Doorslag of stempelkopie van een officiële disciplinaire brief/beschikking.
Origineel
Doorslag of stempelkopie van een officiële disciplinaire brief/beschikking. 4 januari 1944. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten, Gemeente Amsterdam). Mevrouw D.E. Metsemakers, Molensteeg 8 I, Amsterdam-Centrum. 20/20/20b.M.
[Handgeschreven in blauw:] Knop(?)
[Handgeschreven in blauw:] Verzonden 7/1
SV
4 Januari 1944.
Mevrouw D.E. Metsemakers
Molensteeg 8 I
Amsterdam-Centrum.
====================
Mij is gerapporteerd, dat U op Uw
plaats op de Nieuwmarkt doordat U aldaar
gebak en/of koek zonder bon verkoopt, de
distributievoorschriften niet naleeft. U
brengt daardoor de goede orde op die markt
in gevaar.
In verband met deze overtreding heb
ik U ingevolge artikel 39 van het Reglement
op de Markten gestraft met ontneming van
het recht tot het innemen van een plaats op
een der markten te dezer stede voor den
tijd van 14 dagen, namelijk van Donderdag
6 tot en met Woensdag 19 Januari 1944,
terwijl aan den Burgemeester de vraag zal
worden voorgelegd of U voor langeren tijd
moet worden uitgesloten.
De Directeur, De brief is een officiële aanzegging van een strafmaatregel tegen een markthandelaarster tijdens de Tweede Wereldoorlog. De kern van de overtreding is het verkopen van gebak of koek zonder distributiebonnen.
De tekst hanteert een strikte, ambtelijke toon. De straf is gebaseerd op artikel 39 van het Marktreglement en bestaat uit een onmiddellijke schorsing van twee weken (van 6 t/m 19 januari 1944) voor alle markten in de stad Amsterdam. Er wordt bovendien gedreigd met een permanente of langdurige uitsluiting, waarover de burgemeester nog moet beslissen. De handgeschreven aantekening "Verzonden 7/1" laat zien dat de administratieve verwerking enkele dagen na de datering van de brief plaatsvond. Tijdens de Duitse bezetting van Nederland was er een nijpend tekort aan grondstoffen en voedsel. Om de schaarse goederen zo eerlijk mogelijk te verdelen, was de 'distributie' ingesteld: men kon alleen producten kopen met officiële bonnen.
Verkoop zonder bonnen werd gezien als 'zwarte handel'. De overheid trad hier streng tegen op, niet alleen vanuit een economisch oogpunt, maar ook om de 'goede orde' en controle te handhaven. De Nieuwmarkt was een belangrijke handelsplek in Amsterdam die in 1944, na de deportaties van de Joodse bevolking uit de aangrenzende buurt, onder streng toezicht stond. Dit document illustreert hoe de gemeentelijke bureaucratie ook onder bezettingstijd nauwgezet toezag op de naleving van de strenge regels in het dagelijks leven. D.E. Metsemakers Gemeente Amsterdam