Officiële brief/rapportage
Origineel
Officiële brief/rapportage 23 september 1943 De Directeur (vermoedelijk van de Marktwezen- of Distributiedienst in Amsterdam) De Wethouder voor de Levensmiddelen, Amsterdam (Handgeschreven:) Verzonden 23/9
20/20/10B. M. 2 23 September 1943. SV.
Den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.
===========
In bijlage dezes heb ik de eer U te doen
toekomen, afschriften van een tweetal rapporten
op 17 September jl. opgemaakt door een ambte-
naar van mijn dienst waaruit blijkt, dat A. Brink
sma, geboren 24 Januari 1905, wonende Ten Kate-
straat 99 III, alhier en H.Engel, geboren 30
April 1886, wonende Van der Helstplein 9, alhier
zich hebben schuldig gemaakt aan overtreding van
de distributievoorschriften, namelijk het ver-
koopen van bonloos gebak.
Op grond hiervan heb ik A. Brinksma en
H.Engel voornoemd met ingang van Donderdag 23
September het recht ontzegd om gedurende 14
dagen een plaats op een der markten te dezer
stede in te nemen.
Ik heb ik de eer U beleefd te verzoeken
wel te willen bevorderen, dat in aansluiting
op mijn straf genoemde kooplieden bij Besluit
van den Burgemeester het recht tot het innemen
van een plaats op een der markten hier ter
stede voor onbepaalden tijd wordt ontnomen. Op
grond van het bepaalde in artikel 39 van het
Reglement op de Markten en wel met ingang van
Donderdag 7 October 1943.
De Directeur, * Inhoud: De directeur van een gemeentelijke dienst rapporteert aan de wethouder dat twee marktkooplieden, A. Brinksma en H. Engel, betrapt zijn op het verkopen van gebak zonder distributiebonnen ("bonloos gebak").
* Sancties: De directeur heeft hen reeds direct voor 14 dagen van de markt verwijderd. Hij verzoekt de wethouder nu om de burgemeester te laten besluiten hen voor onbepaalde tijd hun marktplaats te ontzeggen, effectief vanaf 7 oktober 1943.
* Personen:
* A. Brinksma: geb. 24-01-1905, wonende Ten Katestraat 99-III (Amsterdam).
* H. Engel: geb. 30-04-1886, wonende Van der Helstplein 9 (Amsterdam).
* Taalgebruik: Formeel ambtelijk taalgebruik ("ik heb de eer U te doen toekomen", "beleefd te verzoeken"). Opvallend is de typefout "Ik heb ik de eer" in de derde alinea. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze tijd was er sprake van schaarste en waren bijna alle levensmiddelen op de bon. Het verkopen van goederen zonder bonnen ("bonloos") werd streng bestraft, omdat dit het officiële distributiesysteem ondermijnde en vaak geassocieerd werd met de zwarte markt.
De locaties (Ten Katestraat en Van der Helstplein) wijzen direct op Amsterdam, waar de Ten Katemarkt en de Albert Cuypmarkt (nabij Van der Helstplein) belangrijke handelsplaatsen waren. De burgemeester en wethouders stonden in deze periode onder streng toezicht van de bezetter, en handhaving van de distributiewetten was een prioriteit voor het lokale bestuur om de voedselvoorziening (theoretisch) controleerbaar te houden. De straf—het permanent verliezen van de standplaats—was voor de betrokkenen een zware economische slag. * A. Brinksma: geb. 24-01-1905 wonende Ten Katestraat 99-III (Amsterdam).