22956~~
Telefoon 33447
vD/K

[Midden, handgeschreven nummer]
27200

[Geadresseerde]
Aan den Heer Directeur
van het Marktwezen.
A m s t e r d a m.
Jan van Galenstraat.

[Inhoud]
Mijnheer!

      Hierdoor deel ik U namens den Heer Gombault mede, dat door

dezen besloten is, om één markt open te houden op het MINERVAPLEIN
met vier standplaatshouders voor groente en twee "gemengde huwelijken"
voor kramerijen en textiel, benevens één markt Joubertstraat met
vier standplaatshouders voor groente en zes "gemengde huwelijken" voor
textiel en aanverwante artikelen, benevens één "gemengd huwelijk" voor
kousen en sokken.-

[Afsluiting en ondertekening]
Hoogachtend
Der Treuhänder
OMNIA
Treuhandgesellschaft M.B.H.
[Handtekening: F. v. Daelen]

[Linksonder, handgeschreven notities]
Minervaplein 2 gemengde huwelijken.

Joubertstraat 6 gemengd huwelijk
1 " " Kousen

7

[Rechtsonder, in een kader]
20 * Onderwerp: De brief betreft de toewijzing van standplaatsen op twee specifieke markten in Amsterdam: het Minervaplein en de Joubertstraat.
* Terminologie: Er wordt expliciet gesproken over "gemengde huwelijken" als categorie van standplaatshouders. In de context van de bezettingstijd verwijst dit naar Joodse marktkooplieden die getrouwd waren met een niet-Joodse partner. Zij genoten een (tijdelijke) uitzonderingspositie en mochten onder strikte voorwaarden economische activiteiten blijven ontplooien, daar waar andere Joodse ondernemers al volledig waren uitgesloten.
* Instantie: De Omnia Treuhandgesellschaft was een nationaalsocialistische organisatie die belast was met het beheer, de liquidatie of de "ontjoding" van Joodse bedrijven en vermogens. Dat zij beslissen over marktplaatsen onderstreept hun diepe ingrijpen in het dagelijks economisch leven.
* Locaties: Het Minervaplein (Zuid) en de Joubertstraat (Oost) waren locaties waar markten waren ingericht voor Joodse Amsterdammers, aangezien zij vanaf 1941 niet meer op reguliere markten mochten komen of handelen. Dit document stamt uit de zomer van 1943, een periode waarin de deportaties van Joden uit Nederland hun piek hadden bereikt. Terwijl de meerderheid van de Joodse bevolking al was weggevoerd, bleef de groep 'gemengd-gehuwden' in Amsterdam achter onder een zeer precair regime.

De brief toont de bureaucratische precisie waarmee de bezetter de laatste resten van Joodse economische aanwezigheid controleerde. De "ontjoding" van de markten was bijna voltooid; slechts een handvol specifiek aangewezen personen mocht nog handelen op de door de overheid gecontroleerde locaties. De betrokkenheid van Omnia en de directeur van het Marktwezen illustreert de samenwerking tussen Duitse instanties en de Amsterdamse gemeentelijke bureaucratie bij het uitvoeren van de anti-Joodse maatregelen.

Samenvatting

  • Onderwerp: De brief betreft de toewijzing van standplaatsen op twee specifieke markten in Amsterdam: het Minervaplein en de Joubertstraat.
  • Terminologie: Er wordt expliciet gesproken over "gemengde huwelijken" als categorie van standplaatshouders. In de context van de bezettingstijd verwijst dit naar Joodse marktkooplieden die getrouwd waren met een niet-Joodse partner. Zij genoten een (tijdelijke) uitzonderingspositie en mochten onder strikte voorwaarden economische activiteiten blijven ontplooien, daar waar andere Joodse ondernemers al volledig waren uitgesloten.
  • Instantie: De Omnia Treuhandgesellschaft was een nationaalsocialistische organisatie die belast was met het beheer, de liquidatie of de "ontjoding" van Joodse bedrijven en vermogens. Dat zij beslissen over marktplaatsen onderstreept hun diepe ingrijpen in het dagelijks economisch leven.
  • Locaties: Het Minervaplein (Zuid) en de Joubertstraat (Oost) waren locaties waar markten waren ingericht voor Joodse Amsterdammers, aangezien zij vanaf 1941 niet meer op reguliere markten mochten komen of handelen.

Historische Context

Dit document stamt uit de zomer van 1943, een periode waarin de deportaties van Joden uit Nederland hun piek hadden bereikt. Terwijl de meerderheid van de Joodse bevolking al was weggevoerd, bleef de groep 'gemengd-gehuwden' in Amsterdam achter onder een zeer precair regime.

De brief toont de bureaucratische precisie waarmee de bezetter de laatste resten van Joodse economische aanwezigheid controleerde. De "ontjoding" van de markten was bijna voltooid; slechts een handvol specifiek aangewezen personen mocht nog handelen op de door de overheid gecontroleerde locaties. De betrokkenheid van Omnia en de directeur van het Marktwezen illustreert de samenwerking tussen Duitse instanties en de Amsterdamse gemeentelijke bureaucratie bij het uitvoeren van de anti-Joodse maatregelen.

Kooplieden in dit dossier 100

A. Agsteribbe Waterlooplein
A. Geboorte Waterlooplein
A. Berclou Waterlooplein
A. Boeken Waterlooplein
A. David Waterlooplein
Abraham de Vries Waterlooplein
Abraham de Vries Waterlooplein
A. Goslau Waterlooplein
A. Groenteman Waterlooplein
A. Groenteman Waterlooplein
A. Hagenaar Waterlooplein
A. Hamel Waterlooplein
A. Lisser Uilenburg
A. Locher Uilenburg
A. Locher Uilenburg
Aron Lopes Dias Uilenburg
A. Melhado Uilenburg
A. van Gelder Uilenburg
A. Mok Uilenburg
A. Morpurgo Uilenburg
A. Nikkelsberg Uilenburg
A. Nikkelsberg Uilenburg
A. Polak Uilenburg
A. Prins Uilenburg
A. Roodveldt Uilenburg
A. Roodveldt Uilenburg
A. Sloves Uilenburg
A.S.Noach Uilenburg
A. Snoek Uilenburg
A. Stoppelman Uilenburg
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6