Getypte ambtelijke brief (waarschijnlijk een doorslag).
Origineel
Getypte ambtelijke brief (waarschijnlijk een doorslag). 28 maart 1944. De Directeur (van een niet nader genoemde gemeentelijke dienst). 8a/31/3M. 28 Maart 1944. VB/SV.
gegevens voor de
Sociale Verzekering
over 1943.
Den Heer Burgemeester
afd. Arbeidszaken, kamer
192,
Raadhuis,
A l h i e r.
===========
Naar aanleiding van Uw circulaire
d.d. 8 Maart jl. no. 62/3 A.V.1943, heb ik
de eer U het volgende te berichten:
a. het aantal personen bij mijn Dienst op
31 December 1943 voor wie premie ingevolge
de Invaliditeitswet verschuldigd is, be-
droeg 7;
b. het totaalbedrag der geldswaarde van de
in het dienstjaar 1943 geplakte renteze-
gels bedroeg f. 180,20;
c. de uitgaven ingevolge het Besluit op de
Vereveningsheffing 1941 waren nihil;
d. gedurende 1943, waren drie G.A.R.-reser-
visten bij mijn dienst gedetacheerd, waar-
van een in den loop van het jaar in vasten
dienst werd aangesteld;
e. aan krijgsgevangenen werden door mijn
dienst geen uitkeeringen gedaan;
f. uitkeeringen aan kraamgeld aan personeel
zonder stamkaart, die daarop geen aan-
spraak krachtens de Ziektewet konden doen
gelden, werden door mijn dienst niet ge-
daan.
De Directeur,
--- * Administratieve verslaglegging: Het document is een antwoord op een circulaire van de burgemeester. Het betreft een jaarlijkse verantwoording van personeelsgegevens en sociale afdrachten over het jaar 1943.
* Gevraagde gegevens:
* Invaliditeitswet: Het aantal werknemers waarvoor premie werd betaald (7 personen).
* Rentezegels: Het bedrag aan geplakte pensioenzegels (180,20 gulden).
* Vereveningsheffing 1941: Een belastingmaatregel ingevoerd tijdens de bezetting; de uitgaven hiervoor waren nul ("nihil").
* G.A.R.-reservisten: De "Gemeentelijke Arbeidsreserve" werd ingezet voor diverse werkzaamheden (zoals puinruimen na bombardementen of onderhoud). Er waren er drie gedetacheerd bij deze dienst.
* Krijgsgevangenen: Er zijn geen uitkeringen gedaan aan krijgsgevangenen (waarschijnlijk Nederlandse militairen in Duitse gevangenschap).
* Kraamgeld: Geen uitkeringen gedaan aan personeel zonder stamkaart (identiteitsbewijs/distributie-gegevens).
--- Dit document stamt uit de late periode van de Duitse bezetting van Nederland (maart 1944). Het toont aan dat de bureaucratische machine van de gemeentelijke overheid, ondanks de oorlogsomstandigheden, nauwgezet bleef functioneren.
Verschillende termen in de brief zijn specifiek voor de oorlogsperiode:
1. Vereveningsheffing 1941: Dit was een door de bezetter ingevoerde loonbelasting die bedoeld was om de loon- en prijsverhoudingen te reguleren, maar vaak ook diende om de bezettingskosten te financieren.
2. Krijgsgevangenen: De verwijzing naar krijgsgevangenen is saillant; in 1943 werden veel Nederlandse militairen die na 1940 waren vrijgelaten, opnieuw in krijgsgevangenschap weggevoerd naar Duitsland.
3. Stamkaart: Het bezit van een stamkaart was essentieel voor distributiebescheiden en identificatie. Werknemers zonder stamkaart (mogelijk onderduikers of mensen met administratieve problemen) werden hier expliciet uitgesloten van bepaalde sociale voorzieningen zoals kraamgeld.